Nature versus nurture: debat in de klas

Leerdoel

Aan het einde van de les kun je uitleggen wat een debat is, weet je wat nature en nurture betekenen, en kun je debatteren over verschillende stellingen.

1 / 24
next
Slide 1: Slide
New lesson editorVlinderklasLager onderwijs

This lesson contains 24 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 50 min

Items in this lesson

Leerdoel

Aan het einde van de les kun je uitleggen wat een debat is, weet je wat nature en nurture betekenen, en kun je debatteren over verschillende stellingen.

Wat weet je al over nature en nurture?

Wat is een debat?

Een debat is een gespreksvorm waarbij twee kanten een stelling verdedigen: de ene vóór en de andere tegen. Beide proberen elkaar te overtuigen met argumenten.

Waarom debatteren?

Debatteren helpt om kritisch te denken, je mening te leren verwoorden, en respectvol met anderen in gesprek te gaan.

Hoe voer je een debat?

Luister goed naar elkaar, blijf bij het onderwerp, geef duidelijke argumenten en laat anderen uitspreken.

Jullie krijgen een groene of rode kaart.

Ben je het eens, dan steek je de groene JA in de lucht.

Ben je het oneens, dan steek je de rode NEE in de lucht.

Wat mag wel en niet?

Wel: beleefd reageren, luisteren, vragen stellen.


Niet: iemand uitlachen, schreeuwen of onderbreken.

Wat zijn argumenten?

Argumenten zijn redenen waarmee je uitlegt waarom je het wel of niet eens bent met een stelling.

Nature en nurture

Nature

Nurture betekent alles wat je leert of meekrijgt uit je omgeving.

Nurture

Nature betekent aangeboren eigenschappen zoals je genen en talenten.

Voorbeelden van nature en nurture

Nature: oogkleur, aanleg voor muziek.


Nurture: taal die je spreekt, hobby’s door je omgeving.

Tijd om te debatteren!

De 5 debatstellingen

We gaan debatteren over deze stellingen die met nature en nurture te maken hebben.

Stellingen 1

1. Genen bepalen meer dan omgeving

Stellingen 2

Ben jij het hier mee eens of oneens? Waarom?

De omgeving waarin je opgroeit is belangrijker dan je aangeboren talenten.

Stelling 3

Wat zou het kunnen betekenen als dit klopt?

“Als tweelingen verschillende keuzes maken, bewijst dat dat omgeving sterker is dan aanleg.”

Stelling 4

“Technologie en cultuur bepalen vandaag méér wie we worden dan onze genen.”

Hoe denk jij dat technologie en cultuur invloed hebben?

Stelling 5

Je vrienden hebben meer invloed op wie je wordt dan je ouders.”

Stelling 6

Vind je dat mensen altijd kunnen veranderen?

“Je bent verantwoordelijk voor wie je wordt, niet je genen en niet je omgeving.”

Stelling 7

“Je bent verantwoordelijk voor wie je wordt, niet je genen en niet je omgeving.”

stelling 8


“Nature en nurture zijn onmogelijk van elkaar te scheiden.”

Stelling 8

Technologie en cultuur bepalen vandaag méér wie we worden dan onze genen.

Stelling 9

Wat waar is over aanleg en omgeving zal over 30 jaar weer anders zijn.”

Schrijf 3 dingen op die je deze les hebt geleerd.

Schrijf 2 dingen op waarover je meer wilt weten.

Stel 1 vraag over iets dat je nog niet zo goed hebt begrepen.