5.4 Oplossingen leerlingversie

H5.4 Reken aan oplossingen
1 / 44
next
Slide 1: Slide
ScheikundeMiddelbare schoolhavoLeerjaar 3

This lesson contains 44 slides, with interactive quizzes, text slides and 3 videos.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

H5.4 Reken aan oplossingen

Slide 1 - Slide

Zelfstandige rekenles
  • Paragraaf 5.4 heeft 4 grote rekenonderwerpen, welke jullie al vaker gezien hebben bij scheikunde/natuurkunde/rekenen.
  • Deze les werk je zelfstandig door, bestudeer per onderdeel de uitlegde voorbeeldopgave en maak hierna de rekenopgave 
  • Bekijk eventueel de uitlegvideo's voor meer informatie

  • Hierna ga je aan de slag met het huiswerk (zie laatste slide)
  • Eind van de les volgt een klassikale afsluiting

Slide 2 - Slide

Na deze les...
  1. kun je rekenen met de dichtheid
  2. kun je rekeken met oplosbaarheid
  3. kun je rekenen met gehalte
  4. kun je rekenen met volumepercentage en massapercentage

Slide 3 - Slide

Waarom moet je kunnen rekenen met dit soort gehaltes?

Slide 4 - Slide

Hoe zat het ook alweer?
Een verhoudingstabel ken je al
Herhaling

Slide 5 - Slide

In een verhoudingstabel zijn kruisproducten gelijk aan elkaar.

Herhaling

Slide 6 - Slide

In een verhoudingstabel zijn kruisproducten gelijk aan elkaar.

4
5
20
?
4 * ? =5 * 20

? = (5 * 20) / 4

? = 25
Herhaling

Slide 7 - Slide

Na deze les...
  1. kun je rekenen met de dichtheid
  2. kun je rekeken met oplosbaarheid
  3. kun je rekenen met gehalte
  4. kun je rekenen met volumepercentage en massapercentage

Slide 8 - Slide

Dichtheid
Dichtheid = massa in gram of kg van 1 m³ of 1 cm³ van een stof
Meest voorkomend: g/cm³
Formule:
Dichtheid = massa / volume



Slide 9 - Slide

Slide 10 - Video

Dichtheid rekenvoorbeeld
De dichtheid van een glazen glas is 2,5 g/cm³
Het glas weegt 45 gram

Bereken het volume van het glas in cm³

Slide 11 - Slide

Dichtheid rekenvoorbeeld
De dichtheid van een glazen glas is 2,5 g/cm³
Het glas weegt 45 gram

Bereken het volume van het glas in cm³
volume = massa / dichtheid
volume = 45 / 2,5 = 18 cm³

Slide 12 - Slide

Er wordt 11 gram olijfolie afgewogen in een maatbeker.
Dit neemt een volume in van 14 mL

Bereken de dichtheid van de olijfolie in g/cm³ (2 decimalen)

Slide 13 - Open question

Na deze les...
  1. kun je rekenen met de dichtheid
  2. kun je rekeken met oplosbaarheid
  3. kun je rekenen met gehalte
  4. kun je rekenen met volumepercentage en massapercentage

Slide 14 - Slide

Oplosbaarheid
Oplosbaarheid = aantal gram van een stof dat maximaal in 1 L vloeistof kan oplossen
Verzadigde oplossing: maximale hoeveelheid stof opgelost.
Onverzadigde oplossing: minder dan maximale hoeveelheid opgelost

Slide 15 - Slide

Slide 16 - Video

Oplosbaarheid rekenvoorbeeld
De oplosbaarheid van suiker in water is 1600 g/L. 

Bereken hoeveel gram oplost in 150 mL water

Slide 17 - Slide

Oplosbaarheid rekenvoorbeeld
De oplosbaarheid van suiker in water is 1600 g/L.

Bereken hoeveel gram oplost in 150 mL water

Massa (g)
1600
x
Volume mL
1 L = 1000 mL
150 mL
x=10001600150
x=240gram

Slide 18 - Slide

Bij 20°C lost 52,3 gram zout op in 154 mL water

Bereken de oplosbaarheid van zout in g/L

Slide 19 - Open question

Oplosbaarheid rekenopgave
Bij 20°C lost 52,3 gram zout op in 154 mL water

Bereken de oplosbaarheid van zout in g/L (1 decimaal)

Massa (g)
52,3
x
Volume mL
154
1000 
x=154100052,3
x = 339,6 gram/1000ml x = 339,6 g/L

Slide 20 - Slide

Na deze les...
  1. kun je rekenen met de dichtheid
  2. kun je rekeken met oplosbaarheid
  3. kun je rekenen met gehalte
  4. kun je rekenen met volumepercentage en massapercentage

Slide 21 - Slide

Gehalte (concentratie)
Wanneer je een bepaalde hoeveelheid stof ergens in oplost, spreek je ook wel over de gehalte.

Gehalte: de hoeveelheid opgeloste stof die per hoeveelheid oplossing aanwezig is (vaak per liter). Een ander woord voor gehalte is concentratie.

bijvoorbeeld: het gehalte van suiker in cola is 104 g/L.



Slide 22 - Slide

Slide 23 - Video

Gehalte rekenvoorbeeld
Koeienmelk bevat 3,4 g eiwit / 100 mL. 
Bereken de hoeveelheid eiwit in een pak met 2,5 L melk. 

Slide 24 - Slide

Gehalte rekenvoorbeeld
Koeienmelk bevat 3,4 g eiwit / 100 mL.
Bereken de hoeveelheid eiwit in een pak met 2,5 L melk. 

Massa (g)
3,4
x
Volume mL
100 mL
2,5 L = 2500 mL
x=1003,42500
x=85gram

Slide 25 - Slide

De werkzame stof in hoestdrank is broomhexine.
Hoestdrank bevat 1,6 mg broomhexine per mL.

Een volwassene mag 50 mg broomhexine per dag
binnen krijgen.

Bereken hoeveel mL hoestdrank je per dag mag drinken

Slide 26 - Open question

Gehalte rekenopgave
Hoestdrank bevat 1,6 mg broomhexine per mL.
Een volwassene mag 50 mg broomhexine per dag
binnen krijgen.  
Bereken hoeveel mL hoestdrank je per dag mag drinken
Massa (mg)
1,6
50
Volume mL
1
x
x=1,6150
x = 61,25 ml

Slide 27 - Slide

Na deze les...
  1. kun je rekenen met de dichtheid
  2. kun je rekeken met oplosbaarheid
  3. kun je rekenen met gehalte
  4. kun je rekenen met volumepercentage en massapercentage

Slide 28 - Slide

Percentages
Volumepercentage: aantal mL stof per 100 mL mengsel
volume-%
Massapercentage: aantal gram stof per 100 g mengsel
massa-%

Slide 29 - Slide

100 koeien
100% koe

Slide 30 - Slide

99 koeien
99% koe
1 schaap
1% schaap

Slide 31 - Slide

54 koeien
2 schapen
24 kippen
Hoeveel procent van de dieren is een kip?


Slide 32 - Slide

54 koeien
2 schapen
24 kippen
Totaal aantal dieren 
54 + 24 + 2 = 80

24 hiervan zijn kippen.



Hoeveel procent van de dieren is een kip?

Slide 33 - Slide

54 koeien
2 schapen
24 kippen
Totaal aantal dieren 
54 + 24 + 2 = 80
24 hiervan zijn kippen.



Hoeveel procent van de dieren is een kip?

Slide 34 - Slide

54 koeien
2 schapen
24 kippen
Totaal aantal dieren 
54 + 24 + 2 = 80
24 hiervan zijn kippen.


massa% = 30 %
Hoeveel procent van de dieren is een kip?
8024100

Slide 35 - Slide

Massapercentage
Massapercentage is de hoeveelheid stof in een mengsel uitgedrukt in procenten

Massa druk je uit in mg, gr, kg, etc

Slide 36 - Slide

Volumepercentage
Volumepercentage is de hoeveelheid vloeistof of gas in een mengsel uitgedrukt in procenten

Volume druk je uit in mL, L, cm³, dm³, m³ etc 

Slide 37 - Slide

Percentage rekenvoorbeeld
Whisky bevat 43 volume-% alcohol. In een glas zit 25 mL whisky. 

Bereken hoeveel mL alcohol in het glaasje zit.

Slide 38 - Slide

Percentage rekenvoorbeeld
Whisky bevat 43 volume-% alcohol. In een glas zit 25 mL whisky. 

Bereken hoeveel mL alcohol in het glaasje zit.
volume-% = deel/geheel x 100
deel = (volume-% x geheel) / 100
deel = (43 x 25) / 100 = 10,75 mL

Slide 39 - Slide

Een pakje boter van 240 gram bevat 192 gram vet.

Bereken het massa-% vet in het pakje boter

Slide 40 - Open question

Einde lesson up
  • Dit is het einde van de Lesson Up
  • Nu ga je aan de slag met opgave:
34, 36, 37, 38, 42, 43 & 44
van 5.4 op pagina 155


  • Vul de 2 stellingen in op de volgende slide

Slide 41 - Slide

Ik vond de gekozen lesvorm (zelfstandig in LessonUp) goed werken.
😒🙁😐🙂😃

Slide 42 - Poll

Ik snapte wat er uitgelegd werd in de instructie (1=slecht, 10=goed)
010

Slide 43 - Poll

Einde lesson up
  • Dit is het einde van de Lesson Up
  • Nu ga je aan de slag met opgave:
34, 36, 37, 38, 42, 43 & 44
van 5.4 op pagina 155

Slide 44 - Slide