1, De leerkracht leest de tekst "Britse fabrieken buitten kinderen uit als slaven" voor.
2. Lees de tekst zelf.
3. schrijf het antwoord op de volgende vraag in je schrift:
a. Wat heeft je het meest geraakt in deze tekst?
b. Waarom heeft dat je geraakt?
4. Praat met je schoudermaatje over wat je hebt opgeschreven.
5. Praat met de hele klas over wat jullie het meest heeft geraakt en waarom.
6. schrijf een verhaal over een kind dat in de negentiende eeuw in een fabriek werkt. Gebruik de kennis die je hebt over kinderarbeid in de 19e eeuw.
Bonus: (als je dit doet, dan voor vraag 6 van hierboven)
1. Lees de tekst: Een zware en levensgevaarlijke jeugd.
2. Teken of plak een Venn diagram in je schrift. Schrijf de overeenkomsten en verschillen tussen de twee artikelen in het venndiagram.
3. Praat erover met je schoudermaatje.
4. Praat erover met de klas