Coöperatief – Je werkt samen, toont interesse en respect voor de ander. Dit bevordert open communicatie en samenwerking.
Assertief – Je neemt initiatief en vraagt om wat je nodig hebt, zonder over de ander heen te lopen. Dit helpt bij het geven van duidelijke instructies en het stellen van grenzen.
Onderdanig – Je volgt de ander, zoekt goedkeuring en laat de ander de leiding nemen. Dit kan passief zijn in begeleiding en weinig initiatief tonen.
Agressief – Je bent dominant en confronteert anderen. Dit kan de relatie verstoren en studenten afschrikken, waardoor samenwerking moeilijker wordt.
Als begeleider is het belangrijk om te herkennen welke stijl de ander heeft en hier je begeleiding op aan te passen omn