Les 53 (12-04)

Les 53

1 / 15
next
Slide 1: Slide
FransMiddelbare schoolhavoLeerjaar 2

This lesson contains 15 slides, with interactive quizzes and text slides.

Items in this lesson

Les 53

Slide 1 - Slide

Programme
  • Presentie
  • Formatief toetsje (10 min.)
  • Passé Composé   (10 min.)
     - herhaling
     - nieuwe leerstof
  • Au travail!            (15 min.)
  • Afsluiting 

Slide 2 - Slide

Lesdoelen
Na de les...
...uitleggen hoe je de passé composé maakt.

...kun je de passé composé toepassen wanneer je over je afgelopen weekend vertelt.

...kun je 


Slide 3 - Slide

Schrijf hier alles op wat je nog weet over de passé composé:

Slide 4 - Open question

Goed zo, dus:
  • De p.c gebruik je om te vertellen wat je hebt gedaan;
  • voltooide tijd;
  • Een p.c herken je aan de -é achter een werkwoord icm avoir;
  • De p.c is avoir en de stam (heel werkwoord zonder -er) + é

Slide 5 - Slide

Omschrijf het stappenplan van de p.c:
stap 1 _______
stap 2 _______
stap 3 _______

Slide 6 - Open question

Het stappen plan
Stappenplan:
1. hele werkwoord -er.
    bv: regarder - er = regard...
           chanter - er = chant...
    Dit heet de stam.

    Vervolgens plaats je 'é'         
    áchter de stam.
    > regardé, chanté 
2. kies de juiste vorm van 'avoir'.      bv: Elle .... regardé
    Kijk naar je rijtje 'avoir'. 
    Bij 'elle' hoort 'a'

3. Zet het achter elkaar aan:
    Elle a regardé. 
      Tu as chanté.

Slide 7 - Slide

Onregelmatige vormen
We kenden de onregelmatige vorm van faire al. > fait

Zo zijn er meer vormen die niet de regel volgen:
avoir > eu     hebben > gehad
être > été       zijn        > geweest
en dus
faire > fait     maken/doen > gemaakt/gedaan

Slide 8 - Slide

Attention!
J'ai été betekent letterlijk:
 ik heb geweest.

Naar het Nederlands vertaal je dit uiteraard als:
 ik ben geweest.

Slide 9 - Slide

Au travail!
faire ex. 16a, b, c, d en e + 17a, b en c

15 minuten

Slide 10 - Slide

De volgende onregelmatige vormen zijn correct:
A
fait, eu, été
B
fait, eu, êtré

Slide 11 - Quiz

Jij hebt gegeten vertaal ik als volgt:
A
Tu as mangé
B
Tu a mangé

Slide 12 - Quiz

Wij zijn geweest, vertaal je als volgt:
A
Nous sommes été
B
Nous avons été

Slide 13 - Quiz

Ik heb nog veel onthouden van de Passé Composé.
😒🙁😐🙂😃

Slide 14 - Poll

Devoirs
faire ex. 16a, c, d, e en 17a, c

Apprendre dialoog tot nu toe!

Slide 15 - Slide