Les 5

29 oktober 2026

1 / 20
next
Slide 1: Slide
New lesson editorNT2Onthaalonderwijs voor anderstalige nieuwkomersB1

This lesson contains 20 slides, with text slides.

time-iconLesson duration is: 320 min
Report this lesson

Items in this lesson

29 oktober 2026

Zinsbouw vanaf 10

Conversatie : Werken bij Kruidvat en het Leven in Wuustwezel

Probeer langere antwoorden te formuleren met verbindingswoorden zoals:

omdat, hoewel, terwijl, daarom, bovendien, als, wanneer en aan de ene kant … aan de andere kant.


Bijvoorbeeld:

Hoewel ik soms op zaterdag moet werken, vind ik mijn job bij Kruidvat aangenaam, omdat ik graag klanten help. Wanneer ik vrij ben, ga ik graag wandelen in Wuustwezel. Zo kan ik na een drukke werkdag ontspannen.

Thema 1. Mijn werk bij Kruidvat

  1. Hoelang werk je al bij Kruidvat en hoe ben je bij dit bedrijf terechtgekomen?

  2. Waarom heb je ervoor gekozen om bij Kruidvat te werken?

  3. Hoe ziet een gewone werkdag er voor jou uit?

  4. Welke taken doe je het liefst en waarom?

  5. Welke taken vind je minder aangenaam of moeilijk?

Thema 1. Mijn werk bij Kruidvat

  1. Welke eigenschappen moet een goede medewerker van Kruidvat volgens jou hebben?

  2. Hoe verloopt de samenwerking met je collega's?

  3. Wat heb je sinds je eerste werkdag bij Kruidvat bijgeleerd?

  4. Welke verschillen merk je tussen werken bij Kruidvat en je eventuele vorige jobs?

  5. Wat zou je veranderen als je één dag filiaalmanager mocht zijn?

Thema 2. Klanten, communicatie en problemen

  1. Hoe begroet je klanten en hoe probeer je hen te helpen?

  2. Wat doe je wanneer een klant een product zoekt dat niet meer op voorraad is?

  3. Hoe reageer je wanneer een klant ontevreden is over een aankoop?

  4. Wat doe je als een klant je een vraag stelt waarop je het antwoord niet weet?

  5. Hoe leg je een promotie uit aan een klant die de voorwaarden niet begrijpt?

Thema 2. Klanten, communicatie en problemen

  1. Wat doe je wanneer verschillende klanten tegelijkertijd je hulp nodig hebben?

  2. Hoe reageer je wanneer een klant onbeleefd of ongeduldig wordt?

  3. Welke misverstanden kunnen ontstaan aan de kassa en hoe los je die op?

  4. Waarom is het belangrijk om duidelijk Nederlands te spreken met klanten en collega's?

  5. Kun je een situatie beschrijven waarin je een klant bijzonder goed hebt geholpen?

Thema 3. Werkorganisatie en toekomst

  1. Hoe worden de taken in jouw winkel verdeeld?

  2. Hoe ga je om met drukke periodes, bijvoorbeeld tijdens de feestdagen?

  3. Wat gebeurt er als een collega onverwacht ziek wordt?

  4. Hoe zorg je ervoor dat de winkel netjes en overzichtelijk blijft?

  5. Waarom is het belangrijk dat producten op de juiste plaats staan en correct geprijsd zijn?

Thema 3. Werkorganisatie en toekomst

  1. Hoe combineer je je werkuren met je gezinsleven en je vrije tijd?

  2. Wat zou je doen als je het niet eens was met een beslissing van je leidinggevende?

  3. Welke opleidingen of bijscholingen zouden voor jou nuttig zijn?

  4. Welke mogelijkheden zie je om binnen Kruidvat door te groeien?

  5. Hoe denk je dat het werk in winkels de komende tien jaar zal veranderen?

Thema 4. Wonen en leven in Wuustwezel

  1. Hoelang woon je al in Wuustwezel en waarom ben je daar gaan wonen?

  2. Wat vind je de grootste voordelen van wonen in Wuustwezel?

  3. Zijn er ook nadelen aan het leven in een landelijke gemeente?

  4. Hoe zou je Wuustwezel beschrijven aan iemand die er nog nooit geweest is?

  5. Welke winkels, diensten en voorzieningen gebruik je regelmatig in Wuustwezel?

Thema 4. Wonen en leven in Wuustwezel

  1. Wat vind je van het openbaar vervoer?

  2. Welke activiteiten kun je in Wuustwezel doen tijdens je vrije tijd?

  3. Wuustwezel heeft veel natuur en wandelmogelijkheden. Hoe belangrijk is die groene omgeving voor jou?

  4. Welke verschillen merk je tussen Wuustwezel en een grotere stad zoals Antwerpen?

  5. Wat zou de gemeente volgens jou moeten verbeteren om het leven voor haar inwoners aangenamer te maken?