lesson plan

Sabi Suriname - PO

A lesson plan by Wereldculturen

Ready to use this lesson plan? Use the button below to save a copy of this lesson plan in your account. After doing so, you will be able to modify the lessons as you wish.

Deze les hoort bij de tentoonstelling 'Sabi Suriname - Ontdek de Wereld achter de Dingen' van Tropenmuseum Junior. 

Klik op 'Docentenhandleiding Sabi Suriname PO' om de bijbehorende docentenhandleiding te bekijken en/of te printen. 
Gebruik dit lespakket ter voorbereiding op het bezoek met de klas óf gebruik hem los van een bezoek.
  
In deze lessen leren leerlingen dat Surinamers voorouders in verschillende werelddelen hebben. 
Ze leren hoe dat zo gekomen is en welke rol Nederland daarin speelde. 
Hiermee leren zij ook dat als mensen zich verplaatsen er dingen zijn die meekomen, dingen die je loslaat en dingen die je kwijtraakt. 
Leerlingen ervaren dat voorwerpen uit hun eigen familie een verhaal hebben dat het voorwerp betekenis geeft: voorwerpen kunnen iets vertellen over je eigen familiegeschiedenis.

De lessen zijn bedoeld voor het basisonderwijs. Is jouw school in het bezit van iPads/Chromebooks e.d.? Maak hier dan gebruik van. De leerlingen openen in een browser: lessonup.app
Alle lesopdrachten zijn echter ook zonder device uitvoerbaar. Behandel de opdrachten dan klassikaal op een centraal scherm. 

Door op de afbeeldingen met de lesnummers te klikken opent de les. Klik vervolgens op 'geef les'.

les 1: Dit weet ik

Wat weten de leerlingen al over Suriname? In deze les testen de leerlingen hun voorkennis over dit land.

Spinner
Dit doen zij allereerst door een spinneropdracht. Klik op de spinner om hem te laten draaien. Op de spinner staan vijf thema's:
  • Surinaams eten en drinken
  • De natuur van Suriname 
  • Muziek en dans van Suriname  
  • Surinaamse feesten  
  • De koloniale geschiedenis van Suriname (en Nederland)   
Vraag aan de leerlingen wat zij hier al over weten! Heb je één van de thema's behandeld? Klik dan op 'nog een keer draaien zonder (desbetreffend thema)' totdat je alle thema's behandeld hebt.

Quiz: Wat is waar?
Welke Surinaamse woorden kennen de leerlingen al? Door 10 quizvragen testen de leerlingen hun kennis.

les 2: Wie zijn wij?

Binnenkort gaan jullie naar Tropenmuseum Junior. Daar gaan jullie aan de slag met drie of vier mensen uit het Sabi Suriname team. In deze les stellen zij zich aan jullie voor. Dit doen zij met een familieweb. Jullie gaan daarna ook je eigen familieweb maken.
Wanneer je alle audiofragmenten met de leerlingen beluistert, hoor je een grote diversiteit aan personen met Surinaamse roots. Hierdoor zullen je leerlingen de drie of vier medewerkers herkennen die ze treffen in Sabi Suriname.

Even voorstellen
De Sabi Suriname teamleden stellen zich hier voor. Klik op het portret om de foto te vergroten. Klik vervolgens op het geluidsicoon om het verhaal te beluisteren. Luister naar zoveel familieverhalen als jij wilt.

Familieweb
Download 'Sabi Suriname familieweb'. Druk hem in kleur of in zwart-wit af. (In zwart-wit kunnen de leerlingen het web zelf inkleuren!) In de klas vullen de leerlingen het familieweb in met wat zij zelf weten. Thuis kunnen de leerlingen het web af maken. De volgende dag nemen de leerlingen hun familieweb mee naar de klas en kunnen ze ze aan elkaar laten zien.

les 3: Getekende geschiedenis

Dit animatiefilmpje is gemaakt voor Sabi Suriname door de zandtovenaar Gert van der Vijver. 
Om de diversiteit van Suriname te begrijpen, is het nodig de koloniale geschiedenis te kennen. Bekijk het filmpje eerst zelf. Bedenk van te voren wat jouw klas nodig heeft aan informatie vooraf. Gebruik hiervoor eventueel de extra informatie hieronder. 

Naar aanleiding van het gesprek vraag je aan de leerlingen wat zij hebben gezien en wat zij daarover denken. Geef de leerlingen een nummer (1 t/m 30). Klik vervolgens op de spinner. De spinner belandt op een nummer dat correspondeert aan één van de leerlingen. Voorbeeldvragen voor de leerlingen zijn:
  • Wie woonden er in Suriname toen de Nederlanders in Suriname kwamen? 
  • Waarom kwamen de Nederlanders? 
  • Waarom voeren de boten in een driehoek: Van Nederland naar Afrika naar Suriname en dan weer naar Nederland?  
  • Wat hadden ze in hun boten als ze uit Afrika naar Suriname voeren? 
  • Wat hadden ze in hun boten als ze uit Suriname naar Nederland voeren? 
  • Wie deden het zware plantagewerk? 
  • Wat betekent Keti Koti? 
  • Uit welke landen kwamen de mensen die na de afschaffing van slavernij het zware plantage werk deden? 
  • Waarom spreken ze Nederlands in Suriname?  
Extra informatie voor de leerkracht:
Wat en waarom van dit filmpje.
In Nederland wonen inmiddels al ruim drie generaties met Surinaamse roots die mede de Nederlandse samenleving vormgeven. In Suriname, dit tropische land aan de andere kant van de oceaan, woont een cultureel zeer diverse bevolking met wortels in vier continenten en er wordt Nederlands gesproken in Suriname. Dit heeft alles te maken met de koloniale geschiedenis van Suriname en Nederland. 
In dit animatiefilmpje van 5 minuten wordt in grote lijnen in zand deze geschiedenis getekend. Van de inheemsen, de eerste bewoners van Suriname, naar de Europeanen die rijk aan Suriname wilden worden. Van West Afrika waar ze mensen kochten en verscheepten naar Suriname om daar tot slaaf gemaakt op de plantages te werken tot de afschaffing van de slavernij in 1863 (Keti Koti, de ‘ketenen gebroken’, heet de jaarlijkse herdenking en viering op 1 juli). 
Na de afschaffing van de slavernij werden contractarbeiders gehaald uit India, China en Indonesië. Bijna iedereen bleef en kreeg kinderen en kinderen en kinderen. Ieder van hen draagt sporen van dit verleden in zich.

Woorden doen ertoe
Er zijn woorden die veel gebruikt worden, maar aan verandering toe zijn. Omdat ze mensen pijn doen of omdat ze een verkeerd beeld geven. Het is goed om over het gebruik van zulke woorden na te denken. 

Slaaf
Het woord ‘slaaf’ wordt gebruikt voor een persoon die het eigendom is van een ander. Dat is nooit de keuze van de tot slaaf gemaakte persoon geweest. Om zijn of haar menselijkheid te benadrukken raden we aan om het woord ‘tot slaaf gemaakte’ of ‘mensen in slavernij’ te gebruiken. Of ze ‘mens’ te noemen. Ook bijvoorbeeld mensenhandel ipv slavenhandel. Het dient het doel dat je je voortdurend realiseert dat het over mensen gaat, mensen zoals jij en ik.

Indiaan
De eerste bewoners van Suriname bestonden uit verschillende groepen met een eigen naam, taal en cultuur. Columbus kwam aan land in Zuid-Amerika maar dacht dat het Indië was en noemde de inwoners Indios, Indianen. Omdat dat niet klopt, noemen we de eerste bewoners inheemsen i.p.v. indianen. En als we weten om welke groep het gaat noemen we ze bij hun eigen groepsnaam. In Suriname b.v. Wayana, Karaiben, Trio, Lokono.

Stam
Waarom noemen we bevolkingsgroepen in Afrika vaak stam en bevolkingsgroepen in Europa niet? Het woord ‘stam’ heeft de negatieve bijklank van primitief, wild, simpel. Probeer het woord te vermijden. Vaak is volk of land een prima alternatief.

Les 4: Wat kwam mee?

Wat konden de tot slaaf gemaakte Afrikanen mee nemen naar Suriname? In deze les gaan de leerlingen hierover nadenken aan de hand van een sleepvraag. Sleep hetgeen dat de tot slaaf gemaakte Afrikanen wel konden meenemen naar Suriname. Sleep de dingen die ze niet mee konden nemen naar Afrika.

Les 5: Dierbare familiedingen

Dit zijn veertien verhalen van de Sabi Suriname medewerkers met hun voorwerp en een familieverhaal. Klik op de afbeelding van de medewerker wiens verhaal je wil beluisteren. Klik vervolgens op het bijbehorende geluidsymbool. Beluister zoveelmogelijk fragmenten. Dit zorgt voor herkenning in het museum! Kijk vervolgens met de sleepvraag of de leerlingen nog weten welk ding bij welke medewerker hoort.

Jouw dierbare familieding
Zojuist heeft het Sabi Suriname team een verhaal verteld over hun belangrijke familiedingen. Nu is het de opdracht aan de leerlingen om iets te vertellen over hun dierbare familieding!
  • Vraag aan een vader, moeder, opa, oma, (oud)tante of (oud)oom naar een voorwerp dat iets vertelt over de familiegeschiedenis. Het kan een klein of onopvallend voorwerp zijn, maar het moet wel een belangrijk verhaal hebben. Als je later het voorwerp erft, weet je welk verhaal erbij hoort voor jouw eigen Wereld achter de Dingen.
  • Maak een foto of tekening van het voorwerp.
    Plak deze in het web. 
Differentiatie:
  • Middenbouw:  Van wie is het ding dat jij hebt gekozen? Interview diegene: wat is het verhaal achter het voorwerp? Waarom is het belangrijk? Schrijf (in steekwoorden) het verhaal van het ding om de afbeelding heen of maak een tekening van het verhaal.
    Voor middenbouw-leerlingen zijn de vellen met de foto of tekening en de steekwoorden de presentatie. Zie hieronder het bestand 'Sabi Suriname familieding'. Kies voor kleur of zwart-wit.

  • Bovenbouw: De leerlingen maken een presentatie over het eigen gekozen voorwerp. De presentatievorm van hun voorwerp en het verhaal van het voorwerp is vrij: PowerPoint, vlog, Instapost, Prezi, gewoon vertellen, met het echte voorwerp, een foto of tekening. Uiteraard kunnen de leerlingen gebruik maken van het bestand 'Sabi Suriname familieding', als houvast voor hun presentatie.