Les 10 steunles ou/au

Spelling
woorden met de ou en au
1 / 19
next
Slide 1: Slide
SpellingBasisschoolGroep 4,5

This lesson contains 19 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 30 min

Items in this lesson

Spelling
woorden met de ou en au

Slide 1 - Slide

Aan het einde van de les kan ik...
woorden met de au of ou goed opschrijven. Dit kan ik doen door zoveel mogelijk te oefenen met deze woorden, omdat het weetwoorden zijn. 

Slide 2 - Slide

woorden met de ou

Slide 3 - Mind map

woorden met de au

Slide 4 - Mind map

woorden met ou of au 
Woorden met au of ou zijn weetwoorden. Deze woorden moet je onthouden. 

1. vr..w                  ____________________
2. l..w                    ____________________
3. r..w                    ____________________
                               _____________________

Slide 5 - Slide

tr..wen
..to
p..w
inh..d

      AU

      OU

      AU

      OU

Slide 6 - Drag question

b....wen

A
OU
B
AU

Slide 7 - Quiz


ougustus
augutus

Slide 8 - Poll

ch..ffeur
OU
AU

Slide 9 - Poll

p..ze
s..s
kab..ter
t..wen

      AU

      OU

      AU

     OU

Slide 10 - Drag question

..towiel

A
OU
B
AU

Slide 11 - Quiz

mevr..w
kabelj..w
..der
wenkbr..w

      AU

      OU

      AU

      OU

Slide 12 - Drag question

..tomatiseren

A
OU
B
AU

Slide 13 - Quiz

Technisch lezen
  1. Docent leest alinea hardop voor
  2. Daarna lezen we samen de alinea hardop (fluister)
  3. Ten slotte lees je de alinea zelf

Slide 14 - Slide

Technisch lezen
  1. Leerling A leest de alinea en leerling B noteert de fouten.
  2. Daarna wisselen.
  3. Leerling A leest de alinea en leerling B houdt de tijd bij en het aantal fouten.
  4. Daarna wisselen.
  5. Als laatste nog 1 keer stap 1 t/m 4; kijken of je jouw tijd kunt verbeteren!

Slide 15 - Slide


       Toneellezen

Slide 16 - Slide

Aan de slag!
Waarom? Je kunt woorden met au/ou goed opschrijven. Je weet wanneer je welke au/ou schrijft. 
Wat? Werkblad maken
Hoe? Alleen
Tijd? 5 minuten
Hulp? Je gaat zelfstandig aan de slag. Bij vragen kom ik langs. 
Klaar? Oefenen via jufmelis.nl -> au/ou

Slide 17 - Slide

Ik kan worden met de au of ou goed opschrijven?
😒🙁😐🙂😃

Slide 18 - Poll

Heb je nog                      vragen?

Slide 19 - Slide