V1L vrijdag 30 april

  Bonjour V1L!
1 / 41
next
Slide 1: Slide
FransMiddelbare schoolvwoLeerjaar 1

This lesson contains 41 slides, with interactive quizzes, text slides and 3 videos.

time-iconLesson duration is: 40 min

Items in this lesson

  Bonjour V1L!

Slide 1 - Slide

Planning 30/4: faire un quiz!
Er volgt eerst een filmpje, daarna wat "weetjes", weer een filmpje........
Fais de ton mieux! 

Slide 2 - Slide


Tu vas regarder un petit vidéo de la France.

Je gaat een kort filmpje bekijken over Frankrijk.
Welke sporten komen er voorbij?

Slide 3 - Slide

0

Slide 4 - Video

Welke sporten zag je in het filmpje?

Slide 5 - Open question



Kijk nog een keer naar hetzelfde filmpje.  

Daarna wordt gevraagd:
Welke plekken heb je herkend?

Slide 6 - Slide

0

Slide 7 - Video

Welke plekken heb je herkend?

Slide 8 - Open question


Hoe heet de Eiffeltoren in het Frans ?
A
La Tour Eiffel
B
La Tour d'Eiffel
C
Le Tour Eiffel
D
Le Eiffeltour

Slide 9 - Quiz

Hoe hoog is de Eiffeltoren zonder antenne?
A
ongeveer 330 meter
B
ongeveer 324 meter
C
ongeveer 317 meter
D
ongeveer 305 meter

Slide 10 - Quiz


Hoeveel inwoners heeft Frankrijk ?
A
60 miljoen
B
50 miljoen
C
89 miljoen
D
67 miljoen

Slide 11 - Quiz


Hoe heet deze Parijse voetbalclub ?
A
Paris Saint-Michel
B
Paris Saint-Germain
C
Paris Stade de France
D
Paris Germain

Slide 12 - Quiz

Wat is een 'croque-monsieur' ?
A
een oude meneer
B
een tosti
C
een buurman
D
macaroni met kaas

Slide 13 - Quiz


Wat is de nationaliteit van de zanger Kenny B ?
A
Surinaams
B
Nederlands
C
Surinaams-Nederlands

Slide 14 - Quiz

Hoe heet deze stripfiguur in het Frans ?
A
Tintin
B
Kuifje
C
Martin
D
Gaston

Slide 15 - Quiz

In welke animatiefilm speelt deze muis ?
A
Madagascar
B
Intouchables
C
Ratatouille
D
Ma vie de Courgette

Slide 16 - Quiz


Op welke straat in Parijs eindigt de Tour de France ?
A
Op de Place des Invalides
B
Op Rue Montmartre
C
Op de Champs Elysées
D
Op Rue Tour de France

Slide 17 - Quiz

Welke delicatessen zijn 'escargots' ?
A
wormen
B
kakkerlakken
C
vissen
D
slakken

Slide 18 - Quiz

Hoe zeg je "fijne dag!" in het Frans?
A
bonne soirée!
B
bonjour!
C
bonne journée!
D
bonne nuit !

Slide 19 - Quiz


'J'aime la France' betekent : 
A
Ik hou van Frans
B
Hij houdt van Frans
C
Ik hou van Frankrijk
D
Ik hou van Fransen

Slide 20 - Quiz

Van welk Frans modemerk is dit?
A
Coco Chanel
B
Christian Dior
C
Louis Vuitton
D
Zadig et Voltaire

Slide 21 - Quiz

Welke letter kunnen de Fransen in het Nederlands niet goed uitspreken ?
A
de K
B
de H
C
de B
D
de S

Slide 22 - Quiz

Maintenant: des Français qui essaient de parler néerlandais....

Slide 23 - Slide

Slide 24 - Video


Hoe bestel je bij de bakker
 5 croissantjes en 1 stokbrood' ?
A
Je voudrais cinq baguettes et un croissant
B
Je voudrais cinq croissants et cinq baguettes
C
Je voudrais cinq croissants
D
Je voudrais cinq croissants et une baguette

Slide 25 - Quiz

Als je iemand mag 'tutoyeren' dan mag je..?
A
die persoon met 'je' en 'jij' aanspreken
B
die persoon wegsturen
C
die persoon totaal negeren
D
die persoon tatoeëren

Slide 26 - Quiz

Wat is het landnummer van Frankrijk?
A
31
B
33
C
44
D
18

Slide 27 - Quiz

c'est fini

Slide 28 - Slide

Au revoir!!

Slide 29 - Slide

Welk beroemd gebouw zie je hier?

Slide 30 - Open question

Welk schilderij is dit?

Slide 31 - Open question

Wat is het Franse woord voor ketting?
A
Armoire
B
Collier
C
Volée
D
Reine

Slide 32 - Quiz

Wat betekent:
J'achète le collier
A
Ik steel de ketting
B
Ik verkoop de ketting
C
Ik koop de ketting
D
Ik pak de ketting

Slide 33 - Quiz

Wie is:
Arsène Lupin
A
Een meester
B
Een dief
C
Een verkoper
D
Een schrijver

Slide 34 - Quiz

Mon père est un voleur
A
Mijn vader is een vriend
B
Mijn vader is een agent
C
Mijn vader is een dief
D
Mijn vader is een acteur

Slide 35 - Quiz

Welk beroemd monument zie je hier?

Slide 36 - Open question

Maintenant tu connais!
Wat kent/weet de man nu?

Slide 37 - Open question

Wat betekent:
Mais pas régardé
A
Maar niet gekeken
B
Maar alleen gekeken

Slide 38 - Quiz

Hoe ontkomt de hoofdpersoon steeds aan de politie?

Slide 39 - Open question

Wat is de datum die je ziet in het Nederlands?

Slide 40 - Open question

Welk beroemd gebouw zie je hier?

Slide 41 - Open question