Hoe veranderen techniek en wetenschap ons mensbeeld? - 6.4 Enactive: enactieve cognitie

Hoe veranderen techniek en wetenschap ons mensbeeld?
6.4 Enactive: enactieve cognitie
1 / 14
next
Slide 1: Slide
FilosofieMiddelbare schoolvwoLeerjaar 6

This lesson contains 14 slides, with text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

Hoe veranderen techniek en wetenschap ons mensbeeld?
6.4 Enactive: enactieve cognitie

Slide 1 - Slide

4E-cognitie
Cognitie is belichaamd (Embodied)

Belang van de omgeving waarin het lichaam is ingebed (Embedded)

Omgeving kan deel uitmaken van de cognitie. Deze is uitgebreid buiten het lichaam (Extended)

Cognitie is altijd door en door lichamelijk en interactief (Enactive)

Slide 2 - Slide

4E-Cognitie
Embodied - Embedded - Extended - Enactive
Belichaamd - Ingebed - Uitgebreid - Enactief


Het is geen gezamenlijke groep die dezelfde ideeën hebben

Geen netjes afgebakende theorieën

Nog volop in ontwikkeling

Slide 3 - Slide

Computationele opvatting van cognitie
(Paragraaf 5.2)

Het brein dat prikkels (informatie) verwerkt.

Het brein dat informatie wisselt tussen alle cognitieve processen.

Slide 4 - Slide

Hubert Dreyfus
(paragraaf 5.3)
Het menselijk denken kun je niet volledig in kaart brengen a.d.h.v. regels.Altijd toegepast/aangepast op een concrete situatie.

We leren juist spreken niet door de regels te volgen, maar door het te doen. We spreken en denken niet door lijstjes met regels te raadplegen/volgen.

De 'ik' als levende, ervaren persoon blijft belangrijk!

Slide 5 - Slide

Enactivisten
De waarnemende persoon staat centraal

Waarneming is iets wat een persoon doet; een verkennende activiteit 
(lichaam in een omgeving).

Waarnemingen komen niet neutraal mijn brein binnen en gaan daarna vergeleken worden met herinneringen en interesses die daar zouden zitten.

Slide 6 - Slide

Enactive cognitie
Het herkennen/waarnemen van iets komt tot stand in de manier waarop ik al bewegend waarneem.

Vanuit specifieke levenservaring komt waarneming voort.

Waarnemen is enactive; 
iets wat gedaan of uitgevoerd wordt en in die uitvoering ligt de ervaring.

Slide 7 - Slide

Embodied, Embedded en Extended
Alle drie wijzen op beperking van de computationele computerwetenschap

Deze 3 E's niet tot volledige verwerping van de computationele cognitievewetenschap.

Computationele kernconcepten kunnen blijven behouden (informatievewerking, representatie) en de computationele cognitiewetenschap kan verbeterd worden.
Dr. Marie Postma
Hoogleraar Computational Cognitive Science 
Tilburg University

Slide 8 - Slide

De 4e 'E'
Enactive
Radicale breuk met heersende cognitiewetenschap.

Belang lichaam en omgeving:
gevaar voor computationele cognitiewetenschap

Gebruikelijke metaforen kunnen niet gebruikt worden (brein als een computer)

Cognitie begrijpen als analogie met het leven


Slide 9 - Slide

Enactivisten
Bezwaar tegen computationele begrip van representaties

Nadruk op interactie tussen omgeving en het sensomotorisch lichaam (het voelend en bewegend lichaam)

De noden, lichamelijke kenmerken en capaciteiten van een organisme drukken stempel op wat het organisme waarneemt.

Slide 10 - Slide

De mens als denkend wezen
volgens enactivisten
Cognitie is een vorm van structurele koppeling tussen het wezen en zijn omgeving.

Een voortdurend explorerend levend wezen, dat zich continu aanpast en ontwikkelt.



(Er zijn meerdere variaties van enactivisme bijv. met rol van taalgebruik en cultuur)

Slide 11 - Slide

Kevin O'Regan, Erik Myin, Alva Noë
(Resp. 1948, 1964 en 1964)

Ervaring is een vorm van interactie tussen organisme en omgeving.

Unieke gevoel van het zijn in een omgeving ontstaat in de daadwerkelijke interactie.

Dat zijn geen mentale representaties van zintuiglijke prikkels die binnenkomen en worden verwerkt.

Kevin O'Regan

Slide 12 - Slide

Eindterm 9
De kandidaten kunnen de opvattingen van Lakoff & Johnson, Vroon & Draaisma, Swaab, Dreyfus, Clark & Chalmers en O’Regan, Myin & Noë (hierna; Noë)) over de vraag hoe wetenschap en techniek het mensbeeld veranderen uitleggen, vergelijken, toepassen en evalueren.

Daarbij kunnen zij de volgende standpunten betrekken:

• dat taal uitdrukt uit hoe we met ons lichaam in de wereld staan (Lakoff & Johnson);
• dat mensbeelden historisch contingent zijn (Vroon & Draaisma);
• dat mensen hun brein zijn en het brein als een computer is (functionalistisch cognitivisme, Swaab) en de evaluatie hiervan (Dreyfus, connectionisme);
dat mensen niet alleen met hun brein denken, maar ook met hun lichaam in een omgeving (4E-cognitivisme, Clark & Chalmers en Noë).

Slide 13 - Slide

Eindterm 12
De kandidaten kunnen uitleggen en evalueren dat volgens 4E-vertegenwoordigers, Clark & Chalmers en Noë mensen niet alleen denken met hun brein, maar ook met hun lichaam in een omgeving.

Daarbij kunnen zij betrekken:
• de begrippen ‘embodied’, ‘extended’, ‘embedded’, ‘enactive’, ‘cognitieve extensies’ en ‘sensomotorisch lichaam’;
• een uitleg van de kritiek van 4E-vertegenwoordigers op de functionalistische cognitivisten;
• een uitleg van het argument van 4E-vertegenwoordigers dat denken belichaamd is (embodied);
• een uitleg van het argument van 4E-vertegenwoordigers dat denken is ingebed in de omgeving (embedded);
• een uitleg met tekstfragment 5 van Clark & Chalmers’ argument dat ons denken uitgebreid is buiten ons lichaam (extended);
• een uitleg met tekstfragment 6 van Noë’s argument dat denken een handeling van het bewegende, voelende lichaam in interactie met de omgeving is (enactive).

Slide 14 - Slide