lesson plan

Studievaardigheidslessen brugklas

Ready to use this lesson plan? Use the button below to save a copy of this lesson plan in your account. After doing so, you will be able to modify the lessons as you wish.

Les 1: Introductie simulise

Start Studievaardigheid

Duur: 30 minuten
Thema: Leren hoe je leert

Voor de studievaardigheidsdocent

Doel van deze les
Deze eerste les is vooral een start- en organisatieles. Leerlingen hebben tijdens de introductie al kennisgemaakt met Simulise en het portfolio. Controleer daarom alleen of dit gelukt en duidelijk is.

Introduceer daarnaast het doel van Studievaardigheid: leerlingen gaan dit jaar niet leren wat ze voor een bepaald vak moeten leren, maar vooral hoe ze effectief kunnen leren.

Als kapstok voor de lessenserie gebruiken we Jim Kwiks indeling:

Mindset – hoe denk ik over mezelf en leren?
Motivation – wat helpt mij om te beginnen en vol te houden?
Methods – welke strategieën kan ik gebruiken om te leren?

Dit is alleen een eerste kennismaking. De onderdelen worden gedurende het jaar afzonderlijk behandeld.

Lesdoelen

Aan het einde van de les kan de leerling:

  • uitleggen wat het doel van Studievaardigheid is;
  • in eigen woorden vertellen dat leren een vaardigheid is die ontwikkeld kan worden;
  • globaal uitleggen wat Mindset, Motivation en Methods betekenen;
  • vertellen in welke groep hij/zij zit en wanneer de lessen plaatsvinden;
  • Simulise openen en het eigen portfolio vinden.
Lesverloop
Tijd Wat doet de docent? Wat doen de leerlingen?
0–5 min Start met: “Wat doe jij als je moet leren voor een toets?” Verzamel enkele antwoorden. Denken na over hun huidige manier van leren en delen voorbeelden.
5–10 min Leg kort uit wat Studievaardigheid is: leren hoe je leert. Introduceer Mindset – Motivation – Methods. Luisteren, reageren en voorbeelden bedenken.

De drie M’s van Jim Kwik

Mindset – Hoe denk ik?
De overtuigingen die een leerling heeft over zichzelf en leren. Bijvoorbeeld: “Ik kan geen wiskunde” tegenover “Ik kan dit nog niet, maar ik kan mijn aanpak verbeteren.”

Motivation – Waarom doe ik het?
Wat een leerling in beweging brengt en helpt om te beginnen en vol te houden. Motivatie hangt onder andere samen met het doel, de betekenis van een taak, energie en gewoontes.

Methods – Hoe doe ik het?
De concrete strategieën en technieken die een leerling gebruikt om te leren, zoals plannen, actief ophalen, gespreid herhalen, samenvatten, mindmappen en geheugentechnieken.

Kort samengevat:
Mindset = hoe ik denk → Motivation = waarom ik in actie kom → Methods = hoe ik leer.

10–15 min Geef korte situaties en laat leerlingen kiezen: Mindset, Motivation of Methods? Maken keuzes en lichten deze toe.

Situatie+ Antwoord
“Ik ben gewoon slecht in Engels. Dat ga ik nooit kunnen.” Mindset
“Ik weet dat ik moet leren, maar ik kan mezelf niet van de bank krijgen.” Motivation
“Ik lees de tekst drie keer door om hem te leren.” Methods
“Ik heb een onvoldoende gehaald, dus blijkbaar ben ik hier niet slim genoeg voor.” Mindset
“Als ik dit huiswerk af heb, heb ik daarna tijd om te gamen.” Motivation
“Ik maak flashcards om mezelf te overhoren.” Methods
“Ik snap het nu nog niet, maar ik ga een andere manier proberen.” Mindset
“Ik wil graag overgaan, daarom wil ik mijn huiswerk beter bijhouden.” Motivation
“Ik verdeel de leerstof over vier dagen in plaats van alles de avond ervoor te doen.” Methods
“Ik leg mijn telefoon in een andere kamer als ik ga leren.” Methods
“Waarom zou ik dit leren? Ik heb hier later toch niks aan.” Motivation
“Ik maak altijd fouten, maar daardoor weet ik wel wat ik nog moet oefenen.” Mindset


15–20 min Laat kort zien wat gedurende het jaar aan bod komt. Krijgen overzicht van de lessenserie.
20–27 min Leg groepsindeling en om-de-weekstructuur uit. Laat Simulise openen en voer portfolio-check uit. Controleren of zij kunnen inloggen en hun portfolio kunnen vinden.
27–30 min Exitvraag: “Wat zou jij beter willen kunnen als het gaat om leren?” Beantwoorden de exitvraag.

Benodigdheden
LessonUp-presentatie
Groepsindeling Studievaardigheid
Leerlingen hebben device nodig voor Simulise
Eventueel overzicht met lesmomenten

Aandachtspunt voor de docent

Maak van deze les nog geen uitgebreide theorieles. Het belangrijkste is dat leerlingen begrijpen waarom ze Studievaardigheid krijgen, praktisch goed kunnen starten en nieuwsgierig worden naar de komende lessen.

Vanaf les 2 – Doelen stellen kunnen we in het LessonUp-lesplan steeds een extra onderdeel ‘Theorie voor de docent’ opnemen. Daar kunnen we dan de verdieping en wetenschappelijke onderbouwing neerzetten voor collega's die meer willen weten. Zo blijft de daadwerkelijke les van 30 minuten compact, terwijl collega's wel toegang hebben tot de achtergrondinformatie.

Les 2: Doelen stellen

Duur: 30 minuten
Thema: Van droom naar SMART-doel
Limitless: Motivation

Doel van de les

Leerlingen leren het verschil tussen een droom en een doel en formuleren een persoonlijk SMART-doel. Ze denken na over waarom dit doel voor hen belangrijk is en welke eerste stap zij kunnen zetten om eraan te werken.

Lesdoelen

Na deze les kan de leerling:

het verschil uitleggen tussen een droom en een doel;
uitleggen waar SMART voor staat;
herkennen of een doel SMART geformuleerd is;
een eigen SMART-doel formuleren;
uitleggen waarom dit doel voor hem/haar belangrijk is;
een concrete eerste stap formuleren;
het doel vastleggen in Simulise.
Theorie voor de docent
Droom en doel

Een droom is iets wat je graag zou willen bereiken. Een droom geeft richting en kan motiveren, maar is vaak nog algemeen.

Een doel maakt concreet waar je naartoe wilt werken. Door een droom om te zetten in een doel wordt duidelijker wat je wilt bereiken en wat daarvoor nodig is.

Een droom is dus niet verkeerd: een droom kan het vertrekpunt zijn voor een doel.

SMART-doelen

Leerlingen gebruiken SMART om hun doel concreet te formuleren:

S – Specifiek: Wat wil ik precies bereiken?
M – Meetbaar: Hoe weet ik of het gelukt is?
A – Acceptabel: Past het doel bij mij en sta ik erachter?
R – Realistisch: Is het doel haalbaar?
T – Tijdgebonden: Wanneer wil ik het bereikt hebben?
Jim Kwik – Motivation

Binnen Limitless gebruikt Jim Kwik Mindset – Motivation – Methods als kapstok. Deze les sluit vooral aan bij Motivation.

Een concreet doel alleen is niet altijd voldoende om in beweging te komen. Het helpt wanneer een leerling weet waarom hij of zij iets wil bereiken.

Daarom voegen we aan SMART twee vragen toe:

Waarom is dit doel belangrijk voor mij?
Wat is mijn eerste stap?

De opbouw wordt daarmee:

Droom → SMART-doel → Waarom → Eerste stap

Lesverloop

0–4 minuten – Droom of doel?
Start met de vraag:

Wat is volgens jou het verschil tussen een droom en een doel?

Bespreek enkele antwoorden en laat een paar voorbeelden zien. Laat leerlingen bepalen: droom of doel?

4–8 minuten – Van droom naar doel
Bespreek dat een droom richting geeft, maar dat je een droom concreter moet maken om eraan te kunnen werken.

Voorbeeld:

Droom: Ik wil beter worden op school.

Doel: Ik wil voor de kerstvakantie mijn gemiddelde voor Engels verhogen naar een 7.

Bespreek wat het tweede voorbeeld concreter maakt.

8–13 minuten – SMART
Bespreek kort waar SMART voor staat.

Laat vervolgens een doel zien en controleer dit samen:

Is het specifiek?
Is het meetbaar?
Is het acceptabel?
Is het realistisch?
Is het tijdgebonden?

13–17 minuten – Waarom wil je dit?
Maak de koppeling met Motivation uit Limitless.

Vraag:

Stel dat je een perfect SMART-doel hebt, maar het interesseert je eigenlijk helemaal niet. Hoe groot is dan de kans dat je eraan blijft werken?

Introduceer vervolgens:

Waarom is jouw doel belangrijk voor jou?

Laat leerlingen kort nadenken over het verschil tussen een doel dat iemand anders belangrijk vindt en een doel dat voor henzelf betekenis heeft.

17–25 minuten – Mijn eigen doel
Leerlingen formuleren een persoonlijk doel.

Ze beantwoorden:

Wat is mijn droom of wens?
Wat is mijn SMART-doel?
Waarom is dit doel belangrijk voor mij?
Wat is mijn eerste stap?

Loop rond en help leerlingen hun doel concreet te maken.

Vraag bij een vaag doel steeds:

Wat bedoel je precies?
Hoe kun je straks zien dat het gelukt is?
Wanneer wil je dit bereikt hebben?
Waarom wil jij dit?
Wat kun je als eerste doen?

25–28 minuten – Simulise
Leerlingen verwerken hun doel in hun portfolio in Simulise.

Laat minimaal vastleggen:

Mijn SMART-doel:

Waarom dit belangrijk voor mij is:

Mijn eerste stap:

28–30 minuten – Exit-ticket
Laat leerlingen beantwoorden:

Wat is de eerste stap die jij gaat zetten om aan jouw doel te werken?

Kern voor deze les

Leerlingen hoeven na deze les niet alleen een correct SMART-doel te hebben. Ze moeten begrijpen dat er een lijn zit van:

Ik droom ergens van → ik maak het concreet → ik weet waarom ik het wil → ik kom in actie.

Het eindproduct van de les is een persoonlijk SMART-doel met een waarom en een eerste stap, vastgelegd in Simulise.
Nieuwe tekst