Rekenen NU PW/OA 3.4

Rekenen Hoofdstuk 3.4
1 / 15
next
Slide 1: Slide
RekenenMBOStudiejaar 1

This lesson contains 15 slides, with text slides.

Items in this lesson

Rekenen Hoofdstuk 3.4

Slide 1 - Slide

Mededelingen
Planning Rekenen - zie TEAMS - bestanden!

Start Hoofdstuk 3 met het maken van de instaptoets! Is verplicht!
Op basis van de resultaten krijg je meer of minder instructie!
Gebruik van rekenmachine is NIET toegestaan bij dit hoofdstuk!

Hoe ontstaat je cijfer voor deze periode?
Cijfer toets H3 + opdrachten H3 hebben gemaakt.
  • Minimaal 55% behaald voor paragraaf 3.1 t/m 3.6 = 1 punt extra
  • Als je op de instaptoets min. 85% hebt behaald, hoef je alleen 3.6 +  examenopdrachten te maken.

Slide 2 - Slide

Deze les: OA1B
Instaptoets H3 niet af? Ik verwacht je bij de rekenen niveau les om 11.15 in lokaal 205!


Vandaag instructie 3.1
(graag in het midden van het lokaal zitten.
Patrick, Mirte, Ylja, Janneke, Brend, Cherine, Merel, Anna, Jorian, Lisa, Daniël
Hester, (geen instaptoets)

ZW 3.1-3.6: Limke, Sil, Sabine, Esther, Gryt Janna, Rikus, Stien, Lucas, Esmée, Tessa, Eef, Marloe, Elske 
ZW 3.6 en examenopdrachten: Lotte

Rekenen-niveau:
< 40% + studenten die instaptoets nog af moeten maken 

Slide 3 - Slide

Hoofdstuk 3 
Decimale en negatieve getallen
3.1 optellen en aftrekken met negatieve getallen
3.2 vermenigvuldigen met decimale getallen
3.3 delen met decimale getallen
3.4 afronden
3.5 optellen en aftrekken met negatieve getallen
3.6 Gemengde opdrachten
Oefentoets Hoofdstuk 3

Slide 4 - Slide

Terugblik vorige les:   
Waar moet je op letten bij deze sommen?
Welk stappenplan gebruikten we?
 

    3.3 delen met decimale getallen
    
Nog vragen hierover?


Slide 5 - Slide

Lesdoelen 3.4
  • Afronden van decimale getallen

Slide 6 - Slide

Delen door 10 / 100 / 1000 - 0,1 / 0,01 / 0,001
Werk de sommen uit... welke zijn het makkelijkst?

a. 4,36 + 27,87 of b. 0,708 + 309,4 


c. 234, 34 - 2,2 of d. 345, 4 - 2,3 


Slide 7 - Slide

a. 4,36 + 27,87 of b. 0,708 + 309,4

Slide 8 - Slide

a. 4,36 + 27,87 of b. 0,708 + 309,4
Let op!!! Afronden met geldbedragen 
werkt anders.

Slide 9 - Slide

Slide 10 - Slide

Slide 11 - Slide

Melkbroodjes wit 
6 stuks
Laura koopt 18 melkbroodjes en betaalt met een briefje van 10 euro.



Hoeveel euro krijgt Laura terug?
Contante betalingen worden bij de kassa afgerond op 5 cent. 

Slide 12 - Slide

Melkbroodjes wit 
6 stuks
Laura koopt 18 melkbroodjes en betaalt met een briefje van 10 euro.



Hoeveel euro krijgt Laura terug?
Contante betalingen worden bij de kassa afgerond op 5 cent. 

Slide 13 - Slide

Erik neemt op 1 maart 2017 de meterstand op de foto op.
De energieleverancier rondt bij de jaarafrekening de meterstand af op hele kubieke meters (m3).
 
  1. De afgeronde meterstand is 30925 m3.
  2. Op 1 maart 2016 was de meterstand 28668,093. Afgerond is dit 28668 m3.
  3. Op de jaarafrekening zal een verbruik staan van 2257 m3











Slide 14 - Slide

Zelfstandig werken
Wat
Paragraaf 3.4
Hoe
Zelfstandig 
Gebruik rekenmachine NIET toegestaan!
Hulp
Uitleg in NU, vragen aan docent
Tijd
Overige lestijd + evt. thuis afmaken
Klaar?
Starten met 3.5
timer
13:00

Slide 15 - Slide