Klokkijken / telling time (fatima)

Klokkijken / Telling Time
1 / 25
next
Slide 1: Slide
EngelsMiddelbare schoolvmbo g, t, mavoLeerjaar 1

This lesson contains 25 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 30 min

Items in this lesson

Klokkijken / Telling Time

Slide 1 - Slide

Telling time

Het werkt iets anders dan in het Nederlands. Bij 15:30 (= half 4 in het Nederlands) zeg je in het Engels half past three PM. 
Voorbeelden:
13:00 = one o'clock (or one PM)
15:30 = half past three PM
08:45 = fifteen to nine AM
02:00 = two o'clock (or two AM)
14:31 = twenty-nine to three PM
17:25 = twenty-five past five PM
12:00= noon

Slide 2 - Slide

Wanneer is het AM en PM?
Als iemand 's middags aan je vraagt hoe laat het is (en het is 15:30), dan kan je gewoon zeggen: it is half past three. Hier hoef je niet bij te zeggen dat het PM is, omdat het duidelijk is dat het niet half 4 in de nacht is maar half 4 in de middag is. 

AM = van 24:00 - 12:00 = 's nachts en 's ochtends (ante meridien)

PM = van 12:00 - 24:00 = 's middags en 's avonds (post meridien)

Slide 3 - Slide

Hele uren

Always use o'clock
- 01:00 = one o'clock (in de nacht / at night)
- 13:00 = one o'clock (in de middag / in the afternoon)
- 20:00 = eight o'clock

Twee termen

12 uur 's middags en 12 uur 's nachts hebben twee aparte woorden in het Engels:
- 12:00 = noon
- 00:00= midnight

Slide 4 - Slide

Wanneer zeg je 'to'

In de eerste 30 minuten van ieder uur gebruik je past (van 1 minuut over t/m 30 minuten over), dus:
- 12:01 = one past twelve PM
- 12:20 = twenty past twelve PM
- 12:30 = half past twelve PM


Wanneer zeg je 'past'

In de tweede 30 minuten ieder uur gebruik je to (van 31 minuten over t/m 59 minuten over), dus:
- 12:31 = twenty-nine to one PM
- 12:45 = a quarter to one PM
- 12:59 = one to one PM

Slide 5 - Slide

Kwartieren
Kwartieren > use 'past' or 'to'
- 14:15 = a quarter past two PM
- 21:15 = a quarter past nine PM
- 16:45 = a quarter to five PM
- 02:45 = a quarter to three AM

Slide 6 - Slide

Slide 7 - Slide

Hoe zeg je in het Engels
Hoe laat is het?

Slide 8 - Open question

Telling the time

Slide 9 - Slide

Is dit AM or PM?

07:00
A
AM
B
PM

Slide 10 - Quiz

Is dit AM or PM?

13:00
A
AM
B
PM

Slide 11 - Quiz

Is dit AM or PM?

19:00
A
AM
B
PM

Slide 12 - Quiz

Is dit AM or PM?

01:45
A
AM
B
PM

Slide 13 - Quiz

Telling the time:
Het is vijf voor negen.

A
It's five past nine.
B
It's fifty-five past eight.
C
It's five to nine.
D
It's five to nine o' clock.

Slide 14 - Quiz

Telling the time
Het is half drie.
A
It's half three.
B
It's half two.
C
It's half past three.
D
It's half past two.

Slide 15 - Quiz

Telling the time
Het is kwart over 3.
A
It's a quater to 3.
B
It's a quater past 3.

Slide 16 - Quiz

Telling time
Write out the time:
07:15
A
It's fifteen past seven.
B
It's fifteen to seven.
C
It's a quarter past seven.
D
It's a quarter to seven.

Slide 17 - Quiz

Telling time:
What time is it?
13.00
A
It's half past two
B
It's one o'clock (pm)
C
It's half past one
D
It's two o'clock (am)

Slide 18 - Quiz

Telling time:
What time is it?
06:45
A
It's fifteen past seven.
B
It's fifteen to seven.
C
It's a quarter past seven.
D
It's a quarter to seven.

Slide 19 - Quiz

Telling the time:
Het is 10 voor half 4. (15.20)
A
It's 10 to half past 4.
B
It's 20 past 4.
C
It's 20 past three.
D
It's 20 to 4.

Slide 20 - Quiz

Schrijf uit:
20:30

Slide 21 - Open question

Schijf uit:
9:45

Slide 22 - Open question

Schrijf uit:
11:55

Slide 23 - Open question

Schrijf uit:
16:25

Slide 24 - Open question

Oefenen
Voor de uitleg, klik hier
Voor oefeningen, klik hier 

Slide 25 - Slide