Paragraaf 1.4 Zonder thuis

Zonder thuis



paragraaf 1.4
1 / 20
next
Slide 1: Slide
LevensbeschouwingMiddelbare schoolmavoLeerjaar 1

This lesson contains 20 slides, with interactive quizzes, text slides and 3 videos.

time-iconLesson duration is: 120 min

Items in this lesson

Zonder thuis



paragraaf 1.4

Slide 1 - Slide

Wat gaan we doen? 
  • Leerdoelen paragraaf 1.4 
  • Thuis. 
  • Ontworteld. 
  • Vluchtelingen. 
  • Diaspora.  
  • Portfolio opdracht 
  • Huiswerk.  

Slide 2 - Slide

Leerdoelen
Jullie kennen het begrip ontworteld
Jullie kunnen een aantal redenen noemen waarom mensen vluchten

Slide 3 - Slide

Wie van jullie woont er in twee huizen?

Slide 4 - Slide

Wat zijn de voor- en nadelen van twee huizen?

Slide 5 - Open question

Lees bron 8
Wat is ontworteld? 

Slide 6 - Slide

Wat is het verschil tussen ‘land’ en ‘vaderland’. 

Slide 7 - Slide

Slide 8 - Video

Vragen naar aanleiding van het filmpje:
  • Wanneer je moet vluchten uit je vaderland, is dat ook een soort scheiding. Waarvan?
  • Wat denk je dat het moeilijkste is als je moet vluchten?
  • Zou jij je in een ander land thuis kunnen voelen? Waarom wel/niet?

Slide 9 - Slide

Wat denk je dat het moeilijkste is als je moet vluchten?

Slide 10 - Mind map

Slide 11 - Video

Lees bron 9
Vluchtelingen die niet kunnen niet wennen. 
Voelen zich niet thuis.  
Heeft iemand zich wel eens ontworteld gevoeld?

Slide 12 - Slide

Slide 13 - Video

Alles verandert
Oorlogsvluchtelingen. 
Economische vluchtelingen. 
Politieke vluchtelingen. 
Ecologische vluchtelingen  

Slide 14 - Slide

Hoe komt het dat veel mensen negatief staan tegenover economische vluchtelingen, die op zoek zijn naar werk en een beter leven?

Slide 15 - Open question

Wat is diaspora?

Slide 16 - Slide

Slide 17 - Slide

Betekent grootschalige verspreiding van een volk over verschillende delen van de wereld. 






Zouden zij zich ook ontworteld voelen?  

Slide 18 - Slide

Portfolio opdracht
Teken een boom op een vel papier.  
Wortels onder de grond.  
De boom ben jijzelf.  
Wortels zijn dingen of mensen waardoor jij je thuisvoelt. 
Schrijf bij elke wortel één ding of naam.  

Slide 19 - Slide

Huiswerk
  • Maken van paragraaf 1.4 de opdrachten 47 t/m 63 (niet 60!) 
  • Portfolio opdracht boom af!  

Slide 20 - Slide