Mutaties

Wat hebben de onderstaande kenmerken met elkaar gemeen? 
1 / 25
next
Slide 1: Slide
BiologieWOStudiejaar 5

This lesson contains 25 slides, with text slides.

Items in this lesson

Wat hebben de onderstaande kenmerken met elkaar gemeen? 

Slide 1 - Slide

Mutaties (Basisstof 6)
  • Wat zijn mutaties en de verschillende vormen

  • Oorzaken van mutaties

  • Hoe je lichaam mutaties repareert en wat de gevolgen zijn als dit proces faalt

Slide 2 - Slide

mutaties = Veranderingen van DNA 

  • in (deel van) gen
  • in de structuur van een chromosoom
  • in het aantal chromosomen

Slide 3 - Slide

Mutaties in een gen


-> kunnen nucleotides in genen veranderen

-> één nucleotidepaar kan veranderen (puntmutatie) (blz. 128)

Slide 4 - Slide

Gevolgen puntmutatie

-> kan plaatsvinden in coderende deel van DNA dat MRNA maakt

-> kan translatie beïnvloeden
Hoe?


Slide 5 - Slide

Gevolgen puntmutatie

-> aminozuur kan veranderen

Door mutatie in DNA is deel van MRNA verandert van CCA naar ACA-> wat gebeurt er?

 

Slide 6 - Slide

Gevolgen puntmutatie
-> puntmutatie kan al grote gevolgen hebben
-> plek en soort mutatie bepalen invloed van de mutatie

-> taaislijmziekte (slijm in je lichaam is te dik)
-> sikkelcelanemie (hemoglobine klontert, vervormen rode bloedcellen)

Slide 7 - Slide

Gevolgen mutaties
  • Waar de mutatie plaatsvindt is erg belangrijk

-> mutatie in weefsel kan soms worden opgevangen door andere cellen in het weefsel

-> mutatie in geslachtscellen wordt doorgegeven aan volgende generatie -> evolutie

Slide 8 - Slide

3 namen voor Aminozuurveranderingen

  1. Nonsense mutatie -> een aminozuur verandert in stopcodon (AAA -> UAA)
  2. Missense mutatie -> aminozuur verandert in ander aminozuur (CCA -> ACA)
  3. Stille mutatie -> aminozuur blijft hetzelfde (AGA -> AGG)

Slide 9 - Slide

Voorbeeld toetsvraag 
Door een puntmutatie in het DNA verandert het MRNA van Henk:
5’ – AUG AUU CCG – 3’
naar
5’ – AUG GUU CCG – 3’
1. Wat verandert er daardoor in de aminozuurvolgorde?
2. Hoe noem je deze mutatie?
3. Wat zijn de mogelijke effecten op de werking van het eiwit? (vorm verandering -> functie)

Slide 10 - Slide

Mutaties kunnen ook op grotere schaal plaatsvinden



->   het aantal chromosomen (genoommutatie) beïnvloeden in een cel (blz 129)
-> voorbeeld: Syndroom van Down

Slide 11 - Slide

Video
http://youtube.com/watch?v=vl6Vlf2thvI

Slide 12 - Slide

Oorzaken van mutaties 
-> ontstaan door mutagene factoren: factoren die mutaties veroorzaken -> beschadigen DNA

Slide 13 - Slide

Oorzaken van mutaties

-> mutaties kunnen ontstaan door kopieerfouten tijdens DNA-replicatie

-> DNA -polymerase is niet foutloos!

Slide 14 - Slide

DNA-repairsysteem

  •  DNA polymerase checkt of nucleotide goed past en repareert fout
-> proofreading 
 -> je wilt niet dat je de schade kopieert tijdens DNA replicatie





Slide 15 - Slide

DNA-repairsysteem 

Tumorsupressorgen
-> legt celcyclus stil voor DNA replicatie als ze schade tegenkomen
-> Activeren apoptose bij teveel schade

Slide 16 - Slide



Wat gebeurt er als een tumorsupressorgen muteert en niet meer optimaal werkt?

Slide 17 - Slide

Mutatie in Tumorsupressorgen
-> Celdeling stopt niet
-> Mutatie in het DNA blijft in oorspronkelijke cel en wordt ook doorgegeven aan dochtercellen bij celdeling
-> Cellen met veel schade gaan niet meer over tot apoptose

-> mutaties stapelen zich op in cellen!

Slide 18 - Slide

Gevolgen 
  • Opstapeling van schade kan proto-oncogenen beïnvloeden 

-> coderen voor eiwitten die celgroei en celdifferentiatie stimuleren

Slide 19 - Slide

Oncogenen
  • proto-oncogenen worden oncogenen

-> overstimulatie van celgroei en celdifferentiatie
-> als tumorsupressorgen niet apoptose activeert -> Tumor

Slide 20 - Slide

Tumoren
  • Goedaardige tumoren: groeien langzaam, dringen omringend weefsel niet binnen en zaaien niet uit naar andere plekken in het lichaam
  • Kwaadaardige tumoren (kanker): groeien snel,  dringen omringend weefsel binnen en zaaien uit naar andere plekken in het lichaam (Metastase)

Slide 21 - Slide

Zijn hier nog vragen over?

Slide 22 - Slide

Samenvattend
  1. Mutaties kunnen genen en chromsomen beïnvloeden
  2. Oorzaken van mutaties (mutagene factoren)
  3. DNA-reparatiesysteem
  4. Mutaties kunnen regulatiegenen beïnvloeden waardoor cellen abnormaal snel groeien, delen en wat kan leiden tot kanker

Slide 23 - Slide

Opdrachten
72 t/m 75
Indien klaar: beginnen aan inzichtvragen

Slide 24 - Slide

Morgen
Verder met biotechnologie posters!
Woensdag: collectief bespreken van posters

Slide 25 - Slide