7.4 Evolutie onderzocht

Hoofdstuk 7
7.4 Ontwikkeling van evolutietheorie
1 / 15
next
Slide 1: Slide
BiologieMiddelbare schoolvwoLeerjaar 4

This lesson contains 15 slides, with interactive quizzes, text slides and 2 videos.

time-iconLesson duration is: 30 min

Items in this lesson

Hoofdstuk 7
7.4 Ontwikkeling van evolutietheorie

Slide 1 - Slide

Programma
  • Leerdoelen
  • Bibliotheek-tijd
  • Instructie
  • Verwerken

Slide 2 - Slide

Leerdoelen
1.  Je kunt benoemen wat generatio spontanea en het experiment van Miller inhoudt.
2. Je kun de stappen van de eerste cellen tot meercellige benoemen.
3. Je kunt uitleggen wat de endosymbiosetheorie inhoudt.
4. Je kunt cladogrammen aflezen.


Slide 3 - Slide

Bibliotheektijd
Lezen blz. 243 - 245

timer
10:00

Slide 4 - Slide

Filmpjes
1.  Je kunt in de YouTube-filmpjes Nederlandse ondertiteling aanzetten (via instellingen; ondertiteling...automatisch vertalen). Wellicht helpt dit als je Engels moeilijk te volgen vindt.


Slide 5 - Slide

Slide 6 - Video

Van eencellig tot meercellige
1. De eerste cellen:
-> Chemische reacties vormen soort celmembraan met RNA/DNA.

2. De eerste organismen:
-> Anaerobe heterotrofe bacteriën (op den duur organische stoffen tekort), toen……
-> Foto-autotrofe bacteriën (zuurstof en zelfvoedend door fotosynthese)
 



Slide 7 - Slide

Van eencellig tot meercellige
3. Eukaryote (met celkern) cellen:
-> Prokaryoten gaan symbiose met elkaar aan (endosymbiosetheorie)
-> prokaryoten nemen elkaar op en groeien uit tot celorganellen (mitochondriën en chloroplasten).
-> Binas tabel 94C

4. Meercellige:
-> Cellen gaan samenwerken -> weefsels -> organen -> etc.

 



Slide 8 - Slide


Direct na het ontstaan van de aarde was volgens de evolutietheorie de aardatmosfeer....
A
direct al zeer geschikt voor alle latere organismen.
B
wel geschikt voor heterotrofe organismen maar nog niet voor autotrofe organismen.
C
pas geschikt voor de huidige organismen na activiteiten van heterotrofe organismen
D
pas geschikt voor de huidige organismen na activiteiten van autotrofe organismen.

Slide 9 - Quiz

Neem de animaties op onderstaande site goed door.

Slide 10 - Slide


A
Mitochondriën en ribosomen
B
Ribosomen en golgi-systeem
C
Golgi-systeem en chloroplasten
D
Chloroplasten en mitochondriën

Slide 11 - Quiz

Slide 12 - Video

De stamboom in de bron toont de afstamming van een aantal beukensoorten (het geslacht Fagus) in een zogenaamd areacladogram. Hierin is ook het verspreidingsgebied van de soorten aangegeven. Ze kwamen alle voor op het zuidelijk supercontinent Gondwanaland.

Tussen welke soorten beuken is de verwantschap het grootst?
A
tussen Fagus betuloides en Fagus nitida
B
tussen Fagus betuloides en Fagus mensziesii
C
tussen Fagus betuloides en Fagus dombeyi
D
tussen Fagus betuloides en Fagus balance

Slide 13 - Quiz

Verwerken
  • Ga naar de planner op It's Learning en maak de opdrachten bij de les: Evolutie onderzocht (Paragraaf 8.5).
    -> Basis: in ieder geval
    -> Extra hulp: als je denkt de leerdoelen nog niet te beheersen.
    -> Verdieping: bij uitdaging of ter oefening van toets/examenvragen.
  • Kijk de gemaakte opdrachten ook na. De antwoorden staan onder bronnen (hoofdstuk 8).
  • Mail je vragen naar je docent of maak gebruik van het chat-uurtje.

Slide 14 - Slide

Leerdoelen
1.  Je kunt benoemen wat generatio spontaneu en het experiment van Miller inhoudt.
2. Je kun de stappen van de eerste cellen tot meercellige benoemen.
3. Je kunt uitleggen wat de endosymbiosetheorie inhoudt.
4. Je kunt cladogrammen aflezen.


Slide 15 - Slide