GPM Resultaatgerichte begeleiding en Talentendriehoek

Resultaatgericht begeleiden
1 / 31
next
Slide 1: Slide
Pedagogisch werkMBOStudiejaar 3

This lesson contains 31 slides, with interactive quiz, text slides and 4 videos.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

Resultaatgericht begeleiden

Slide 1 - Slide

Slide 2 - Slide

Slide 3 - Slide

Slide 4 - Slide

observatielijst 

Slide 5 - Slide

Opbrengst gericht werken doe je alleen met een VVE programma
A
ja
B
nee
C
weet niet
D
ja en nee

Slide 6 - Quiz

Slide 7 - Slide

Jonge kinderen zijn nog heel nieuwsgierig en onderzoeken de wereld om hen heen als kleine wetenschappers.

. Al van baby af aan onderzoeken ze hun omgeving, denk maar aan baby’s die alles in hun mond stoppen om het te onderzoeken
Peuters stoppen steeds minder dingen in hun mond maar proberen nog wel alles uit.
Wat zit er in dat kastje? Wat is dat voor bloem? 
Wat gebeurt er als je iets doet dat niet mag?

Slide 8 - Slide

Daarom proberen ze veel uit, zo onderzoeken ze hun omgeving
 Door simpelweg te doen leren kinderen wat er gebeurt.
Leren door ervaren dus. 
Bij het onderzoeken van hun omgeving laten kinderen 
verschillende talenten zien zoals logisch denken, het herkennen van patronen en de constructie van bouwwerken enz,

Slide 9 - Slide

Op onderzoek
Door vragen te stellen aan kinderen en aanvullende materialen te geven kun je kinderen stimuleren tot het (verder) onderzoek van hun omgeving. 
Dit kan in van tevoren bedachte situaties maar ook spontaan.
Kinderen ontdekken onder het eten bijvoorbeeld dat het tikken tegen een beker of op een bord leuk klinkt.
 Je kan er dan op inspringen door te vragen, klinkt het tikken op de tafel
ook zo? En het tikken op je boterham? Wat klinkt er nog meer anders? Wat klinkt harder en
zachter? 
 Ga mee in de nieuwsgierigheid van de kinderen en je zult er zelf ook veel plezier aan beleven.

Slide 10 - Slide

Je kunt ook onderzoekssituaties creëren....
De begeleiding van de kinderen
Om kinderen uit te dagen verder te denken en meer te proberen stel je ‘denk stimulerende’ 
vragen.
 Denk stimulerende vragen zijn vooral open vragen, vragen waarop je vele verschillende
antwoorden kunt geven. 
 Open vragen beginnen meestal met een vragend voornaamwoord zoals wie, welke, waar 
 waarheen, wanneer, hoe, waarom, waardoor en hoezo. 
Deze vragen nodigen uit om ook te vertellen waarom je denkt dat dat het antwoord is.

Slide 11 - Slide

Pijlers
# 1. Zo speel ik de hoofdrol (pijler ‘PM’er’)
# 2. Zo zorg ik voor een interessant aanbod op mijn groep (pijler  ‘kind’)
# 3. Zo richt ik een rijke speelleeromgeving in (pijler ‘omgeving en materiaal’)

# 5. Zo zet ik planmatig in op groei (opbrengstgericht werken)


Slide 12 - Slide

Slide 13 - Slide

Slide 14 - Video

Slide 15 - Video

5 Pijlers 
# 1. Zo speel ik de hoofdrol (pijler ‘PM’er’)
# 2. Zo zorg ik voor een interessant aanbod op mijn groep (pijler ‘kind’)
# 3. Zo richt ik een rijke speelleeromgeving in (pijler ‘omgeving en materiaal’)
# 4. Zo organiseer ik dat (groepsmanagement)
# 5. Zo zet ik planmatig in op groei (opbrengstgericht werken)


Slide 16 - Slide

Slide 17 - Slide

Slide 18 - Slide

  1. Bekijk de website van de CEDgroep (volgende dia)
  2. Bekijk het filmpje (2e dia na deze dia)

Slide 19 - Slide

Slide 20 - Link

Slide 21 - Video

Slide 22 - Slide

Volgende dia interactieve link

Slide 23 - Slide

Slide 24 - Link

Slide 25 - Video

Slide 26 - Slide

Slide 27 - Slide

Slide 28 - Slide

  1. Tot slot kijk je naar jouw talenten. 
  2. Bekijk deze infographic.
  3. Bespreek dit na met een medestudent. 

Slide 29 - Slide

Slide 30 - Slide

Slide 31 - Slide