4H 7.6 conflictgedrag en 7.7 aangeboren of aangeleerd?

hoe werkt deze 'les op afstand'
1. zorg ervoor dat je voordat je start de paragrafen hebt gelezen
2. lees de leerdoelen en succescriteria
3. bekijk alle uitlegdia's en uitlegvideo's
4. controleer jezelf door de vragen en oefeningen tussendoor te doen
5. maak aan het einde de verwerkingopdrachten en controleer of je de leerdoelen hebt behaald (voldoe je aan de succescriteria)
6. nog niet behaald = terug naar de stof/ uitlegvideo's en/of zoek hulp

1 / 37
next
Slide 1: Slide
BiologieMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4

This lesson contains 37 slides, with interactive quizzes, text slides and 5 videos.

time-iconLesson duration is: 60 min

Items in this lesson

hoe werkt deze 'les op afstand'
1. zorg ervoor dat je voordat je start de paragrafen hebt gelezen
2. lees de leerdoelen en succescriteria
3. bekijk alle uitlegdia's en uitlegvideo's
4. controleer jezelf door de vragen en oefeningen tussendoor te doen
5. maak aan het einde de verwerkingopdrachten en controleer of je de leerdoelen hebt behaald (voldoe je aan de succescriteria)
6. nog niet behaald = terug naar de stof/ uitlegvideo's en/of zoek hulp

Slide 1 - Slide

H7 GEDRAG

Slide 2 - Slide

7.6 leerdoelen
Ik kan



  • van de verschillende vormen conflictgedrag uitleggen wat de functie is, hoe het ontstaat, voorbeelden noemen en herkennen.

Slide 3 - Slide

succescriteria
  • je kunt de definitie van de volgende begrippen uitleggen: conflictgedrag, ambivalent gedrag, oversprong gedrag, omgericht gedrag. 

  • je kunt de de leerdoelen aan een ander uitleggen
  • je kunt de (examen)vragen over dit onderwerp goed (bijna foutloos) maken

Slide 4 - Slide

7.6 conflictgedrag
Motivatie in dier kan groot zijn voor 2 gedragssystemen tegelijk, dan treedt er conflictgedrag op              (systemen strijden beiden om voorrang) 

  • ambivalent gedrag
  • omgericht gedrag
  • oversprong gedrag


Slide 5 - Slide

ambivalent gedrag
Dier/ mens laat gedragselementen uit beide gedragssystemen zien.

Voorbeeld: een hond laat een mix tussen aanvallen en vluchten zien. Dat maakt het dier wel erg onvoorspelbaar.

Bij mensen noemen we ambivalent gedrag ook wel 'twijfelen'. 

Slide 6 - Slide

omgericht gedrag
een conflict tussen aanvallen en vluchten leidt wel tot agressie.. niet op de tegenstander.. maar op een voorwerp in de buurt

mensen kunnen met deuren slaan als ze kwaad op iemand zijn

meeuwen kunnen hun agressie richten op een graspol i.p.v. op de andere meeuw

Slide 7 - Slide

oversprong gedrag
conflict tussen 2 gedragsysstemen leidt ertoe dat dier/ mens gedragselementen laat uit een heel ander (onlogisch) gedragssysteem

mensen die aan hun haar gaan plukken of aan hun neus krabben (terwijl ze geen jeuk hebben)

katten tijdens een confrontatie die zichzelf gaan likken (verzorgingsgedrag)

Slide 8 - Slide

Slide 9 - Video

voordelen en nadelen
Langdurig of onoplosbaar conflictgedrag leidt tot stress (vaker te zien bij dieren in gevangenschap). Stress leidt tot verminderde gezondheid en/of gedragsstoornissen.

Oversprong en omgericht gedrag vermindert spanning tussen 2 partijen die agressief tegenover elkaar staan en kan dus positief zijn. 

Slide 10 - Slide

Slide 11 - Video

AAN DE SLAG
Bekijk de video op de volgende dia. Beantwoord daarna de vragen. 

Slide 12 - Slide

5

Slide 13 - Video

00:02
opdracht
Bekijk de video en ga op zoek naar verschillende vormen van conflictgedrag. Beantwoord de vragen.

Slide 14 - Slide

00:11
Welke vorm van conflictgedrag zagen we bij deze mevrouw?
A
ambivalent gedrag
B
overspronggedrag
C
omgericht gedrag

Slide 15 - Quiz

00:24
Welke vorm van conflictgedrag zagen we bij de man die werd aangesproken?
A
ambivalent gedrag
B
omgericht gedrag
C
oversprong gedrag

Slide 16 - Quiz

01:25
Welke hond zagen we met name oversprong vertonen?
A
de lichtbruine hond
B
de donkerbruine hond
C
de zwarte hond

Slide 17 - Quiz

02:34
De kat vertoont ambivalent gedrag. Van welke twee gedragssystemen zien we gedragselementen?

Slide 18 - Open question

2

Slide 19 - Video

00:00
opdracht
Bekijk de video en ga op zoek naar vormen van conflictgedrag? Welke herken je in deze video? Beantwoord de vraag aan het einde.

Slide 20 - Slide

01:17
Welk type conflictgedrag laat deze kitten zien?
A
ambivalent
B
oversprong
C
omgericht

Slide 21 - Quiz

aan de slag
1. Maak een begrippenlijst van 7.6
2. Maak de opdrachten op de volgende dia's. 

Controleer of je alle leerdoelen beheerst/ aan alle succescriteria voldoet. Zo niet: opnieuw door de stof/ opdrachten maken/ hulp vragen. 

Slide 22 - Slide

In de afbeelding is een leeuw weergegeven in een karakteristieke houding die alleen aangenomen wordt tegenover welpen. In vrijwel alle gevallen wordt dit gedrag gevolgd door speelgedrag, waarbij de leeuw de welp met ingetrokken klauwen slaat.

Tot welk van de hieronder genoemde gedragssystemen behoort dit speelgedrag?
A
baltsgedrag
B
conflictgedrag
C
sociaal gedrag
D
territoriumgedrag

Slide 23 - Quiz

Slide 24 - Slide

Een belangrijk prooidier van de torenvalk is de woelmuis. Woelmuizen laten in hun leefgebied geursporen achter die bestaan uit urine en uitwerpselen. De achterste delen van hun lichaam zijn meestal doorweekt met urine. De urine van de woelmuizen weerkaatst UV-licht. Torenvalken kunnen UV-licht waarnemen. Torenvalken kunnen daardoor in korte tijd een groot gebied onderzoeken op de aanwezigheid van woelmuizen.
Noem een mogelijke functie van het geurspoor voor de woelmuizen zelf.

Slide 25 - Open question

Bekijk de voorgaande dia.
Noem de twee gedragssystemen waaruit het zigzaggen van het mannetje kan zijn opgebouwd en geef aan welk onderdeel van het zigzaggen bij welk gedragssysteem hoort.

Slide 26 - Open question

7.7 leerdoelen
Ik kan



  • uitleggen wanneer gedrag aangeboren of aangeleerd is
  • uitleggen hoe gedrag erfelijk bepaald kan zijn
  • de verschillende onderzoeksmethoden toelichten die ze gebruiken voor het aantonen van de mate van erfelijkheid bij gedrag

Slide 27 - Slide

succescriteria
  • je kunt de definitie van de volgende begrippen uitleggen: aangeboren gedrag, aangeleerd gedrag, vergelijkend onderzoek, selectieproeven, kruisingsproeven

  • je kunt de de leerdoelen aan een ander uitleggen
  • je kunt de (examen)vragen over dit onderwerp goed (bijna foutloos) maken

Slide 28 - Slide

aangeboren of aangeleerd?
aangeboren = gedrag dat een dier vertoont zonder dat het dit heeft kunnen leren van een ouder/ ander dier

voorbeeld: drinken bij de moeder
Aangeboren gedrag kun je niet afleren

aangeleerd = gedrag dat je bijleert gedurende je leven 

aangeleert gedrag kan gedrag veranderen maar aangeboren gedrag zal nooit verdwijnen

gedrag is een combinatie van beiden (zowel aangeboren als aangeleerd)

Slide 29 - Slide

Geef een voorbeeld van aangeboren gedrag bij mensen.

Slide 30 - Open question

erfelijkheid gedrag
Gedrag is deels erfelijk.

Bouw en stofwisseling (door de genen bepaald) zijn van invloed op het gedrag

Voorbeeld: albinisme = erfelijk, bepaald deels het gedrag (zon ontwijken)

Onderzoek naar erfelijkheid bij gedrag - zorg dat je invloeden uit milieu uitschakeld, de verschillen die dan zichtbaar zijn moeten wel erfelijk bepaald zijn

Slide 31 - Slide

vergelijkend onderzoek
Als je gedrag van vader en zoon vergelijkt weet je niet of overeenkomsten komen door erfelijkheid komt of doordat de zoon de vader nadoet (leergedrag).

Het meest geschikt zijn ééneiige tweelingen die gescheiden zijn opgegroeid. Zij hebben exact dezelfde ergelijke eigenschappen maar een verschillend milieu. 

Hieronder het verhaal van Erik en Peter, een ééneiige tweeling uit Nederland die gescheiden is opgegroeid.

https://www.rtlnieuws.nl/lifestyle/gezin/artikel/3724141/mysterieus-verhaal-van-gescheiden-tweeling-ik-zag-dat-het-mijn 

Slide 32 - Slide

SELECTIEPROEVEN

Je fokt steeds verder met dieren die dezelfde eigenschap vertonen. 
Als de generaties daarna die eigenschap ook steeds vertonen dan toon je aan dat de eigenschap erfelijk is.

Voorbeeld: Selectie op aggressief gedrag bij ratten leidde tot generaties met ratten die zo aggressief waren dat ze niet eens meer tot paren kwamen (onderzoek is toen gestaakt). Conclusie: aggressief gedrag is (deels) erfelijk.




KRUISINGSPROEVEN

Voorbeeld: papegaaien die nestmateriaal in de bek vervoeren, of tussen de veren.
Als je twee dieren met elkaar kruist dan vertonen de nakomelingen een soort mixvorm van het gedrag. Dit gedrag kon door leren niet veranderd worden.

Dit onderzoek vertelt je 2 dingen:
1. gedrag is erfelijk (leren veranderde niets)
2. gedrag wordt bepaald door maar 1 gen (anders had er wel meer variatie gezeten in het gedrag bij de nakomelingen)

Slide 33 - Slide

aan de slag
  1. Maak een begrippenlijst van 7.7
  2. Bekijk op de dia's hierna de video
  3. Maak op de dia's hierna de examenopgave


Controleer of je alle leerdoelen beheerst/ aan alle succescriteria voldoet. Zo niet: opnieuw door de stof/ opdrachten maken/ hulp vragen. 

Slide 34 - Slide

Slide 35 - Video

Slide 36 - Slide

In de tekst wordt onderscheid gemaakt tussen het zingen van traditionele liedjes en liedjes die kanaries niet van nature zingen.

Leg met behulp van informatie uit de tekst uit of het zingen van het traditionele kanarielied aangeboren of aangeleerd is.

Slide 37 - Open question