2MH les 52.3 D Grammaire et Écrire

1 / 21
next
Slide 1: Slide
FransMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 1

This lesson contains 21 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 15 min

Items in this lesson

Slide 1 - Slide

Le planning

  • LessonUp met uitleg en oefeningen over D Grammaire et Écrire (klassikaal).
  • D Grammaire et Écrire online maken (klassikaal starten, zelfstandig verder).

Slide 2 - Slide

Chapitre 2, bron D 
Pak je boek op p. 91.

Dit is stof voor de toetsweek. Dus ga er goed voor zitten :)

Slide 3 - Slide

Vous êtes prêts?
Klaar voor?
😒🙁😐🙂😃

Slide 4 - Poll

Geef voorbeelden van bijvoeglijke naamwoorden in het Nederlands.

Slide 5 - Mind map

Kies het bijvoeglijk naamwoord van de zin:
Youssef est un garçon marocain.
A
Youssef
B
est
C
un garçon
D
marocain

Slide 6 - Quiz

Kies het bijvoeglijk naamwoord van de zin:
Il habite dans une grande maison.
A
habite
B
dans
C
grande
D
maison

Slide 7 - Quiz

Het bijvoeglijk naamwoord
Youssef est petit.                                 Youssef is klein.
Yasmine est petite.                             Yasmine is klein.
Youssef et Ibrahim sont petits.     Youssef en Ibrahim zijn klein.
Yasmine et Léa sont petites.          Yasmine en Léa zijn klein.

  • Het bijvoeglijk naamwoord past zich het zelfstandig naamwoord aan.

Slide 8 - Slide

Slide 9 - Slide

Het bijvoeglijk naamwoord
C'est une grande famille.                 Het is een grote familie.

Je moet dus weten of het zelfstandig naamwoord mannelijk, vrouwelijk of meervoud is. 

Als je dit niet zeker weet zoek je dit op in de woordenlijst achterin je boek (le/la of m of v). 

Slide 10 - Slide

Kies het juiste antwoord.
Léa est une fille ______________ (blond).
A
blonde
B
blond

Slide 11 - Quiz

Kies het juiste antwoord.
C'est un film ______________ (intéressant).
A
intéressant
B
intéressante

Slide 12 - Quiz

Slide 13 - Slide

Sleep de bijvoeglijke naamwoorden naar het juiste vakje. 
vieille
belles
bonne
nouveaux
bons
beaux
vieux
nouveau
bon
beau

Slide 14 - Drag question

Kies het juiste antwoord.
J'habite dans une ______________ maison (nieuw).
A
nouveau
B
nouvelle
C
beau
D
belle

Slide 15 - Quiz

Kies het juiste antwoord.
Ce sont des ______________ filles (mooie).
A
vieux
B
vieille
C
beau
D
belles

Slide 16 - Quiz

Ik kan het bijvoeglijk naamwoord toepassen.
😒🙁😐🙂😃

Slide 17 - Poll

D Grammaire et Écrire maken
We nemen de opdrachten door die je moet doen. Kijk naar het scherm dat ik deel.


De opdrachten moeten deze les af zijn (online controle):

exercice 16 b, c, d, e et 17 a, b, c 

Slide 18 - Slide

D Grammaire et Écrire maken

Ga naar de online methode. Volg de stappen:

Magister -> Frans -> 2HV -> Chapitre 2 -> B Lire

Slide 19 - Slide

Is het gelukt?
0100

Slide 20 - Poll

Bonnes vacances!! 

Slide 21 - Slide