Hij was
schilder: hij maakte beroemde schilderijen zoals de Mona Lisa
Hij was uitvinder / ingenieur: hij bedacht machines op papier, zoals een soort helikopter, tanks, bruggen en oorlogsmachines.
Hij was wetenschapper: hij onderzocht o.a hoe het menselijk lichaam werkt (anatomie),
Hij was architect en kon ontzettend goed tekenen!