5. standplaatsgebondenheid

Historische vaardigheden
1. Chronologie en kenmerkende aspecten
2. Causaliteit
3. Werken met bronnen 
4  Continuïteit en verandering
5. Standplaatsgebondenheid
1 / 18
next
Slide 1: Slide
GeschiedenisMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 4,6

This lesson contains 18 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.

time-iconLesson duration is: 50 min

Items in this lesson

Historische vaardigheden
1. Chronologie en kenmerkende aspecten
2. Causaliteit
3. Werken met bronnen 
4  Continuïteit en verandering
5. Standplaatsgebondenheid

Slide 1 - Slide

Slide 2 - Video

Agenda
1. Wat is standplaatsgebondenheid
2. Hoe herken je standplaatsgebondenheid (in een bron)
3. Voorbeeld Standplaatsgebondenheid
4. Oefenen Standplaatsgebondenheid!

Slide 3 - Slide

Standplaatsgebondenheid = historisch begrip
Een mening wordt bepaald door 
  • de persoonlijke omstandigheden (bijvoorbeeld leeftijd, geslacht, opvoeding, opleiding, godsdienst en persoonlijke ervaringen)
  • de sociale positie (heerser of de geregeerde, rijk of arme, autochtoon of allochtoon) 
  • historische situatie waarin iemand leeft (economische crisis, oorlog, standenmaatschappij).

Slide 4 - Slide

Kort gezegd:
  • Menselijk denken en doen in het verleden kunnen verklaren vanuit toen.
  • Menselijk denken en doen verklaren vanuit hun achtergrond, bijvoorbeeld geloof, politiek, gender of cultuur.

Slide 5 - Slide

Hiernaast zie je een afbeelding van
Jan Pieterszoon Coen


Geef een korte omschrijving van hem vanuit de standplaats van:
-Een Nederlander uit de 19e eeuw
-Een Indonesiër uit de 20e eeuw
-Een Nederlander uit de 21e eeuw

Slide 6 - Slide

Hoe komt standplaatsgebondenheid terug op je examen?

Slide 7 - Slide

Vaak in bronnen..
 Wat vraag je je af?
1. Wat is de achtergrond van de maker van de bron?
2. Hoe beinvloed deze achtergrond de mening van de maker van de bron.

Slide 8 - Slide

Vragen die je kan stellen
Waarom doen mensen wat ze doen? En waarom denken mensen wat ze denken? 
Vroeger waren die omstandigheden en gewoonten anders dan nu. Als je weet om welke tijd het gaat, bedenk dan wat je van die tijd weet. 
Waar leefden mensen van? Welke problemen waren er? Welke gewoonten, gebruiken en kennis hadden ze?

Slide 9 - Slide

Standplaatsgebondenheid is?
A
Als je je eigen mening gebruikt
B
Als je beïnvloed wordt door je eigen achtergrond
C
Als je geen kennis hebt over het onderwerp
D
Als je beïnvloed wordt door je geloof

Slide 10 - Quiz

Bron: "Een Amerikaanse handelaar concludeerde in 1901 dat Japan waarlijk wijs was door de westerse technologie en cultuur over te nemen. Hij meende daarin te zien dat de beschaving had gewonnen."
Dit is een voorbeeld van:
A
continuïteit
B
verandering
C
betrouwbaarheid
D
standplaatsgebondenheid

Slide 11 - Quiz

Ik doe onderzoek naar vrouwelijke huisartsen in de 19e eeuw en kom een bron over de praktijk van Aletta Jacobs tegen. Ik trek de volgende conclusie: Er waren meerdere vrouwelijke huisartsen. Ik mag deze conclusie NIET trekken op basis van deze bron want deze bron is niet .....
A
Betrouwbaar
B
Standplaatsgebonden
C
Bruikbaar
D
Representatief

Slide 12 - Quiz

Milly vindt dat het de taak van de vrouw is om voor de kinderen te zorgen en het huishouden te doen. De meeste andere vrouwen die zij kent vinden dit ook, het is in de tijd waarin Milly leeft heel normaal om zo te denken. Tegenwoordig zouden veel mensen haar ideeën ouderwets vinden. Welk begrip past hier het beste bij?
A
Representativiteit
B
Standplaatsgebondenheid
C
Betrouwbaarheid
D
Bruikbaarheid

Slide 13 - Quiz

Wanneer je een bron niet kunt gebruiken omdat de schrijver een hele duidelijke mening heeft.
A
discontinuïteit
B
aanleiding
C
standplaatsgebonden
D
betrouwbaarheid

Slide 14 - Quiz

Bron 2 is geschreven door de Griekse historicus Herodotus. Uit welke zin blijkt iets van zijn eigen standplaatsgebondenheid?
A
Het is daar geen gewoonte om godenbeelden, tempels en altaren op te richten, en wie dat wel doet, verklaren ze voor gek
B
Maar ook voor de zon, de maan, de aarde, het vuur, het water en de winden zijn er erediensten
C
Wie de behoefte voelt om te offeren leidt het kuddedier naar een open plek en roept dan de godheid aan
D
De reden is waarschijnlijk dat de Perzen hun goden niet als menselijke gestalten zien

Slide 15 - Quiz

Je moet je bij geschiedenis kunnen verplaatsen in iemand gedachten. Dit noemen we:
A
bruikbaarheid
B
standplaatsgebondenheid
C
representativiteit
D
betrouwbaarheid

Slide 16 - Quiz

In een onderzoek van een Italiaans historicus trekt hij al bij voorbaat zonder enig onderzoek de conclusie dat we de tijd van de Romeinen hoog moeten waarderen.

Waar heeft die conclusie het minst mee te maken?
A
Standplaatsgebondenheid
B
Waarden en normen
C
Objectiviteit
D
Een mening

Slide 17 - Quiz

Evaluatie:Geef een eigen voorbeeld van standplaatsgebondenheid.

Slide 18 - Open question