Hoofdletters

Hoofdletters

In het begin van de zin schrijf ik een hoofdletter.
Voorbeeld: Vandaag is het maandag.

Een eigennaam schrijf ik met een hoofdletter.
Voorbeeld: Hugo Claus

Personen en zaken die als heilig worden beschouwd schrijf ik met een hoofdletter.
Voorbeeld: de Bijbel, Boeddha

Aardrijkskundige namen en hun afleidingen schrijf ik met een hoofdletter.
Voorbeeld: Zuid-Afrika, Belgen

Namen van (kerkelijke) feestdagen schrijf ik met een hoofdletter.
Voorbeeld: Kerstmis
1 / 11
next
Slide 1: Slide
NederlandsLager onderwijs

This lesson contains 11 slides, with interactive quizzes and text slide.

time-iconLesson duration is: 25 min

Items in this lesson

Hoofdletters

In het begin van de zin schrijf ik een hoofdletter.
Voorbeeld: Vandaag is het maandag.

Een eigennaam schrijf ik met een hoofdletter.
Voorbeeld: Hugo Claus

Personen en zaken die als heilig worden beschouwd schrijf ik met een hoofdletter.
Voorbeeld: de Bijbel, Boeddha

Aardrijkskundige namen en hun afleidingen schrijf ik met een hoofdletter.
Voorbeeld: Zuid-Afrika, Belgen

Namen van (kerkelijke) feestdagen schrijf ik met een hoofdletter.
Voorbeeld: Kerstmis

Slide 1 - Slide

Welke zin is correct geschreven volgens de regels van hoofdletters?
A
Mijn opa komt uit gronIngen.
B
mijn opa komt uit groningen.
C
Mijn opa komt uit Groningen.
D
Mijn Opa komt uit Groningen.

Slide 2 - Quiz

Welk woord moet met een hoofdletter geschreven worden?
A
moslim
B
vasten
C
feest
D
Ramadan

Slide 3 - Quiz

Welke zin is geschreven volgens de regels van hoofdletters?
A
de eiffeltoren staat in parijs.
B
De eiffeltoren staat in Parijs
C
De Eiffeltoren staat in Parijs.
D
De Eiffeltoren staat in parijs.

Slide 4 - Quiz

Wanneer schrijf ik een hoofdletter aan het begin van een zin?
A
Bijna altijd
B
Nooit
C
Soms
D
Altijd

Slide 5 - Quiz

Welke zin is correct geschreven?
A
Morgen is het HemelVaart.
B
Morgen is het hemelVaart.
C
Morgen is het hemelvaart.
D
Morgen is het Hemelvaart.

Slide 6 - Quiz

Welke zin is correct geschreven?
A
Mijn moeder heeft een nieuwe Auto gekocht.
B
Mijn moeder heeft een nieuwe auto gekocht.
C
Mijn moeder heeft een nieuwe auto Gekocht.
D
Mijn moeder heeft een nieuwe auto gekocht

Slide 7 - Quiz

Welke naam is correct geschreven?
A
william shakespeare
B
William shakespeare
C
William Shakespeare
D
WILLIAM SHAKESPEARE

Slide 8 - Quiz

Welke aardrijkskundige naam is correct geschreven?
A
AFRIKA
B
aFRIKA
C
afrika
D
Afrika

Slide 9 - Quiz

Welke van de volgende feestdagen wordt correct geschreven?
A
PaSen
B
Pasen
C
pasen
D
PASEN

Slide 10 - Quiz

Welk woord schrijf je met een hoofdletter?
A
Boeddha
B
religieus
C
meditatie
D
tempel

Slide 11 - Quiz