Les 2 Sport, kracht en beweging M2

Les 2 Sport, Kracht en Beweging
1 / 48
next
Slide 1: Slide
NatuurkundeMiddelbare schoolmavo, havoLeerjaar 2

This lesson contains 48 slides, with interactive quizzes, text slides and 6 videos.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

Les 2 Sport, Kracht en Beweging

Slide 1 - Slide

Planning
  • Herhaling
  • Isaac Newton
  • Rekenen met zwaartekracht
  • Krachten meten
  • Krachten tekenen


Slide 2 - Slide

Soort krachten:
  • Spierkracht
  • Veerkracht
  • Zwaartekracht
  • Gewicht
  • Spankracht
  • Wrijvingskracht (luchtwrijving of rolwrijving)
  • Normaalkracht
Krachten worden met een krachtmeter in Newton gemeten.

Slide 3 - Slide

Veerkracht
Fv

Slide 4 - Slide

Zwaartekracht
Fz

Slide 5 - Slide

Gewicht
  G    of   Fg

Slide 6 - Slide

Spankracht
 Fs

Slide 7 - Slide

Wrijvingskracht
Fw

Slide 8 - Slide

Newton
Isaac Newton wordt door vele wetenschappers ook wel gezien als de grootste geleerde aller tijden. Hij was de eerste wetenschapper die bedacht dat er een kracht is, die voorwerpen naar de aarde trekt. Hij noemde die kracht de zwaartekracht. Waar kwam hij precies achter en wat zijn de drie wetten van Newton?

Slide 10 - Slide

Slide 11 - Video

Zwaartekracht
In de ruimte heb je te maken met een ander soort zwaartekracht dan op aarde. 

Maar wat is zwaartekracht eigenlijk?

Slide 12 - Slide

Slide 13 - Video

Wat is jouw zwaartekracht?
Hoe hard trekt de aarde aan jouw lichaam?

Dat kun je uitrekenen met jouw massa.

1. Neem je eigen massa
2. Doe dat x 9,81
3. Nu heb je je eigen zwaartekracht. De eenheid is Newton (N)

Slide 14 - Slide

Wat is de eenheid van zwaartekracht?
A
Watt
B
Ampere
C
Newton
D
Volt

Slide 15 - Quiz

Michiel weegt 65 kg. Hoeveel Newton is zijn zwaartekracht op aarde?
A
0,63765 N
B
63,765 N
C
637,65 N
D
6376,5 N

Slide 16 - Quiz

Yara heeft een zwaartekracht op aarde van 580 N, hoeveel geeft haar weegschaal thuis aan?
A
0,591 kg
B
5,91 kg
C
59,1 kg
D
591 kg

Slide 17 - Quiz

Formule?
Weer werken we met een formule, maar deze keer is hij wat simpeler: Zwaartekracht= Massa x 9,81
De 9,81 is de aantrekkingskracht van de aarde op een voorwerp. Dit noemen we gravitatiekracht (moeilijk woord he😉 ), het symbool hiervoor is een "g". 

Slide 18 - Slide

Zwaartekracht
Zwaartekracht kort je af tot Fz. 

De F staat voor Force: kracht in het Engels. 

De z is zwaartekracht. 


Slide 19 - Slide

Slide 20 - Slide

Slide 21 - Video

Slide 22 - Slide

Waar wegen de deelnemers het minst?
A
Maan
B
Mercurius
C
Jupiter
D
Pluto

Slide 23 - Quiz

Waar wegen de deelnemers het meest?
A
Maan
B
Mercurius
C
Jupiter
D
Pluto

Slide 24 - Quiz

Slide 25 - Slide

Hoeveel geeft de weegschaal aan op Pluto?
A
100 kg
B
7,9 kg
C
77 kg
D
254 kg

Slide 26 - Quiz

Hoeveel geeft de weegschaal aan op Jupiter?
A
100 kg
B
2490 kg
C
7,9 kg
D
254 kg

Slide 27 - Quiz

Slide 28 - Slide

Meten van een kracht

Slide 29 - Slide

Veerunsters
Het bereik van een veerunster is afhankelijk van de sterkte van de veer.

Slide 30 - Slide

Welke veerunster bevat de sterkste veer.
A
linker
B
middelste
C
rechter

Slide 31 - Quiz

Slide 32 - Video

Krachten tekenen
  • Een kracht teken je als een krachtpijl ook wel een krachtvector genoemd.
  • Bij een krachtpijl staat de letter F





Heeft een aangrijpingspunt
Heeft een groote
Heeft een richting

Slide 33 - Slide

Krachten tekenen
  • Een vector heeft een:

    aangrijpingspunt
    richting
    en een grootte.









Heeft een aangrijpingspunt
Heeft een groote
Heeft een richting

Slide 34 - Slide

Slide 35 - Slide

Slide 36 - Slide

Slide 37 - Slide

Slide 38 - Slide

Slide 39 - Slide

Opdracht

Lees blz 114 en 115: Krachten meten en tekenen

Maak vraag 18 en 19

Slide 40 - Slide

Neem foto's van de antwoorden van vraag 18 en 19 plaats deze hier.

Slide 41 - Open question

Slide 42 - Slide

Slide 43 - Video

Slide 44 - Video

Opdracht

Maak vraag 23 en 24

Lees blz 116: aangrijpingspunt van een kracht

Maak vraag 26 en 27

Slide 45 - Slide

Neem foto's van de antwoorden van vraag 23 en 24 plaats deze hier

Slide 46 - Open question

Neem foto's van de antwoorden van vraag 26 plaats deze hier

Slide 47 - Open question

Neem foto's van de antwoorden van vraag 27 plaats deze hier

Slide 48 - Open question