2.1 Moleculen en atomen

§2.1 Moleculen en atomen
1 / 19
next
Slide 1: Slide
ScheikundeMiddelbare schoolhavoLeerjaar 3

This lesson contains 19 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

§2.1 Moleculen en atomen

Slide 1 - Slide

Leerdoelen
  • Je weet dat moleculen zijn opgebouwd uit atomen.
  • Je kunt het verschil uitleggen tussen elementen en verbindingen.
  • Je kunt moleculen weergeven in molecuulformules.
  • Je kunt de systematische naamgeving van moleculen toepassen.
  • Je kunt het verschil tussen een scheidingsmethode, een faseovergang en een chemische reactie op microniveau onderscheiden. 

Slide 2 - Slide

Bouw van stoffen

Slide 3 - Slide

Het periodiek systeem
  • 118 verschillende atomen.
  • verdeeld in 3 delen.

  • metalen (geel)
  • metalloïden (blauw)
  • niet metalen (rood)

Slide 4 - Slide

oplopende massa
Groep: dezelfde eigenschappen

Slide 5 - Slide

Moleculen
Moleculen kun je weergeven met een 
structuurformule. 



Hoofdstuk 2 Chemische reacties
§2.1 Moleculen en atomen

Slide 6 - Slide

d

Elementen
Stoffen met moleculen die maar uit één soort atomen bestaan, noem je elementen.


ggg
g


Hoofdstuk 2 Chemische reacties
§2.1 Moleculen en atomen
Verbinding
Moleculen die meer dan één atoomsoort bevatten, noem je een verbinding.

Slide 7 - Slide

Zie de molecuultekening van ethanol. Uit hoeveel moleculen bestaat deze tekening?
A
1
B
3
C
6
D
9

Slide 8 - Quiz

Zie de molecuultekening van ethanol. Uit hoeveel atomen bestaat deze tekening?
A
1
B
3
C
6
D
9

Slide 9 - Quiz

Zie de molecuultekening van ethanol. Uit hoeveel atoomsoorten bestaat deze tekening?
A
1
B
3
C
6
D
9

Slide 10 - Quiz

Molecuulformules
Geeft in een formule aan:
  • Welke atomen aanwezig zijn in een molecuul;
  • Hoeveel atomen aanwezig zijn in een molecuul.

Slide 11 - Slide

Voorbeeld: 3 H2O
  • 3 watermoleculen 

  • In elk molecuul 2 waterstofatomen (H) 
  • In elk molecuul 1 zuurstofatoom (O)

Slide 12 - Slide

4

Hoeveel C en O atomen zijn in totaal aanwezig?
CO2
A
4 C en 2 O
B
4 C en 6 O
C
4 C en 8 O
D
8 C en 8 O

Slide 13 - Quiz

Wat is de juiste molecuulformule bij deze molecuultekening?
A)
B)
C)
D)
CO3
CH2O
CH2O2
CHO
A
A
B
B
C
C
D
D

Slide 14 - Quiz

Systematische naamgeving
  • Verbinding van twee atoomsoorten
  • Wereldwijd dezelfde opbouw en gebaseerd op het molecuul

Eerste atoomsoort = altijd de naam van het eerste element in de molecuulformule
Tweede atoomsoort = vervoeging van het tweede element (tabel 4)

Slide 15 - Slide

Voorbeeld

Geef de systematische naam van bovenstaande verbinding.

1. 2 fosfor atomen -> difosfor
2. 5 zwavel atomen -> pentasulfide

Difosforpentasulfide
P2S5

Slide 16 - Slide

Voorbeeld andersom
Geef de molecuulformule van hexawaterstofmonosulfide

1. hexa waterstof -> 6 waterstof atomen
2. mono sulfide -> 1 zwavel atoom


H6S

Slide 17 - Slide

Aan de slag!
2.1 opdracht 1 t/m 12

Slide 18 - Slide

Leerdoelen
  • Je weet dat moleculen zijn opgebouwd uit atomen.
  • Je kunt het verschil uitleggen tussen elementen en verbindingen.
  • Je kunt moleculen weergeven in molecuulformules.
  • Je kunt de systematische naamgeving van moleculen toepassen.
  • Je kunt het verschil tussen een scheidingsmethode, een faseovergang en een chemische reactie op microniveau onderscheiden. 

Slide 19 - Slide