Montage van planeten, niet op schaal (NASA/JPL, publiek domein)
EXAMENSTOF · E1 · ZONNESTELSEL EN HEELAL
Quiz
Terugblik: Zonnestelsel en heelal
Montage van planeten, niet op schaal (NASA/JPL, publiek domein)
EXAMENSTOF · E1 · ZONNESTELSEL EN HEELAL
Quiz
Terugblik: Zonnestelsel en heelal
Les 3 van 3. Leerlingen beantwoorden individueel; bespreek na elke paar vragen kort de antwoorden. Image credit: NASA/JPL / Wikimedia Commons, publiek domein
Het is volle maan. Waar staat de aarde ten opzichte van zon en maan?
De maan staat tussen de zon en de aarde
De zon staat tussen de aarde en de maan
Zon, aarde en maan vormen een rechte hoek
De aarde staat tussen de zon en de maan
Bij volle maan verlicht de zon de kant van de maan die naar de aarde wijst: de aarde staat tussen zon en maan. Verwachte fout: de maan tussen zon en aarde zetten (dat is nieuwe maan). Syllabus E1.1.
Waarom lijken de sterren in de loop van de nacht te draaien?
De sterren draaien om de aarde
De aarde draait om haar as
De aarde draait om de zon
De maan trekt de sterren mee
De draaiing van de aarde om haar as geeft de schijnbare beweging van de sterren. Verwachte fout: de baan om de zon kiezen; die verklaart een verschuiving over het jaar. Syllabus E1.1: hemelbaan.
Vul in
Een lichtjaar is de afstand die licht in één jaar aflegt, en licht gaat door vacuüm met de lichtsnelheid van 2,998·10⁸ m/s.
Syllabus E1.4: vakbegrippen lichtjaar en lichtsnelheid. Verwachte fout: lichtjaar als eenheid van tijd zien.
Een sonde zendt een signaal en dat komt na 4,0 uur aan. Hoe ver is de sonde?
1,2·10⁹ m
4,8·10⁻⁵ m
4,3·10¹² m
7,2·10¹⁰ m
s = c·t met t = 4,0 · 3600 = 1,44·10⁴ s: s = 2,998·10⁸ · 1,44·10⁴ = 4,3·10¹² m (2 significante cijfers). Verwachte fouten: uren niet omrekenen (1,2·10⁹), delen in plaats van vermenigvuldigen (4,8·10⁻⁵) of met 60 in plaats van 3600 (7,2·10¹⁰). Syllabus E1.4: s = c·t.
Zet op volgorde van klein naar groot
De aarde is een planeet in het zonnestelsel, dat in de Melkweg ligt; de Melkweg is een sterrenstelsel, en sterrenstelsels vormen samen clusters. Syllabus E1.4: structuren. Verwachte fout: zonnestelsel en Melkweg verwisselen.
Ster A heeft een twee keer zo hoge temperatuur als ster B. Wat geldt voor λmax?
λmax van A is de helft van die van B
λmax van A is twee keer zo groot
λmax van A is vier keer zo klein
λmax van A en B is gelijk
λmax·T is constant, dus λmax is omgekeerd evenredig met T: dubbele T geeft halve λmax. Verwachte fout: rechtevenredig redeneren. Syllabus E1.4: wet van Wien.
Een blauwe en een rode ster. Welke is heter en waarom?
De rode, want zijn λmax is kleiner
De blauwe, want zijn λmax is kleiner
De rode, want zijn λmax is groter
De blauwe, want zijn λmax is groter
Blauw licht heeft een kleinere golflengte dan rood. Een kleinere λmax hoort bij een hogere temperatuur. Verwachte fout: rood met heet associëren. Syllabus E1.4: wet van Wien.
Wat betekent: het heelal dijt uit?
Een goed antwoord: het heelal wordt groter, sterrenstelsels bewegen op grote schaal van elkaar af. Verwachte fout: dat de sterren zelf groter worden. Syllabus E1.4: uitdijend heelal.
Welke bewering over de maan klopt?
Ze is een planeet die om de zon draait
Ze geeft zelf licht, net als de zon
Ze is groter dan de aarde
Ze draait om de aarde en kaatst zonlicht terug
De maan draait om de aarde en zendt geen eigen licht uit: ze kaatst zonlicht terug. Verwachte fout: de maan een planeet noemen. Syllabus E1.1.
Een ster heeft T = 1,2·10⁴ K. Bereken λmax.
2,4·10² nm
2,4·10⁻⁷ nm
3,5·10¹ nm
4,1·10⁶ nm
λmax = kW/T = 2,898·10⁻³ / 1,2·10⁴ = 2,4·10⁻⁷ m = 2,4·10² nm. Verwachte fouten: de eenheid m laten staan als nm (2,4·10⁻⁷ nm), kW·T (3,5·10¹) of T/kW (4,1·10⁶). Syllabus E1.4.
Wat is een planetenstelsel?
Een groep van vele sterrenstelsels
Het sterrenstelsel van onze zon
Een ster met planeten die eromheen draaien
Een groep manen om een planeet
Een planetenstelsel is een ster met zijn planeten, zoals ons zonnestelsel. Verwachte fout: planetenstelsel met sterrenstelsel verwarren. Syllabus E1.4: structuren.
Hoe zeker voel je je over dit onderwerp?
Heel zeker
Redelijk zeker
Niet zo zeker
Helemaal niet zeker
Gebruik de uitslag om te bepalen of je een onderdeel herhaalt.
EXAMENSTOF · E1 · ZONNESTELSEL EN HEELAL
Goed gedaan!
Je kunt nu uitleggen hoe het zonnestelsel en het heelal in elkaar zitten, en je rekent met lichtjaren en de wet van Wien.
Cet élément n'a pas d'instructions