2.2

Goedemiddag! Vandaag:

1. Begin uitleg 2.2
2. Proefwerk inkijken
3. Opdrachten maken

Denk hier aan

1. Aan het begin van de les is je laptop dicht.
2. Als de PowerPoint op het bord kom wil ik beginnen.
3. Tijdens de uitleg ben je stil en steek je hand op als je iets wil zeggen.
1 / 20
next
Slide 1: Slide
AardrijkskundeMiddelbare schoolvwoLeerjaar 1

This lesson contains 20 slides, with interactive quiz and text slides.

time-iconLesson duration is: 30 min

Items in this lesson

Goedemiddag! Vandaag:

1. Begin uitleg 2.2
2. Proefwerk inkijken
3. Opdrachten maken

Denk hier aan

1. Aan het begin van de les is je laptop dicht.
2. Als de PowerPoint op het bord kom wil ik beginnen.
3. Tijdens de uitleg ben je stil en steek je hand op als je iets wil zeggen.

Slide 1 - Slide

Slide 2 - Slide

Slide 3 - Slide

Wat weet je over Australië?

Slide 4 - Mind map

Ongelijke spreiding
Australië is een groot land en heeft een lage bevolkingsdichtheid:
3 inwoners per km2, maar ongelijke bevolkingsspreiding

Meeste mensen wonen aan oostkust. Binnenland leeg en bijna onbewoond. 

Rekenen: Bevolkingsdichtheid = aantal inwoners : oppervlakte

Slide 5 - Slide

Outback
Ongelijke bevolkingsspreiding door: hoeveelheid neerslag

Kustgebied: voldoende neerslag voor plantengroei (akkers, weiland & bos)
Binnenland: hoe verder van zee, hoe droger = outback

Slide 6 - Slide

Slide 7 - Slide

Temperatuur in Australië

Slide 8 - Slide

Outback
In outback: Droog -> geen akkers, alleen vee. Hier extensieve veeteelt = weinig vee per hectare
In het kustgebied: akkers en vee
Hier intensieve veeteelt = veel vee per hectare
Akkerbouw met irrigatie (kunstmatige bewatering) 

Slide 9 - Slide

Irrigatie: kunstmatige bewatering van gewassen op akkers 

Slide 10 - Slide

Zelfstandig werken
Paragraaf 2.2
Wat: Opdrachten 1 t/m 5
Hoe: Overleg fluisterend
Tijd: Tot einde van de les 
= Huiswerk volgende les


Slide 11 - Slide

Droogte
Grote verschillen in neerslag
Noorden van Australië: Ligt in de warme en vochtige tropen
Regentijd van november t/m april. Rest van het jaar is het droger, daardoor geen tropische bossen maar een savanne (lange grassen en bomen)

Grootste deel van Australië: Droge gebieden op aarde. Minder dan 500 mm neerslag per jaar.
Steppe: 250-500 mm neerslag = alleen nog grassen en struiken
Woestijn: <250 mm neerslag = groeit bijna niets meer 

Slide 12 - Slide

Woestijnen liggen vooral tussen 20º en 40º NB/ZB

Slide 13 - Slide

Slide 14 - Slide

Savanne
  • Droge tijd in gebieden ten noorden en zuiden van evenaar (ligt in de tropen)
  • 500-2000 mm neerslag
  • Lange grassen en groepen bomen

Slide 15 - Slide

Steppe
  • 250-500 mm neerslag
  • Lange droge tijd 
  • Alleen grassen en struiken 

Slide 16 - Slide

Woestijn
  • Minder dan 250 mm neerslag
  • Bijna altijd droog
  • Groeit bijna niets (cactussen en grassen)
  • Droog gebied = aride zone
Maar: niet alleen zand, ook grind- en rotsbodem. Niet altijd warm, 's nachts & winter koelt het flink af.
Ook poolwoestijnen 

Slide 17 - Slide

Slide 18 - Slide

B60 Droogte
Outback en andere droge gebieden (woestijnen) liggen ten noorden of zuiden van tropen, want dalende lucht

Dalende lucht          warmt op          
kan meer waterdamp bevatten        
bewolking lost op = droog


Slide 19 - Slide

Zelfstandig werken
Paragraaf 2.2
Wat: Opdrachten 6 t/m 8 + herhaling
Hoe: Overleg fluisterend
Tijd: Tot einde van de les 
= Huiswerk volgende les


Slide 20 - Slide