Week 13: 1 april!

Franse editie!
1 / 27
next
Slide 1: Slide
FransPraktijkonderwijsLeerjaar 3

This lesson contains 27 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

Franse editie!

Slide 1 - Slide

Leerdoelen
* ik kan in diverse talen benoemen hoe 1 April heet
* ik kan diverse theorieën benoemen waar 1 April vandaan zou komen
* ik kan benoemen hoe 1 April in NL vroeger heette
* ik kan benoemen uit welke eeuw de eerste 1 April grappen dateren 
* ik kan benoemen uit welk jaar de eerste 1 April grap kwam
* ik kan benoemen waar een goede 1 April grap aan moet voldoen

Slide 2 - Slide

1 April
* Frans = poisson d'avril (Aprilvis)
* Engels = April Fools' Day (April dwazendag)
* Duits = Aprilscherz (Aprilgrap) 
* Russisch = День Дурака = Den Doeraka (dag van de dwaas(heid)).

Slide 3 - Slide

Slide 4 - Video

1 April
Op 1 april houden wij mensen voor de gek. Dit noemen wij de 1 aprilgrap. 
De 1-aprilgrap komt in veel Europese landen voor. 
Waar het precies vandaan komt is onduidelijk. Er zijn verschillende theorieën:
* Het komt van een Middeleeuws festival (grappendag dat lijkt op carnaval)
* Wisseling van seizoenen die boeren vroeger het einde van de winter met grappen en grollen vierden.

Slide 5 - Slide

Geschiedenis
De oudste 1 aprilgrappen dateren uit de zestiende eeuw.
Toen stuurde de baas zijn knecht op pad voor iets wat niet bestaat: bijvoorbeeld een kilo muggentongetjes.

1 april heette vroeger dan ook verzendekensdag, en is ontstaan omdat mensen dan hard op het land moeten werken en behoefte hebben aan plagen en lachen. De oudst bekende grap dateert van 1508 en komt uit Frankrijk.

De oudste opgetekende Nederlandse grap is uit 1561.
In de 19e eeuw was 1 april een kinderfeest.

Slide 6 - Slide

Uit welk jaar kwam de eerste grap?

Slide 7 - Open question

Bedenk iets wat je iemand kan laten halen dat niet bestaat. Bijvoorbeeld een plintenladdertje

Slide 8 - Open question




Welke 1 april grap heb jij wel eens meegemaakt?

Slide 9 - Slide


Wat is belangrijk bij een 1 april grap?
A
Moet echt waar zijn
B
Moet lijken alsof het echt waar is
C
Iemand moet pijn hebben
D
Iemand moet er verdrietig van worden

Slide 10 - Quiz

Le 1er avril
Als je een grapje [farce] op 1 april maakt, roep je in het Frans :      "poisson d'avril", al sinds de 16de eeuw. Die dag kondigt het einde van de vastenperiode aan [ le carême]. Tijdens deze periode was het verboden om vlees te eten voor Christenen. Dan at je dus vis en dat werd vaak als presentje gegeven, echte vissen of juist "nepvissen".

Slide 11 - Slide

On fait des farces le... (we maken grappen op)
A
1er mars
B
1er mai
C
1er avril
D
1er juin

Slide 12 - Quiz

Wat roep je in het Frans als jij een grapje maakt ?
A
poisson d'avril
B
poison d'avril
C
poison de mai
D
poisson de mars

Slide 13 - Quiz

pour terminer....
un petit quiz à partir d'une vidéo

Slide 14 - Slide

Slide 15 - Link

regardez encore une fois la vidéo et répondez aux questions:

combien de poissons d'avril est-ce que Jean Luc fait?
Qu'est-ce que son ami pense de son premier poisson d'avril?
Quel est le nom du vrai poisson d'avril?
Comment la petite Avril a-t-elle rencontré le poisson?
Pourquoi Avril est-elle puni?
Comment réagit le poisson à la punition d'Avril?
Quelle est la conséquence de son acte?
Qu'est-ce qui arrive au juge?
Qu'est ce que l'ami de Jean-Luc pense de cette histoire?

Slide 16 - Slide

Slide 17 - Link

combien de poissons d'avril est-ce que Jean-Luc fait?
A
1
B
2
C
3

Slide 18 - Quiz

Qu'est-ce que son ami pense de son premier poisson d'Avril ?
A
super drôle
B
c'est mauvais

Slide 19 - Quiz

Quel est le nom du vrai poisson d'Avril ?
A
Thierry Latruite
B
Thierry la Frite
C
Thierry la Fuite

Slide 20 - Quiz

Comment la petite Avril a-t-elle rencontré le poisson ?
A
en jouant
B
en pêchant
C
en nageant

Slide 21 - Quiz

Pourquoi Avril est-elle punie ?
A
parce qu'elle a fait une surprise
B
parce qu'elle a gardé le poisson
C
parce qu'elle a fait une bêtise

Slide 22 - Quiz

Comment réagit le poisson à la punition d'Avril ?
A
il veut se venger
B
il veut la manger
C
il veut se suicider

Slide 23 - Quiz

Quelle est la conséquence de son acte ?
A
il est emprisoné
B
il est parti
C
il est pardonné

Slide 24 - Quiz

Qu'est-ce qu'il arrive au juge ?
A
on l'a trouvé tué dans un local
B
on l'a trouvé noyé dans un bocal
C
il s'est échappé

Slide 25 - Quiz

Finalement, qu'est-ce que l'ami de Jean-Luc pense de cette histoire ?
A
il l'a trouve extraordinaire
B
il la trouve ordinaire

Slide 26 - Quiz

Est-ce que l'histoire de Thierry Latruite est un poisson d'avril?
A
oui
B
non

Slide 27 - Quiz