Observeren Signaleren en Rapporteren- ordenen van gegevens en rapporteren- lesweek 5

Observeren Signaleren en Rapporteren
Observatieplan rapporteren mondeling en schriftelijk, lesweek 5



1 / 41
next
Slide 1: Slide
BeroepsorientatieMBOStudiejaar 1

This lesson contains 41 slides, with interactive quizzes and text slides.

Items in this lesson

Observeren Signaleren en Rapporteren
Observatieplan rapporteren mondeling en schriftelijk, lesweek 5



Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Check in!
Hoe gaat het met de eindopdracht van observeren?
😒🙁😐🙂😃

Slide 2 - Poll

This item has no instructions

Zijn er onderdelen die je lastig vindt
van de eindopdracht ?
(i.v.m. extra uitleg tijdens zelfstandig werken)

Slide 3 - Mind map

This item has no instructions

Programma- vandaag 
Deel 1 (90 min.)

  • Welkom, Lesdoelen
  • Lesdoelen vandaag
  • Algemene planning
  • Terugblik vorige les + check voortgang 
  • Observatieplan- gegevens ordenen/ uitwerken/ rapporteren

  • Deel 2 (45 min.)
  • Observatie- gegevens ordenen, uitwerken en rapporteren 
  • Peer feedback medestudent
  • Afsluiting 

Le
Lesuren: 3 (45 min x 3) 
Lesweken : 6
Boek: Communicatie en gedrag Thema 11 
Boek: Methodisch werken Thema 3.6 
Afsluiting: Eindopdracht school + BPV

Slide 4 - Slide

Deel 1: 90 min (2 x45 min)

Welkom en AWR 5 
Energizer 5 
Programma doornemen 3 
lesdoelen 2
-----------------------------------------15 min 

Algemene planning 5 min- vragen? 
Terugblik 5 min 
Check waar ben je? 5 min 
Vragenronde 10 min 
-------------------------------------------25 min 

Theorie (observatie ordenen en rapporteren) +check 
------------------------------------------- 40min 

Afsluiting lesdoelen----------------- 10 min 
 ---------------------------------------------
90 min. Totaal 


Deel 2:  Aan de slag met de rapportage uitwerken! 
Geen stage? of geen rapportage bij zich? Studenten doen dit tijdens HWB. En kunnen aan de slag met de leeractiviteiten.  --------------------45 min 


Lesdoelen
Aan het einde van deze les kun jij:
- Jouw eigen bevindingen rapporteren naar aanleiding van je observatie zowel mondeling als schriftelijk op een professionele manier 

- Je rapportage opstellen volgens de richtlijnen van school en BPV

- Je kunt de SOAP methode uitleggen in eigen woorden 









Slide 5 - Slide

This item has no instructions

Algemene planning 
Let op! Alle informatie komt terug in de lessen. Het is dus belangrijk dat je alle lessen volgt!! 
Mis je een les? Bestudeer dan zelf de lesson-up en vraag naar aantekeningen van je medestudent.
Eigen verantwoordelijkheid! 

Slide 6 - Slide

This item has no instructions

Terugblik vorige les- check je kennis! 

Slide 7 - Slide

This item has no instructions

Is dit een goede observatievraag:
''Waarom is meneer R. de hele tijd zo ontzettend bozig aan het doen''?
A
Nee
B
ja

Slide 8 - Quiz

This item has no instructions

Is dit een goede observatievraag?
''Welke gedragskenmerken vertoont meneer R. tijdens de lunch waarin hij weigert te eten?''


A
Ja
B
Nee

Slide 9 - Quiz

This item has no instructions

Check- waar ben je? 
- Observatieplan is goedgekeurd - school 
- Observatie uitgevoerd op stage? of gepland?
- Observatiegegevens meenemen naar school
- Observatie uitwerken 
- Observatie uitwerking/rapportage door praktijk laten beoordelen 

- Eindopdracht onderdeel school + stage volledig afgerond?
- Inleveren op school - uiterlijk 14 maart! 

Slide 10 - Slide

Check ter voorbereiding Methodisch begeleiden Thema 3 

contextuele observatie
is niet de cliënt het middelpunt, maar juist zijn omgeving

intervalobservatie
observeer je op wisselende tijden. Dit doe je aan de hand van je observatiedoel en observatievragen. Je legt vooraf vast wanneer je gaat observeren. Je gebruikt telkens dezelfde middelen en dezelfde methode.

niet-participerend observeren,
 gestructureerde observatie
noem je ook wel extern observeren. Bij deze manier van observeren ben je wel aanwezig in de groep, maar neem je niet deel aan de activiteiten. Je richt je volledig op de observatie
participerend observeren
noem je ook wel intern observeren. Je bent dan actief bezig in de groep, terwijl je meteen ook observeert

vrije  observatie: Bij de vrije observatie werk je zoals altijd met een doel. Maar je observatievragen zijn nog niet concreet.

protocollaire observatie :maak je gebruik van een observatieprotocol en/of observatieschema. In het schema staan de observatiepunten.
Vragenronde? Nog vragen voor we met nieuwe theorie starten? 

Slide 11 - Slide

This item has no instructions

Theoretische gedeelte 1 
Pak je pen/papier/laptop erbij voor aantekeningen!!

Houd rekening met elkaar en focus je op de instructie/uitleg!       

Lesmateriaal/ Boek:
Methodisch begeleiden- Thema 3.7 + Communicatie en gedrag -Thema 11

Slide 12 - Slide

This item has no instructions

Observatie ordenen 
- Je hebt je observatieplan uitgevoerd en aantekeningen gemaakt van de observatie. Dit heb je gedaan door te tellen en te turven of door een beschrijving.  
We staan hier bij de volgende dia's nog even kort bij stil! 

-Nu is de volgende stap dat je het gaat verwerken in een rapportage. Een rapportage kan zowel schriftelijk als mondeling. 

Voor je opdracht moet je deze zowel mondeling als schriftelijk terugkoppelen. We nemen even de rubric door--> 




Slide 13 - Slide

This item has no instructions

Observatieplan 5
Denk ook na over hoe je de observatie gaat vastleggen. 
Ga je: 
- Beschrijven (Wat zie je? beschrijf feitelijk de observatie) 


- Turven / tellen 
- Verbanden leggen. 
Voor je  eerste observatie raden we aan om te starten met beschrijven, of turven en tellen. 

- Evaluatiepunten n.a.v. de observatie. 
Waar wil je op evalueren?  
Je blikt terug met vragen naar het moment van de observatie. 
Waren er factoren van invloed? Heb ik voldoende informatie nav deze observatie?etc 

Slide 14 - Slide

This item has no instructions

Ordenen en verwerken van gegevens 
Als je een observatiemethoden hebt gekozen en weet hoe je gaat observeren bijv. tijdens een kookactiviteit waarin je participeert dan is de volgende stap dat je gaat vastleggen in je plan hoe je dit gaat verwerken. 
In de theorie- Methodisch begeleiden 3.6- spreken we van een aantal manieren: 
  • Beschrijven (ook wel ''continue observatie''genoemd)
  • Tellen en turven (ook wel ''time''/''event'' sampling genoemd) 
  • Verbanden leggen 

    Op de volgende dia lopen we dit per onderdeel door. 

Slide 15 - Slide

This item has no instructions

Ordenen en verwerken van gegevens 
Als je een observatiemethoden hebt gekozen en weet hoe je gaat observeren bijv. tijdens een kookactiviteit waarin je participeert dan is de volgende stap dat je gaat vastleggen in je plan hoe je dit gaat verwerken. 

In de theorie- Methodisch begeleiden 3.6- spreken we van een aantal manieren: 
  • Beschrijven (ook wel ''continue observatie''genoemd)
  • Tellen en turven (ook wel ''time''/''event'' sampling genoemd) 
  • Verbanden leggen 

    Op de volgende dia lopen we dit per onderdeel door. 

Slide 16 - Slide

This item has no instructions

Verwerken van gegevens: ''beschrijven''
  • Beschrijven (ook wel ''continue observatie''genoemd) (meest gebruikte optie!) 
    Je schrijft tijdens een observatie alle opvallende punten die gebeuren op. Dit doe je zo objectief en volledig mogelijk. Vaak eerst steekwoorden, na je observatie omzetten tot een observatieverslag.  Voordeel= compleet beeld van de situatie/cliënt krijgen
    Nadeel= tijdrovend, gevaar subjectiviteit.


    08.30-09.00u - observatie tijdens bewegingsactiviteit met mevrouw X (84 jaar) 
    Mevrouw X zit achteraan op een stoel. AB'er geeft aan dat ze met een zachte bal gaan gooien. Mevrouw X geeft aan dat ze dit niet kan. Mevrouw X legt de bal op de grond en herhaalt dat ze het niet kan. Mevrouw X  mompelt en beweegt met haar handen ze kijkt weg van de AB'er. etc etc. 

Slide 17 - Slide

This item has no instructions

Verwerken van gegevens: ''turven/tellen''
  • Tellen en turven (ook wel ''time''/''event'' sampling genoemd) 
    Van tevoren zet je je observatievragen om in gedragskenmerken/aspecten. 
    Tijdens het teamoverleg wordt er besproken dat een client een gedragsverandering laat zien of er is bijvoorbeeld bij een client sprake van moeilijk verstaanbaar gedrag. 
    Je gaat kijken hoe vaak en wanneer de situatie zich voordoet. 

  • Voordeel : objectief en door meerdere
    collega's kunnen de observatie doen 
  • Nadeel: doordat het in het schema al geordend is,
    gaat er mogelijk ook informatie verloren 

Slide 18 - Slide

This item has no instructions

Verwerken van gegevens: verbanden leggen

Je kunt informatie verwerken door verbanden te leggen tussen de gegevens die je hebt verzameld. Als je verbanden legt, kun je een ander beeld krijgen van een situatie.

Voorbeeld vanuit de theorie: 

Slide 19 - Slide

This item has no instructions

Tellen en turven doe je door
A
Objectief op te schrijven wat je hebt geobserveerd.
B
Aantallen bijhouden/streepjes zetten

Slide 20 - Quiz

This item has no instructions

Waarom is het bij tellen/turven een nadeel dat je alleen het gedrag kunt vastleggen?
A
Je bent dan niet kritisch genoeg
B
Het is geen nadeel; het is juist handig!
C
Op die manier kan informatie verloren gaan
D
Je kunt geen verbanden leggen

Slide 21 - Quiz

This item has no instructions

Rapporteren - nav de observatie 
Rapporteren = vastleggen van de informatie (volgens de richtlijnen van de organisatie) 

Doelen van rapporteren
- Informatieoverdracht
- Om betrokkenen te informeren
- Voor een goede doorgang van werk (denk aan doelen van cliënten- voortgang)
- Tijdig signaleren van problemen
- Verantwoording aan bijvoorbeeld het zorgkantoor of gemeente


Rapporteren is iets wat in de zorg ontzettend belangrijk is! 
LET OP! je rapportage dient volgens de richtlijnen te zijn, objectief en professioneel. 
De rapportage kan zowel intern als extern gebruikt worden. 

Slide 22 - Slide

Loop deze doelen door met de studenten maar laat ze bij elk punt even actief nadenken over wat dit zou betekenen. Maak de theorie interactief! 

Mondelinge rapportage 

Voordelen:
  • Kost minder tijd en de betrokkenen zijn direct op de hoogte 
  • Je kunt de informatie toelichten 
  • De ontvanger kan reageren 
  • Er is ruimte voor emoties en non verbale signalen (ontvanger/betrokkenen denk aan familie van cliënt bijv.

Nadelen: 
  • Je kunt het niet nog rustig op eigen tempo teruglezen 
  • De informatie is alleen bekend bij aanwezigen
  • Complexe informatie is moeilijker te onthouden 
  • Mensen beinvloeden elkaar en dus ook de mondelinge rapportage 
  • Kan soms meer irrelevante informatie bevatten (te langdradig) of informatie missen (te bondig vanwege bijv. werk-tijdsdruk) 
Schriftelijke rapportage 

Voordelen: 
  • Je kunt het controleren 
  • Iedereen krijgt dezelfde informatie 
  • Je kunt veel informatie overdragen 
  • Alle betrokkenen kunnen het teruglezen
  • De lezer kan het in eigen tempo en tijd doornemen 
  • Je bedenkt wat je wel en niet opschrijft (relevantie) 


    Nadelen: 

  • Kost meer tijd  dan mondeling rapporteren
  • Je krijgt geen directe reactie 




Slide 23 - Slide

Sta stil bij het berip relevantie- wat betekent dit... 

Waar denk je dat je op moet letten
bij het mondeling en schriftelijk rapporteren?

Slide 24 - Mind map

This item has no instructions

Aandachtspunten observeren 
- Algemene verordening gegevensbescherming(AVG) bepaalt wie er toegang heeft tot deze informatie. 
Elke organisatie moet een protocol hebben waarbij ze rekening houden met de privacy van de cliënt. De cliënt mag altijd zijn/haar rapportage inzien.
---Betrokkenen? Ouders? als de cliënt onder de 16jaar is, inzage. 
---Boven de 16 jaar? Met medeweten/ toestemming cliënt.

Aandachtspunten rapportage: 

Stap 1 : Bepaal het doel (aan wie, overdracht intern?)  
Stap 2:  Orden de gegevens- De informatie is van belang voor degene die je informeert.  Maak een keuze tussen letterlijk en gedetailleerd beschrijven of samenvatten. 
Stap 3: Maak een schriftelijk verslag met de volgende punten: 
- Aanleiding: waarom dit verslag                                                    - Samenvatting - wat heb je geconstateerd/gezien? 
- Doel: Wat wil je met het verslag bereiken                                - Conclusie- Wat zijn de (vervolg)acties? 
- Kern: Beschrijf de gebeurtenis/ observatie  
Boek: Communicatie, Thema 11.4 +11.5

Slide 25 - Slide

Sta stil bij het berip relevantie- wat betekent dit... 

SOAP Methode 
Voor het rapporteren kun je gebruik maken van de SOAP methode. 
Dit hoeft uiteraard niet. Overleg hiervoor met je organisatie/BPV plek. 


De letters van SOAP staan voor:
  1. S = Subjectief (de informatie van de cliënt of naastbetrokkenen) - voorbeeld boek-
    Danny zegt dat hij gepest wordt door heel de groep. 
  2. O = Objectief (wat jij als professional hebt waargenomen)
    Ik zag dat Danny een verbaal conflict had met Ivan.
  3. A = Analyse (wat jij denkt dat er aan de hand is op basis van S en O)
      Danny is wat gevoelig, omdat hij op school veel gepest is, nu was er het conflict met Ivan, maar niet met de rest van de groep.
   4. P = Plan (de actie die je onderneemt op basis van S, O en A).
    Ik ga met Danny in gesprek om hem te laten inzien dat hij geaccepteerd is door de groep, maar ook dat er altijd conflicten
    kunnen ontstaan als je dingen samen doet. 

Boek: Communicatie, Thema 11.4 +11.5

Slide 26 - Slide

Sta stil bij het berip relevantie- wat betekent dit... 

Lesdoelen check 
Aan het einde van deze les kun jij- klassenronde :


- Jouw eigen bevindingen rapporteren naar aanleiding van je observatie zowel mondeling als schriftelijk op een professionele manier
- Je rapportage opstellen volgens de richtlijnen van school en BPV
- Je kunt de SOAP methode uitleggen in eigen woorden 






Slide 27 - Slide

Tip: Maak een pot of gebruik de spinner (component) met de namen van je studenten.... zo laat je het lot beslissen wie antwoord geeft op de lesdoelen. 

Slide 28 - Slide

This item has no instructions

Zelfstandig werken 
Dit betekent: 
- Stilte in de klas
- Fluisteren bij overleg
- Vragen? Steek je hand op! De docent loopt rond 
- Muziek in oortjes mag 



BPV? 
PAK JE FORMAT ERBIJ! Ga aan de slag met de rapportage. Vraag feedback aan je medestudent! Fluistertoon! 

Geen BPV?
aan de slag met leeractiviteit: 15
 & verwerkingsopdrachten van boek Communicatie Thema 11, opdracht 4, 7, 10 en 11 


timer
40:00

Slide 29 - Slide

This item has no instructions

Afsluiting - check voor jezelf
  1. Volgende week voor 14 maart 12.00u: Inleveren van de volledige opdracht!!
    Observatie en de rapportage zijn beoordeeld met handtekeningen en volledige naam van de begeleiders (+ eventueel instellingsstempels).

  2. LET OP! Ontbreekt handtekening? Dan wordt de opdracht niet nagekeken en is het automatisch herkansing! Let op herkansing is: 11 april voor 12.00u via teams of ITS learning! Je hebt dan geen lessen meer van dit vak dus bent verantwoordelijk om hier zelf alert op te zijn!

  3. Volgende week laatste les! En dan start de bufferweek!
    In week van 25 maart start dan PARTICIPATIE (deel 2 van BEGINSITUATIE) 


Slide 30 - Slide

This item has no instructions

Slide 31 - Slide

This item has no instructions

Extra uitleg-oefenmateriaal- zelfstudie

Slide 32 - Slide

This item has no instructions

Observatieplan 3
Observatievraag: Wat zijn mogelijke redenen/oorzaken dat meneer R. onrustig is tijdens het eetmoment?

Voorbeeld van deelvragen :
1. Hoe uit zich het onrustige gedrag van meneer R tijdens het eten (specifieke gedragingen- fysiek, verbaal?) 
2. Wordt de onrust mogelijk veroorzaakt door omgevingsfactoren ( personen, geluid, licht)?
3.Hoe lang duurt de periode van onrustig gedrag van meneer R tijdens het eetmoment?

4. Hoe is het contact van meneer R. met de andere bewoners en/of personeel? 
5. Wat zijn mogelijke manieren om het onrustige gedrag van meneer R tijdens eetmomenten te verminderen (werkt afleiding)? 


Slide 33 - Slide

This item has no instructions

Observatieplan 4
Heb je je observatiedoel en vragen helder? 
Deelvragen ook? 
Dan ga je een observatiemethode en techniek kiezen. 
Kijk ook naar de volgende lessen,  
je boek ''Methodisch werken'' thema 3, en de vorige lessen. 

Plan van aanpak: Waar, wanneer, tijd? 
- Als je weet waar je op gaat letten dan ga je een dag en tijd vaststellen. Dit doe je in overleg met je begeleider.



Slide 34 - Slide

This item has no instructions

Observatieplan 5
Denk ook na over hoe je de observatie gaat vastleggen. 
Ga je: 
- Beschrijven (Wat zie je? beschrijf feitelijk de observatie) 


- Turven / tellen 
- Verbanden leggen. 
Voor je  eerste observatie raden we aan om te starten met beschrijven, of turven en tellen. 

- Evaluatiepunten n.a.v. de observatie. 
Waar wil je op evalueren?  
Je blikt terug met vragen naar het moment van de observatie. 
Waren er factoren van invloed? Heb ik voldoende informatie nav deze observatie?etc 

Slide 35 - Slide

This item has no instructions

Extra oefenmateriaal- studenten
Onderstaande slides kun je zelfstandig doornemen als je hier behoeften aan hebt. De theorie staat ook in het boek die je de afgelopen weken hebt bestudeerd. 

In de theorie- Methodisch begeleiden 3.6- spreken we van een aantal manieren:
  • Beschrijven (ook wel ''continue observatie' genoemd)
  • Tellen en turven (ook wel ''time''/''event'' sampling genoemd)
  • Verbanden leggen 

Slide 36 - Slide

This item has no instructions

Ordenen en verwerken van gegevens 
Als je een observatiemethoden hebt gekozen en weet hoe je gaat observeren bijv. tijdens een kookactiviteit waarin je participeert dan is de volgende stap dat je gaat vastleggen in je plan hoe je dit gaat verwerken. 
In de theorie- Methodisch begeleiden 3.6- spreken we van een aantal manieren: 
  • Beschrijven (ook wel ''continue observatie''genoemd)
  • Tellen en turven (ook wel ''time''/''event'' sampling genoemd) 
  • Verbanden leggen 

    Op de volgende dia lopen we dit per onderdeel door. 

Slide 37 - Slide

This item has no instructions

Ordenen en verwerken van gegevens 
Als je een observatiemethoden hebt gekozen en weet hoe je gaat observeren bijv. tijdens een kookactiviteit waarin je participeert dan is de volgende stap dat je gaat vastleggen in je plan hoe je dit gaat verwerken. 

In de theorie- Methodisch begeleiden 3.6- spreken we van een aantal manieren: 
  • Beschrijven (ook wel ''continue observatie''genoemd)
  • Tellen en turven (ook wel ''time''/''event'' sampling genoemd) 
  • Verbanden leggen 

    Op de volgende dia lopen we dit per onderdeel door. 

Slide 38 - Slide

This item has no instructions

Verwerken van gegevens: ''beschrijven''
  • Beschrijven (ook wel ''continue observatie''genoemd) (meest gebruikte optie!) 
    Je schrijft tijdens een observatie alle opvallende punten die gebeuren op. Dit doe je zo objectief en volledig mogelijk. Vaak eerst steekwoorden, na je observatie omzetten tot een observatieverslag.  Voordeel= compleet beeld van de situatie/cliënt krijgen
    Nadeel= tijdrovend, gevaar subjectiviteit.


    08.30-09.00u - observatie tijdens bewegingsactiviteit met mevrouw X (84 jaar) 
    Mevrouw X zit achteraan op een stoel. AB'er geeft aan dat ze met een zachte bal gaan gooien. Mevrouw X geeft aan dat ze dit niet kan. Mevrouw X legt de bal op de grond en herhaalt dat ze het niet kan. Mevrouw X  mompelt en beweegt met haar handen ze kijkt weg van de AB'er. etc etc. 

Slide 39 - Slide

This item has no instructions

Verwerken van gegevens: ''turven/tellen''
  • Tellen en turven (ook wel ''time''/''event'' sampling genoemd) 
    Van tevoren zet je je observatievragen om in gedragskenmerken/aspecten. 
    Tijdens het teamoverleg wordt er besproken dat een client een gedragsverandering laat zien of er is bijvoorbeeld bij een client sprake van moeilijk verstaanbaar gedrag. 
    Je gaat kijken hoe vaak en wanneer de situatie zich voordoet. 

  • Voordeel : objectief en door meerdere
    collega's kunnen de observatie doen 
  • Nadeel: doordat het in het schema al geordend is,
    gaat er mogelijk ook informatie verloren 

Slide 40 - Slide

This item has no instructions

Verwerken van gegevens: verbanden leggen

Je kunt informatie verwerken door verbanden te leggen tussen de gegevens die je hebt verzameld. Als je verbanden legt, kun je een ander beeld krijgen van een situatie.

Voorbeeld vanuit de theorie: 

Slide 41 - Slide

This item has no instructions