H3 krachten par 1

H3 krachten 
Krachten herkennen
1 / 18
next
Slide 1: Slide
Natuurkunde / ScheikundeMiddelbare schoolvmbo t, mavoLeerjaar 3

This lesson contains 18 slides, with interactive quiz, text slides and 1 video.

time-iconLesson duration is: 50 min

Items in this lesson

H3 krachten 
Krachten herkennen

Slide 1 - Slide

Lesplanning
* Wat weet je al over krachten? (opdr 4 & 6)
* Leerdoelen paragraaf 1 doornemen
* Uitleg/ aantekeningen
* Aan de slag


Slide 2 - Slide

Wat weet je al over krachten
Ga naar blz. 124 en maak opdr. 4 & 6


Slide 3 - Slide

Leerdoelen
  • Je kunt;
  • uitleggen waaraan je kunt zien dat ergens een kracht werkt of heeft gewerkt.
  •  de verschillende krachten benoemen die een rol spelen in een situatie
  • tekenen hoe de zwaartekracht aangrijpt in het zwaartepunt
  • het verschil beschrijven tussen elastische en plastische vervorming

Slide 4 - Slide

Effecten van krachten

Slide 5 - Slide

Effecten & gevolgen van krachten
  • De grootte van de snelheid verandert.
  • De richting van de snelheid verandert.
  • De vorm van een voorwerp verandert

Slide 6 - Slide

Slide 7 - Video

Golfbal
je ziet verandering van:
- vorm
- snelheid
- richting

dus er is één of meerdere krachten aanwezig

Slide 8 - Slide

Effecten van krachten
Geef van elk van de onderstaande voorbeelden aan hoe je ziet dat er een kracht werkt

Voorbeelden:
- Usain Bolt krijgt het startsein voor de 100 m sprint en begint te rennen
- Een honkballer slaat een bal het veld in
- Een kunstenaar maakt een vaas van klei
- Een fietser komt tot stilstand voor het rode stoplicht

Hoe: noteer voor welke voorbeeld het antwoord, samen met de persoon die naast je zit. Daarna wordt het klassikaal besproken

timer
4:00

Slide 9 - Slide

Effecten van krachten
Voorbeelden:
- Usain Bolt krijgt het startsein voor de 100 m sprint en begint te rennen
- De snelheid verandert van grootte, dus er werkt een kracht.
- Een honkballer slaat een bal het veld in.
- De snelheid verandert van richting, dus er werkt een kracht.
- Een kunstenaar maakt een vaas van klei.
- De vorm van de klei verandert, dus er werkt een kracht
- Een fietser komt tot stilstand voor het rode stoplicht.
- De snelheid neemt af, dus er werkt een kracht.

Slide 10 - Slide

Noteer de verschillende soorten krachten die je kent.

Slide 11 - Open question

Afkorting van kracht
In de natuurkunde gebruiken we "F" voor kracht (force)

dus zwaartekracht is:
Fz

Slide 12 - Slide

Soorten krachten
  • Zwaartekracht        (Fz)
  • Spierkracht              (Fs)
  • Veerkracht                (Fv)
  • Wrijvingskracht      (Fw)
  • Spankracht               (Fspan)
  • Elektrische kracht  (Fel) 
  • Magnetiche kracht (Fmagn) 

Slide 13 - Slide

Aan de slag
Maken H3 par 1 opgave:
1, 4, 5 en 8

Lees voor opdracht 8 onderaan blz 127 goed door!

Slide 14 - Slide

Krachten tekenen (vector)
Drie eigenschappen belangrijk:

  • Het aangrijpingspunt: een punt van het voorwerp   waarop de kracht werkt. 
  • De richting: een kracht heeft altijd een richting. Werkt de   kracht naar links, naar rechts, boven of onder? 
  • De grootte: hoe groter de kracht des te groter de vector

Slide 15 - Slide

Krachtenpijl
A: Richting
B: Aangrijpingspunt
C: Grootte

Slide 16 - Slide

Zwaartepunt
Het zwaartepunt is het aangrijpingspunt van de zwaartekracht.

Bij regelmatige vormen is dit het midden.
Bij onregelmatige vormen is het lastiger te bepalen

Slide 17 - Slide

Extra: Plastische vs elastische vervorming
Plastische vervorming:
 Een blijvende vervorming


Elastische vervorming:
 Een tijdelijke vervorming

Slide 18 - Slide