2.1 Hoe wordt je wie je bent?

2.1 Hoe word je wie je bent?
1 / 23
next
Slide 1: Slide
MaatschappijleerMiddelbare schoolvmboLeerjaar 3

This lesson contains 23 slides, with interactive quizzes, text slides and 2 videos.

time-iconLesson duration is: 50 min

Items in this lesson

2.1 Hoe word je wie je bent?

Slide 1 - Slide

Begrippen:
- Socialisatie
- Cultuur
- Aangeboren / nature
- Aangeleerd / nurture 

Waar socialiseer je? 

Slide 2 - Slide

Aangeboren kenmerken:
Bijvoorbeeld:

  • Talent
  • Verlegenheid
  • ADHD
  • Dyslexie 

Welke kun jij bedenken?

Slide 3 - Slide

Slide 4 - Video

Aangeleerde kenmerken:
Bijvoorbeeld:

  • Je eet met mes en vork.
  • Je spreekt de Nederlandse taal
  • Je gaat naar de wc als je moet.
  • Je komt op tijd in de les.
  • Je hebt respect voor anderen.

Welke kun jij bedenken?

Slide 5 - Slide

Iets leren hoeft niet altijd positief te zijn.
Scheld jij met kanker?

Slide 6 - Poll

Cultuur:
Alle waarden, normen en gewoonten die mensen in een bepaalde samenleving samenleving met elkaar delen. 

Slide 7 - Slide

Noem een typisch Nederlandse gewoonte:

Slide 8 - Open question

Slide 9 - Video

Socialisatie:
  • Het bewust of onbewust aanleren van normen, waarden en gewoonten die bij jouw groep of samenleving horen heet socialisatie

  • Hierin zit het woord sociaal wat te maken heeft met hoe mensen met elkaar omgaan

Slide 10 - Slide

Waar vindt socialisatie plaats?
  • In het gezin.
  • Op school.
  • Door je vrienden.
  • Op sportclubs.
  • Op je werk.
  • Door je geloof.
  • Door media.
  • Door de overheid.

Slide 11 - Slide

Test jezelf:
Check op de volgende slides of je de informatie van dit hoofdstuk al goed hebt aangeleerd. 

Slide 12 - Slide

Slide 13 - Slide

Eigenschappen zijn aangeboren of aangeleerd.
Je ... is vooral aangeleerd.

Welk woord of welke woorden kun je hier invullen?
A
muzieksmaak
B
technisch inzicht
C
taalgevoel
D
voetbaltalent

Slide 14 - Quiz

Voor veel Nederlanders is het moeilijk om Chinees te leren spreken, omdat:
A
taal een aangeboren eigenschap is.
B
Chinees veel moeilijker is dan bijvoorbeeld Japans of Arabisch.
C
zij niet opgevoed zijn met de Chinese taal.
D
je een taal vooral onbewust aanleert.

Slide 15 - Quiz

Socialisatie betekent dat mensen:
A
kenmerken van een groep aanleren.
B
allemaal dezelfde normen en waarden aanleren
C
verschillende culturen leren kennen.
D
alle aangeboren eigenschappen afleren.

Slide 16 - Quiz




Waarom is deze foto
een voorbeeld van
socialisatie?
Waarom is deze foto een voorbeeld van socialisatie?

Slide 17 - Open question

Zijn de uitspraken juist of onjuist?

1. Socialisatie is het aanleren van kenmerken als waarden, normen en gewoonten.
2. Socialisatie gaat bewust en onbewust.
A
1 is juist, 2 is onjuist.
B
1 is onjuist, 2 is juist.
C
1 en 2 zijn beide juist.
D
1 en 2 zijn beide onjuist

Slide 18 - Quiz

Vanaf welke leeftijd begint socialisatie?
A
Vanaf 18 jaar, want dan ben je meerderjarig.
B
Vanaf vier jaar, want dan ga je naar school.
C
Vanaf de geboorte.
D
Vanaf het moment dat een kind kan praten en anderen verstaat.

Slide 19 - Quiz

Sleep het goede gedrag naar de juiste socialisator.
Docent
Trainer
Social media
Ouders
Je steekt je vinger op als je iets wilt vragen.
Je meldt je van tevoren af voor een training.
Je laat het beste van jezelf zien.
Je bent op de afgesproken tijd thuis.

Slide 20 - Drag question

Zijn de uitspraken juist of onjuist?

1. Door socialisatie leer je welk gedrag anderen van jou verwachten.
2. Socialisatie en cultuur staan los van elkaar.
A
1 is juist, 2 is onjuist.
B
1 is onjuist, 2 is juist.
C
1 en 2 zijn beide juist.
D
1 en 2 zijn beide onjuist

Slide 21 - Quiz

Veel organisaties hebben invloed op iemands waarden, normen en gedrag.

Welke is het belangrijkst voor kleine kinderen?
A
Het gezin
B
De media
C
Het geloof
D
School

Slide 22 - Quiz

Sleep het kenmerk naar nature of nurture.
Nature
Nurture
Haarkleur
Met bestek eten
Gluten-
allergie
Lengte
Kunnen schrijven

Slide 23 - Drag question