Les van 18 maart

Les van 18 maart
Wat gaan we doen?
- Woordenschattest;
- Woordbetekenis online opzoeken;
- Nieuwsbegrip;
- Dictee;
- Spelling: vervolg Thema 4;

1 / 39
next
Slide 1: Slide
Nederlands8th Grade

This lesson contains 39 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 50 min

Items in this lesson

Les van 18 maart
Wat gaan we doen?
- Woordenschattest;
- Woordbetekenis online opzoeken;
- Nieuwsbegrip;
- Dictee;
- Spelling: vervolg Thema 4;

Slide 1 - Slide

Woordenschattest

Ik deel even een ander scherm met je

Slide 2 - Slide

Betekenis van woorden

We gaan even oefenen

Slide 3 - Slide

Betekenis van woorden
Ga naar blz. 31 van je nieuwe Taalboek Thema 5 en maak oefening 1.

Slide 4 - Slide

Betekenis van woorden
Ga naar blz. 31 van je nieuwe Taalboek Thema 5 en maak oefening 2.

Slide 5 - Slide

Betekenis van woorden

Als je een woord niet kent, hoe ga je dan te werk?

Slide 6 - Slide

Betekenis van woorden

Als je een woord niet kent, hoe ga je dan te werk?

Slide 7 - Slide

Betkenis van woorden: stappenplan
- stap 1: Lees door;
- stap 2: Bekijk de omgeving van het woord;
- stap 3: Misschien ken je de betekenis van delen van het woord
- stap 4: Vraag de betekenis aan iemand anders;
- stap 5: Zoek de betekenis op in een (online) woordenboek.
- stap 6: Controleer of de gevonden betekenis klopt met de tekst

Slide 8 - Slide

Even oefenen
Ga naar blz. 40 van je nieuwe Taalboek Thema 5 en maak daar de "eerst proberen" oefening en daarna oefening 1.

Slide 9 - Slide

Afsluiting Thema 5
Volgende week sluiten we het Thema 5 af met een taaltest.

Zorg dat je heel Thema 5 nog eens goed doorkijkt.

Slide 10 - Slide

Klein dictee
We gaan weer even een klein dictee doen. We gaan even kijken wat je al weet van dit nieuwe thema (Thema 4). We doen dat zoals we dat altijd doen: ik lees alles eerst voor en jij typt alle en daarna druk je op 'send'.

Slide 11 - Slide


Slide 12 - Open question

Slide 13 - Link

Nieuwsbegrip
Je hebt een tekst gelezen over "De wolf in Nederland".

Wat vond je ervan?

Slide 14 - Slide

Nieuwsbegrip
Heb je alles begrepen? 

Waren er in de tekst nog moeilijke woorden?

Slide 15 - Slide

Nieuwsbegrip

Ik deel even een ander scherm met je om een nieuwe tekst te bekijken.

Slide 16 - Slide

Nieuwsbegrip
Wat denk je dat de volgende woorden betekenen?

voorzien van                                                               dichtbevolkt
observeren                                                                  verdekt
definitief                                                                       vermoeden
in eerste instantie                                                    het ongemak
het incident                                                                 illegaal
beschouwen als





Slide 17 - Slide

Slide 18 - Slide

Nieuwsbegrip

We gaan even wat opdrachten doen:

Lees de zin en kies het goede antwoord.
In Het Nationale Park De Hoge Veluwe heeft voor het eerst in Nederland een wolf een
zender gekregen. Ook hun prooien: edelherten, reeën en zwijnen worden voorzien van een zender.

Slide 19 - Slide


In Het Nationale Park De Hoge Veluwe heeft voor het eerst in Nederland een wolf een zender gekregen. Ook hun prooien: edelherten, reeën en zwijnen worden voorzien van een zender.
Wat betekent voorzien van?
A
ervoor zorgen dat iets of iemand iets krijgt
B
ervoor zorgen dat iets of iemand iets maakt
C
ervoor zorgen dat iets of iemand iets ziet

Slide 20 - Quiz


In Het Nationale Park De Hoge Veluwe heeft voor het eerst in Nederland een wolf een zender gekregen. Onderzoekers kunnen zo observeren of wolven hun gedrag aanpassen
aan mensen, door hun bewegingen nauwkeurig te bestuderen.
Wat betekent observeren?
A
gedachteloos ergens naar kijken
B
met veel aandacht ergens naar kijken
C
met veel aandacht iets ondernemen

Slide 21 - Quiz


In Nederland werd in 2015 voor het eerst weer een wolf gezien. Inmiddels is de wolf definitief terug. We moeten dus een manier vinden om samen met de wolf te leven.

Wat betekent definitief?
A
blijvend, wat niet meer verandert
B
langdurig, wat na lange tijd verandert
C
tijdelijk, wat binnenkort verandert

Slide 22 - Quiz


In eerste instantie leek de terugkeer van de wolf iets positiefs. Het was een teken dat het goed ging met de natuur in Nederland. Maar de laatste jaren zorgt het roofdier steeds
vaker voor overlast en schade.
Wat betekent in eerste instantie?
A
aan het einde
B
voor altijd
C
aan het begin

Slide 23 - Quiz


“We beschouwen het park als een levend laboratorium”, vertelt Frank van Langevelde,
hoogleraar aan de universiteit Wageningen (WUR). Het is belangrijk om onderzoek te doen naar het gedrag van de wolf in zijn leefomgeving.
Wat betekent beschouwen als?
A
uitspreken als
B
veranderen in
C
zien als
D
weten als

Slide 24 - Quiz


Half oktober lukte het de onderzoekers om een wolf te verdoven en een chip te geven. De onderzoekers vermoeden dat de wolf vijf of zes jaar oud is, maar ze weten het niet zeker.
Wat betekent vermoeden?
A
denken dat iets zo is
B
wensen dat iets zo is
C
zeker weten dat iets zo is

Slide 25 - Quiz

De speeltuin wordt door sommige mensen gezien als een grote vuilnisbak. Ze laten al
hun afval slingeren.
Kies het goed antwoord
A
De mensen vermoeden dat de speeltuin een vuilnisbak is
B
In eerste instantie was de speeltuin een vuilnisbak.
C
Sommige mensen beschouwen de speeltuin als een grote vuilnisbak

Slide 26 - Quiz

Welk woord?

Welk woord past het beste op de open plek in de kop van deze tekst?

Slide 27 - Slide

Winkelbrand onder woningen, politie ... brandstichting

Een winkelpand in Apeldoorn is zwaar beschadigd geraakt door een brand. Debrandweer trof bij aankomst een brandende voordeur aan. Uit onderzoek van de politiebleek dat iemand bij de voordeur rommelde vlak voordat de brand uitbrak.
A
observeert
B
voorziet van
C
vermoedt

Slide 28 - Quiz


Het is lastig om een wolf te chippen. “Een wolf is gruwelijk slim. Je moet uit de wind zitten, en verdekt zijn opgesteld”, zegt Jakob Leidekker van De Hoge Veluwe. Zodra de wolf doorheeft dat je er bent, zal hij zich namelijk niet laten zien.
Wat betekent verdekt?
A
droog
B
verborgen
C
zichtbaar

Slide 29 - Quiz

Spelling

In de spelling wordt het voltooid deelwoord weer herhaald.
We gaan er even mee oefenen

Slide 30 - Slide

De leerlingen hebben hun huiswerk zorgvuldig ______ voordat de les begon. (maken)

Slide 31 - Open question

De brief is gisteren door de postbode
A
bezorgt
B
bezorgd geweest
C
bezorgd
D
bezorgt geweest

Slide 32 - Quiz

Mijn broer heeft zijn sleutels waarschijnlijk ergens ______ (verliezen).

Slide 33 - Open question

Mijn zus heeft haar kamer helemaal
A
opgeruimdt
B
opgeruimt
C
opgeruimd

Slide 34 - Quiz

De brandweer heeft het vuur gelukkig snel ______ (blussen).

Slide 35 - Open question

De hond heeft het koekje snel

A
opgegeten
B
opgeëten
C
opgeeten
D
opgeete

Slide 36 - Quiz

Ik heb mijn tas al drie keer ______, maar mijn boek zit er niet in. (doorzoeken)

Slide 37 - Open question

Werkwoordspelling algemeen

We gaan nog even oefenen met de werkwoordspelling.

Slide 38 - Slide

Werkwoordspelling algemeen

Zie de slides van 4 maart: vanaf slide 32.

Slide 39 - Slide