SE 1 (Les 7.1) Herhaling Mens en Gezondheid en Activiteit

1 / 41
next
Slide 1: Slide
Zorg en WelzijnMiddelbare schoolvmbo b, kLeerjaar 3

This lesson contains 41 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 140 min

Items in this lesson

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Startklaar
  • Welkom Klas! 
  • Ga allemaal op je plek zitten. 
timer
3:00

Slide 2 - Slide

1. Startklaar
Bij de start van iedere les verwelkomt de docent de leerlingen bij de ingang van de deur, noemt leerlingen bij naam, maakt oogcontact en besteedt aandacht aan hun welbevinden. De docent geeft het goede voorbeeld en spreekt hoge verwachtingen uit voor het verloop van de les door succescriteria op gewenst gedrag, schooltaal en effectief leren te benoemen. De leerlingen zijn startklaar: ingelogd in LessonUp, telefoons opgeborgen in het Zakkie, en JdW-map op tafel.
      Leerdoelen
Aan het einde van de les kan je: 
  • Belangrijke begrippen uit de module M&G en M&A benoemen en uitleggen (R)

  • Opdrachten maken met de theorie die we eerder hebben geoefend. (T1)

Slide 3 - Slide

3. Leerdoelgericht werken
De docent geeft het onderwerp, RTTI geformuleerde leerdoelen en de lesopbouw aan. De docent weet de leerdoelen goed te laten aansluiten bij de voorkennis en het (taal)niveau van de leerlingen. Gedurende de les wordt continu een terugkoppeling naar de leerdoelen gemaakt om de mate van beheersing te controleren.   
Herhaling Mens en Gezondheid

Slide 4 - Slide

This item has no instructions

Slide 5 - Slide

This item has no instructions

JdW-kijkwijzer
Lesopbouw:

  1. Vooraf:
    Startklaar, Voorkennis activeren, Formatief Handelen

  2. Instructie:
    Leerdoelgericht werken, Inclusieve didactiek, Concrete en herkenbare voorbeelden, Formatief Handelen

  3. Toepassing:
    Actieve verwerking, Formatief handelen 

  4. Evaluatie:
    Afsluiting

Slide 6 - Slide

This item has no instructions

Gezonde leefstijl
Begrip:
Leefstijl de manier van leven.

Dit zijn de keuzes die iemand maakt op het gebied van gezondheid, zoals voeding, beweging, ontspanning, slaap, verslaving en sociale contacten.



Slide 7 - Slide

sleutelwoord
Gezondheid kan beïnvloed worden door omgevingsfactoren. Wat is een
voorbeeld van een omgevingsfactor?



A
Sociale steun of sociale druk.
B
aanleg hebben om dik te worden
C
dagelijks een appel eten
D
wonen naast een snelweg

Slide 8 - Quiz

This item has no instructions

Bij welke soort gezondheid hoort de volgende zin: ‘Bibi ervaart veel
stress op haar werk.’




A
Sociale gezondheid.
B
Mentale gezondheid.
C
Lichamelijke gezondheid.
D
Fysieke gezondheid.

Slide 9 - Quiz

This item has no instructions

Voedingsmiddelen = Alles wat je eet en drinkt
Voorbeelden: brood, groente, fruit, vlees, zuivel, frisdrank




Voedingsstoffen:  Bouwstenen uit ons eten en drinken.
koolhydraten, vetten, mineralen, eiwitten, vitaminen

Slide 10 - Slide

This item has no instructions

Macrovoedingsstoffen
(grote hoeveelheden nodig, leveren energie of bouwstoffen)
  • Koolhydraten → energie
Zit in: brood, rijst, pasta, aardappelen, fruit, suiker

  • Vetten → energie + bouwstof
Zit in: olie, boter, noten, vis, vlees, snacks

  • Eiwitten → bouwstoffen (spieren, herstel)
Zit in: vlees, vis, eieren, zuivel, peulvruchten, vleesvervangers

Slide 11 - Slide

This item has no instructions

Hoe heet het snel klein snijden van producten zoals peterselie of noten?

A
Raspen.
B
Hakken.
C
Snipperen.
D
Schaven.

Slide 12 - Quiz

This item has no instructions

Microvoedingsstoffen
(kleine hoeveelheden nodig, regelen processen in het lichaam)
  • Vitaminen
Zit in: groente, fruit, volkoren producten, melk, vis

  • Mineralen:
Calcium → melk, kaas, yoghurt
IJzer → vlees, groene groenten, volkoren brood
Natrium → zout, brood, bewerkte producten

Slide 13 - Slide

This item has no instructions

Welke voedingsstof is voor sporters belangrijk bij de opbouw en het herstel van weefsels?

A
Eiwitten
B
Koolhydraten
C
Vetten
D
Vitamines

Slide 14 - Quiz

This item has no instructions

Bij welke soort gezondheid hoort de volgende zin: ‘Bibi ervaart veel
stress op haar werk.’




A
Sociale gezondheid.
B
Mentale gezondheid.
C
Lichamelijke gezondheid.
D
Fysieke gezondheid.

Slide 15 - Quiz

This item has no instructions

3.3 Gezonde voeding
Gezonde voeding is belangrijk voor zowel lichamelijke als geestelijke gezondheid. Het omvat het maken van bewuste keuzes zoals:

• Gevarieerd en vers eten;
• Niet te veel eten;
• Het beperken van suiker en zout;
• Het kiezen van voedingsmiddelen met hoge voedingswaarde.

Gezond eten vermindert het risico op ziektes, zorgt voor energie en voedingsstoffen en helpt bij het behouden van een gezond gewicht.

Slide 16 - Slide

This item has no instructions

Wat betekent FIFO vullen?

Slide 17 - Open question

This item has no instructions

Koksmes
Dunschiller
Zeef
Garde
Pannenlikker

Slide 18 - Drag question

This item has no instructions

Hoe krijg je vitamine D binnen?



A
Als je regelmatig melk drinkt.
B
Als je vaak sport.
C
Als je regelmatig in de zon bent.
D
Als je veel groente eet.

Slide 19 - Quiz

This item has no instructions

Schijf van Vijf

Slide 20 - Slide

This item has no instructions

Welke producten horen in het roze vak van de Schijf van Vijf?




A
Eieren en zilvervliesrijst
B
Kaas en zilvervliesrijst
C
Yoghurt en eieren
D
Yoghurt en roomboter

Slide 21 - Quiz

This item has no instructions

Van welk begrip is dit de omschrijving: ‘Kunstmatige hulpmiddelen die
het product bijvoorbeeld langer houdbaar maken.’?


.
A
Additieven
B
Allergenen
C
Voedingsclaims
D
Voedingswaarden

Slide 22 - Quiz

This item has no instructions

Wat geeft 'THT' aan op voorverpakte voedingsmiddelen?




A
Dat het product nog veilig te gebruiken is tot de datum op de verpakking.
B
Dat een geopend verpakking nog lang houdbaar is.
C
Dat het voorverpakte product snel bederft.
D
Dat de kwaliteit van het product is gegarandeerd tot de datum op de verpakking.

Slide 23 - Quiz

This item has no instructions

5.3 Diëten

Mensen volgen een dieet om verschillende redenen, zoals:
• gewichtsverlies;
• gezondheidsproblemen;
• sportprestaties;
• zwangerschap;
• voedselintoleranties en allergieën.

Slide 24 - Slide

This item has no instructions

5.4 Soorten diëten
Er zijn verschillende soorten diëten:

1. Voedingsstofbeperkte diëten beperken bepaalde voedingsstoffen, zoals zout of lactose.
2. Voedingsstofvrije diëten sluiten bepaalde voedingsstoffen volledig uit, zoals gluten of koemelk.
3. Voedingsstofverrijkte diëten bevatten meer van bepaalde voedingsstoffen, zoals eiwitten en calorieën.

Slide 25 - Slide

This item has no instructions

Welk voedingsmiddel mag er bij de volgede diëten niet worden gegeten?
Natriumarm dieet
Energiebeperkt dieet
Glutenvrij dieet
Lactose vrij dieet

Slide 26 - Drag question

This item has no instructions

9.5 Keukenapparatuur en -gereedschappen 

Slide 27 - Slide

This item has no instructions

Koksmes<div><br></div>
Officemes
Dunschiller
Snijplank

Slide 28 - Drag question

This item has no instructions

Bereidingstechnieken
  • Blancheren(Snel en kort koken in kokend water)
  • Koken 🍲: ( in water van 100 graden, iets laten garen).
  • Stomen 🌫️:( Garen van product met stoom).
  • Au bain-marie: ( Pan met heet water, waarin een pan past)
  • Bakken🍳:( Bruin bakken en garen in een koekenpan)
  • Frituren 🍟:(Bruinbakken in heet vet tot 180 graden)

Slide 29 - Slide

This item has no instructions

Wanneer kan een energiebeperkt dieet nodig zijn?

A
Als iemand een te hoge BMI heeft.
B
Als iemand een reumatische aandoening heeft
C
Als iemand een allergie voor noten heeft.
D
Als iemand een te laag lichaamsgewicht heeft.

Slide 30 - Quiz

This item has no instructions

Herhaling Mens en activiteit

Slide 31 - Slide

This item has no instructions

Slide 32 - Slide

This item has no instructions

Soorten activiteit
Sociale activiteit = Samen zijn met mensen en in contact zijn.
Recreatieve activiteit = Om te kunnen ontspannen. 
Sportieve activiteit = Lichamelijk in beweging zijn.
Educatieve activiteit = Waar je van leert.
Individuele activiteit = Wat je alleen kunt doen

Slide 33 - Slide

This item has no instructions

Door zijn slechte gehoor heeft Teun een achterstand opgelopen in zijn ontwikkeling. Bij welk gebied van ontwikkeling hoort dit?
A
Sociaal-emotioneel
B
Geestelijk
C
Lichamelijk
D
Alle gebieden

Slide 34 - Quiz

This item has no instructions

In de pauze koppelt de juf Teun steeds aan een ander kind. Zo blijft hij niet alleen. Voor welk ontwikkelgebied voorkomt de juf zo een achterstand?
A
Sociaal-emotioneel
B
Geestelijk
C
Lichamelijk
D
Alle gebieden

Slide 35 - Quiz

This item has no instructions

 Homogene en heterogene groepen
Homogene groepen zijn groepen met de zelfde eigenschappen, interesse, leeftijd of geslacht.

Heterogene groepen zijn groepen met verschillende eigenschappen, interesse, leeftijd of geslacht.

Slide 36 - Slide

This item has no instructions

HOMOGENE GROEP
HETROGENE GROEP
Jongens en meisje
Zelfde interesses
Zelfde leeftijd
Een groep meisjes 
Een groep kinderen van 8 tot 12 jaar

Slide 37 - Drag question

This item has no instructions

Er is een methode ontwikkeld om actief te luisteren, deze heet LSD. Waar zou LSD voor staan?
A
Luisteren, stellig zijn en doorvragen
B
Luisteren, samenvatten en doorgaan.
C
Let op, stel vragen en doorvragen.
D
Luisteren, samenvatten en doorvragen.

Slide 38 - Quiz

This item has no instructions

Opdracht 
  1. Maak een samenvatting voor je toets.
  2. Maak toets vragen voor jezelf.


timer
40:00

Slide 39 - Slide

Is je klas te snel klaar? Pak een oud examen en oefen samen.

Neem de tijd om dingen uit te leggen en rekenopdrachten te maken.

Je kunt ook nog een SO geven.
       Terugkijken op            de leerdoelen
Je kan: 
  • Belangrijke begrippen uit de module M&G en M&A benoemen en uitleggen (R)
  • Opdrachten maken met de theorie die we eerder hebben geoefend. (T1)

Slide 40 - Slide

3. Leerdoelgericht werken
De docent geeft het onderwerp, RTTI geformuleerde leerdoelen en de lesopbouw aan. De docent weet de leerdoelen goed te laten aansluiten bij de voorkennis en het (taal)niveau van de leerlingen. Gedurende de les wordt continu een terugkoppeling naar de leerdoelen gemaakt om de mate van beheersing te controleren.   
Einde van de les
Bedankt voor je aandacht
Wees trots op wat je hebt bereikt vandaag
Neem mee wat goed is gegaan, verbeter zaken indien nodig
Laat je plekje netjes achter
(tafeltjes recht, stoelen aanschuiven en rommel opruimen)

Slide 41 - Slide

This item has no instructions