Herhaling anticonceptie

Herhaling anticonceptie + het lichaam

1 / 30
next
Slide 1: Slide
New lesson editorGASVBuitengewoon secundair onderwijs

This lesson contains 30 slides, with interactive quizzes and text slide.

time-iconLesson duration is: 18 min

Items in this lesson

Herhaling anticonceptie + het lichaam

Wat betekent "anticonceptie"?

A

Middelen om sneller zwanger te worden

B

Een ziekte die je kunt krijgen

C

Middelen om een zwangerschap te voorkomen

D

Een soort sport

Waar of niet waar: De pil moet elke dag worden ingenomen. Behalve in de stopweek

A

Waar

B

Niet waar

C


D


Kan een condoom ook beschermen tegen ziektes?

A

Ja

B

Nee

C


D


Wie kan de pil gebruiken?

A

Mannen

B

Vrouwen

C

Mannen en vrouwen

D


Kan anticonceptie 100% zekerheid geven om niet zwanger te worden?

A

Ja, altijd

B

Nee, maar het verkleint de kans heel erg

C

Nee, anticonceptie werkt nooit

D


Welke vorm van anticonceptie zie je op de foto?

A

Condoom

B

Prikpil

C

Sterilisatie

D

Hormoonspiraaltje

Welke vorm van anticonceptie zie je op de foto?

A

Condoom

B

Prikpil

C

Sterilisatie

D

Hormoonspiraaltje

Dit is de ...

Dit is de ...

Wat hoort samen? 

Sleep het naar elkaar!





Vaginale ring

Koperspiraal

Condoom

vrouwen-condoom

Hoe heten de stoffen in je bloed die ervoor zorgen dat je lichaam volwassen wordt?

A

Mee-eters

B

Geslachtshormonen

C

Groeischeuten

D

Enzymen

Elke puber krijgt jeugdpuistjes

A

Waar

B

Niet waar

C


D


Als je de pil neemt, kan je geen aids krijgen

A

Waar

B

Niet waar

C


D


Hoe heet een 'vrouwenarts' met een moeilijk woord

A

Dokter

B

Arts

C

Gynaecoloog

D

Verpleegster

Tampons mag je niet in het toilet gooien.

A

Waar

B

Niet waar

C


D


Wat hoort samen? 

Verbind!

anticonceptie

Organisatie voor informatie over seksuele gezonheid

Voorbehoedsmiddel dat beschermt tegen SOA's

relatie tussen 2 vrouwen

voorbehoeds-middel

Sensoa

condoom

lesbisch

Dit is een ...

Een condoom mag je meer dan één keer gebruiken.

A

Waar

B

Niet waar

C


D


Wat is geen voorbehoedsmiddel?

A

Het spiraaltje

B

Het condoom

C

De pil

D

Het doosje

Het spiraaltje is een betrouwbaar middel om zwangerschap te voorkomen.

A

Waar

B

Niet waar

C


D


Hoe vaak moet je de pil nemen?

A

1 keer per week, telkens ,dezelfde dag

B

1 keer per maand

C

Elke dag, behalve in de menstruatieweek

D


Condooms bestaan in verschillende maten en kleuren

A

Waar

B

Niet waar

C


D


De eerste keer hoef je geen voorbehoedsmiddel te gebruiken.

A

Waar

B

Niet waar

C


D


De vrouw brengt zelf een spiraaltje in.

A

Waar

B

Niet waar

C


D


Er bestaan verschillende varianten van de pil.

A

Waar

B

Niet waar

C


D


Wat hoort samen? 

Verbind!

Verpleegster die helpt bij de bevalling

Safe sex

Dun maandverband

ernstige vorm van jeugdpuistjes 

vroedvrouw

Veilige seks

inleg - kruisje

acne

De eerste keer dat je seks hebt kan je niet zwanger raken

A

Waar

B

Niet waar

C


D


Waarom vallen tampons niet uit de vagina?

A

Omdat ze een kleefstrip hebben

B

De tampon zet uit zodra De tampon vocht opneemt, waardoor hij goed blijft zitten.

C

Dankzij de vaginale sluitspier

D


Er bestaan ook vrouwencondooms

A

Waar

B

Niet waar

C


D