IB_FR_ZMYP2- Periode_1-Cours_8 20251114

1 / 51
next
Slide 1: Slide
FransMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 1

This lesson contains 51 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.

Items in this lesson

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Startklaar
Enlevez votre manteau. 
Mettez votre téléphone portable dans votre sac à dos.
Écouteurs dans vos sacs à dos.
Posez vos sacs à dos par terre.
Posez votre ordinateur portable ouvert sur la table.
Mettez votre matériel scolaire sur la table.
timer
5:00

Slide 2 - Slide

This item has no instructions

Tijdens de les.../ Pendant le cours...

... vous êtes silencieux lorsque le professeur parle.
... vous êtes silencieux lorsqu'un camarade de classe parle.
... écoutez ce que le professeur dit et suivez les instructions.
... vous êtes amical à tout moment.
... vous participez activement.

Slide 3 - Slide

This item has no instructions

Slide 4 - Slide

This item has no instructions

Welkom bij LA French
Unit 1: Hello...it's me! And how are you?/
Bonjour, je me présente! Comment allez-vous?
Learner Profile:
Communicators
ATL (Action: Teaching and learning through inquiry):
Communication/Collaboration/Reflection skills
Related concepts:
Audience and Context

- Audience refers to whomever a text or performance is aimed at: the reader, the listener, the viewer. 
- Context refers to the social, historical, cultural and workplace settings in which a text or work is produced.
Key concept:
Communication 
Statement of Inquiry : Communication, adapted to audience and context, can build open-minded and caring relationships, based on one’s identity.
Global context:
Identity formation

Slide 5 - Slide

This item has no instructions

Programma
  • Voorkennis/ Connaissances préalables
  • Leerdoelen opstellen/ Objectifs d’apprentissage
  • Huiswerkcorrectie/ Correction des devoirs - FA
  • Instructie/ Instructions
  • Aan de slag/ Connaissance d'aujourd'hui
  • Reflectie en leerdoelen check/ Réflexion et vérification des objectifs d'apprentissage

Slide 6 - Slide

This item has no instructions

Overzicht periode 1
Week 6
Week 7
Week 8
Week 9
Week 10
Comment présenter et identifier quelqu'un?

How to introduce and identify someone?

Quelles charactéristiques partage-t-on avec sa famille et ses amis?

Existe-t-il différents types de famille?

Révision/
Content review

Examen/
Test

Slide 7 - Slide

This item has no instructions

Terugblik-opdracht
Het bijvoeglijk naamwoord zegt iets over een......
A
bijwoord
B
werkwoord
C
voorzetsel
D
zelfstandig naamwoord

Slide 8 - Quiz

This item has no instructions

Terugblik-opdracht
Het bijvoeglijk naamwoord kan 4 vormen hebben
Mannelijk
Vrouwelijk
Enkelvoud
Meervoud
grande
grandes
grand
grands

Slide 9 - Drag question

This item has no instructions

Terugblik-opdracht
De blauwe t-shirts.
A
Les bleus tee-shirts
B
Les bleu tee-shirt
C
Les tee-shirts bleus
D
Le tee-shirt bleues

Slide 10 - Quiz

This item has no instructions

Terugblik-opdracht
De witte huizen
A
La blanche maisons
B
Les maison blanche
C
Les blanches maison
D
Les maisons blanches

Slide 11 - Quiz

This item has no instructions

Leerdoelen

- Je sais comment écrire les adjectifs en français./ Ik weet hoe ik bijvoeglijke naamwoorden in het Frans moet schrijven.
- Je sais utiliser les mots pour poser des questions./Ik weet woorden te gebruiken om vragen te stellen.
- Je comprends un texte sur les différents types de famille./ Ik begrijp een tekst over de verschillende soorten gezinnen.
- Je comprends une vídeo en Français./ Ik begrijp een video in het Frans.






Slide 12 - Slide

This item has no instructions

Les adjectifs
Het bijvoeglijk naamwoord

Slide 13 - Slide

This item has no instructions

L'adjectif
Toepassen 
man
vrouw 
enkelvoud
-
-e
meervoud
-s
-es
man
vrouw
enkelvoud
petit
petite
meervoud
petits
petites

Slide 14 - Slide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd en leerlingen worden steeds zelfstandiger. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

Les adjectifs : masculin / féminin
Toepassen adjectif

Slide 15 - Slide

This item has no instructions

La place (plek) de l'adjectif
En néerlandais, l’adjectif se place devant le nom, tandis qu’en français, l’adjectif se place le plus souvent après le nom.

In het Nederlands staat het bijvoeglijk naamwoord voor het zelfstandig naamwoord, terwijl in het Frans het bijvoeglijk naamwoord meestal achter het zelfstandig naamwoord staat. Hier is een voorbeeld.

De rode boot.                   le bateau rouge.

Slide 16 - Slide

This item has no instructions

Slide 17 - Slide

This item has no instructions

Exceptions
Il existe un certain nombre d’exceptions : ces adjectifs se placent toujours avant le nom.
Wel zijn er een aantal uitzonderingen, deze bijvoeglijke naamwoorden staan altijd voor het zelfstandig naamwoord, gevolgd door nog weer een voorbeeld:

Bon, beau, joli, haut, long, petit, jeune, vieux, grand, gros, mauvais en nouveau
De nieuwe boot.          Le nouveau bateau.

Slide 18 - Slide

This item has no instructions

Ces adjectifs se placent toujours avant le nom.
Deze bijvoeglijke naamwoorden staan altijd voor het zelfstandig naamwoord.
Exceptions

Slide 19 - Slide

This item has no instructions

Vul de juiste vorm in:
Het is een mooi meisje.

A
C'est une fille belle
B
C'est une beau fille
C
C'est une fille belles
D
C'est une belle fille

Slide 20 - Quiz

This item has no instructions

Vul de juiste vorm in:
Dat is een goed idee.
A
C'est une idée bonne
B
C'est une bonne idée
C
C'est une bon idée
D
C'est une idée bon

Slide 21 - Quiz

This item has no instructions

komt het bijvoeglijk naamwoord voor of achter het zelfstandig naamwoord?
VOOR
ACHTER
italien
mauvais
noir
joli
beau
sportif

Slide 22 - Drag question

This item has no instructions

Homework
Correction

Slide 23 - Slide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd en leerlingen worden steeds zelfstandiger. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

Homework
Correction

Slide 24 - Slide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd en leerlingen worden steeds zelfstandiger. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

Homework
Correction

Slide 25 - Slide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd en leerlingen worden steeds zelfstandiger. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

Homework
Correction

Slide 26 - Slide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd en leerlingen worden steeds zelfstandiger. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

Homework
Correction

Slide 27 - Slide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd en leerlingen worden steeds zelfstandiger. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

Homework
Correction

Slide 28 - Slide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd en leerlingen worden steeds zelfstandiger. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

Homework
Correction

Slide 29 - Slide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd en leerlingen worden steeds zelfstandiger. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

Homework
Correction

Slide 30 - Slide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd en leerlingen worden steeds zelfstandiger. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

Les questions/Vragen
Que
=
Wat
Comment
=
Hoe
=
Waar
Quelle
=
Wat/Welke
(Avec) qui
=
(Met) wie
Quand
=
Wanneer
Pourquoi
=
Waarom
Combien
=
Hoeveel

Slide 31 - Slide

This item has no instructions

Comment
Combien
Quand
Qui

Slide 32 - Drag question

This item has no instructions

Je sais utiliser les mots pour poser des questions.
Ik weet woorden te gebruiken om vragen te stellen.
0100

Slide 33 - Poll

This item has no instructions

Différents types de famille
La famille est très importante.
Avant, les familles étaient différentes.
Aujourd’hui, au XXIe siècle, les familles changent, mais la famille reste importante.

Het gezin is heel belangrijk.
Vroeger waren gezinnen anders.
Vandaag, in de 21e eeuw, veranderen gezinnen, maar het gezin blijft belangrijk.


Slide 34 - Slide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd en leerlingen worden steeds zelfstandiger. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

Aan de slag
Un enfant mineur est un enfant:
Een minderjarig kind is een kind:
A
de moins de 18 ans
B
de plus de 18 ans

Slide 35 - Quiz

This item has no instructions


Combien il y a-t-il de types de famille?
Hoeveel soorten gezinnen zijn er?
Aan de slag

Slide 36 - Open question

This item has no instructions


Quels types de famille existe-t-il?
Welke soorten gezinnen zijn er?
Aan de slag

Slide 37 - Open question

This item has no instructions

Je comprends un texte sur les différents types de famille./ Ik begrijp een tekst over de verschillende soorten gezinnen.
😒🙁😐🙂😃

Slide 38 - Poll

This item has no instructions

Instructie 
Astuces/ TIP - compréhension orale
Avant de regarder une vidéo :/ Before listening to or watching a video:
  • Lis toujours d’abord les questions et les réponses./ Always read the questions and answers first.
  • Essaie de comprendre le thème et le contexte./ Try to understand the theme and the context.
  • Souligne les mots-clés des phrases./ Underline the key words in the sentences.

Pendant la vidéo :/ During the video:
Écoute attentivement./ Listen carefully.
Observe bien les images./ Pay close attention to the images.

Slide 39 - Slide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd en leerlingen worden steeds zelfstandiger. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

Exercice

Slide 40 - Slide

This item has no instructions

Slide 41 - Video

This item has no instructions

Correction

Slide 42 - Slide

This item has no instructions

Correction

Slide 43 - Slide

This item has no instructions

Correction

Slide 44 - Slide

This item has no instructions

Correction
C'est Vaillant
Il a 12 ans.
Elle s'appelle Jeanne
Pierre
jumeaux

Slide 45 - Slide

This item has no instructions

Correction

Slide 46 - Slide

This item has no instructions

Correction

Slide 47 - Slide

This item has no instructions

I can find specific information
from a video.
0100

Slide 48 - Poll

This item has no instructions

Reflectie
  • Je sais comment écrire les adjectifs en français./ Ik weet hoe ik bijvoeglijke naamwoorden in het Frans moet schrijven.
  • Je sais utiliser les mots pour poser des questions./Ik weet woorden te gebruiken om vragen te stellen.
  • Je comprends un texte sur les différents types de famille./ Ik begrijp een tekst over de verschillende soorten gezinnen.
  • Je comprends une vídeo en Français./ Ik begrijp een video in het Frans.

Slide 49 - Slide

8. Afsluiting
De docent controleert in de slotfase van de les of de leerdoelen door alle leerlingen behaald zijn en plaatst de les in de context van de betreffende Unit. De docent evalueert samen met de leerlingen het leren en het gedrag op basis van het Learner Profile en de ATL-skills. Dit wordt vastgelegd in Toddle. Samen blikken docent en leerlingen vooruit aan de hand van de JdW-planner.

Bonne journée!

Slide 50 - Slide

This item has no instructions

Slide 51 - Slide

This item has no instructions