NU Ned 1F 2F Deel B Schrijven H1 1.1 Memo

memo schrijven
1 / 25
next
Slide 1: Slide

This lesson contains 25 slides, with interactive quizzes and text slides.

Items in this lesson

memo schrijven

Slide 1 - Slide

Hoofdstuk 1
Korte teksten schrijven

Slide 2 - Slide

Paragraaf
1.1 memo

Slide 3 - Slide

Onderwerp
Een memo schrijven

Slide 4 - Slide

Leerdoel
- Je kunt een memo schrijven
- Je gebruikt daarvoor de 5W+1H-vragen: wie, wat, waar, wanneer, waarom en hoe.

Slide 5 - Slide

Memo schrijven
leerdoelen:
  • je weet wat een memo is
  • je weet wat het doel is van een memo 
  • je kunt een memo opstellen

Slide 6 - Slide

Wat gaan we doen:
- uitleg memo schrijven
- memo schrijven

Slide 7 - Slide



Schrijven

Memo

Een memo is een kort briefje.
(Denk aan telefoonnotitie) 

Slide 8 - Slide

memo
Een memo is een kort briefje, geschreven om iemand aan iets te herinneren (memoreren).
Memo is een modern woord dat is overgenomen uit het Engels. Het "oude" woord voor memo is kattebelletje

Slide 9 - Slide

Memo
Een memorandum (afgekort memo) is een kort briefje:

Waar moeten we aan denken?
  • Papierformaat is klein
  • Inspringing bij het schrijven
  • Marges 


Slide 10 - Slide

Wat is een memo?

Slide 11 - Slide

Hoe ziet een memo eruit?
Voor:                (voor wie het is bericht bestemd)
Van:                  (van wie, dus jouw naam, jij schrijft de memo)
Datum:            (wanneer, datum waarop de memo is geschreven)
Onderwerp:  (wat, het onderwerp van de memo)
-----------------------------------------------------------------------
Hieronder begint de tekst van je memo...
(hier kun je verdere informatie noteren, zoals het waar, waarom en hoe)


Slide 12 - Slide

Duidelijke memo? 



Duidelijke memo? 
wie? 
wat? 
waar?
wanneer?
waarom?
hoe? 

Slide 13 - Slide

Memo
  • Schrijf in 2 minuten op waar je aan denkt bij het woord memo. 
    - Wat is een memo?
     - Wanneer schrijf je een memo?
     - Wie schrijft een memo?
     - Hoe schrijf je een memo?
     - Waar moet een memo aan voldoen?
timer
2:00

Slide 14 - Slide

Sleep de kenmerken naar de juiste tekstsoort.
Memo
Instructie
titel
onderwerp
feitelijk, beknopt en volledig
uitleg in stappen
nummers, dots en/of signaalwoorden
5w+h-vragen

Slide 15 - Drag question

verslag
memo
samenvatting
e-mail
Ik schrijf precies op wat er is gebeurd.
Hé mam, wil je fruit voor mij kopen? 
xxxx je liefste kind. 
Ik schrijf  een bericht op de computer en stuur het aan oma. 
Schrijf de belangrijkste informatie op in je eigen woorden.

Slide 16 - Drag question

Je wilt alle klanten informeren dat volgend jaar alle prijzen met 3% omhoog gaan in verband met de renteverhoging. 
Je wilt jouw opa en oma bedanken voor de goede zorg tijdens de vakantie. 
Je wilt aan een collega doorgeven dat een klant binnenkort een belletje verwacht.
Je moet snel en doelgericht een klant bereiken dat de bezorgers voor een dichte deur staan.
Bellen
Memo
Brief
Mailen

Slide 17 - Drag question

Wat is een memo?
A
een citaat
B
een instructie met afbeeldingen
C
een herinneringsbriefje
D
een instructie zonder plaatjes

Slide 18 - Quiz

Kenmerken van een memo zijn:
A
kort en bondig
B
gebruik je intern in het bedrijf
C
formeel en feitelijk
D
A, B, C zijn correct

Slide 19 - Quiz

de of het?

...... memo
A
de
B
het

Slide 20 - Quiz

Een memo naar een collega schrijven, is een …...
A
informeel briefje
B
formeel briefje

Slide 21 - Quiz

Een memo heeft als schrijfdoel...
A
Overtuigen
B
Overhalen
C
Amuseren
D
Informeren

Slide 22 - Quiz

Deze les gaat over het schrijven van een memo.

Wat moet de informatie in een memo NIET zijn?
A
Beknopt
B
In steekwoorden
C
Volledig
D
Feitelijk

Slide 23 - Quiz

Wie is de schrijver van het memo?
A
Mevrouw Schuurman
B
Frits
C
Marieke
D
Kun je niet uit de tekst halen

Slide 24 - Quiz

Leren voor het instellingsexamen
- Je kunt een memo schrijven.
- Je gebruikt daarvoor de 5W+1H-vragen: wie, wat, waar, wanneer, waarom en hoe.

Slide 25 - Slide