Zoek de 4 verschillen. Sleep de rondjes naar de verschillen in de afbeelding rechts.
Slide 22 - Question de remorquage
⏎
Geschiedenis-domino! Leg de stenen op de goede plek zodat de juiste volgorde ontstaat.
1
2
3
4
5
6
Slide 23 - Question de remorquage
De Eerste Wereldoorlog
Sleep de pictogrammen naar de juiste plek zodat je het verloop van de Eerste Wereldoorlog duidelijk maakt.
...
...
...
...
...
...
Slide 24 - Question de remorquage
Tijdvak 9
Anne Frank
Stalin
Fietsplaatje
Marshallplan
Sovjet-Unie
Amsterdam
Verraders
Pearl Harbor
Romeinse Rijk
Slide 25 - Question de remorquage
Tijd van
Ontdekkers en Hervormers
<b>Dit was al uitgevonden</b>
<b>Dit werd toen uitgevonden</b>
<b>Dit moest nog worden uitgevonden</b>
Slide 26 - Question de remorquage
De paardensprong
Het paard in het schaakspel beweegt 2 velden horizontaal met 1 veld verticaal of een beweging van 2 velden verticaal met 1 veld horizontaal.
Er ontstaat bij een paardensprong altijd een L-vorm.
Maak met de paardensprong uit het schaakspel een woord van acht letters. Sleep daarna de letters naar de vakjes zodat het woord zichtbaar wordt. Tot slot leg je uit wat het woord betekent.
A
D
P
I
R
E
M
I
Slide 27 - Question de remorquage
1941
1939
1940
1941
1944
Slide 28 - Question de remorquage
Slide 29 - Question de remorquage
Maar waar staan
al deze dingen?!
Kun jij ze vinden?
Een trommel
Rembrandt zelf
Een meisje
Een lans
Een geweer
Een kippenpoot
Slide 30 - Question de remorquage
G
F
G
H
R
H
B
S
I
T
O
E
S
A
A
D
S
T
N
M
P
K
K
L
V
W
Klik op de schaakstukken en lees de stelling.
Is de stelling juist? Sleep het schaakstuk dan naar het juiste coordinaat. De schaakstukken vormen dan een woord.
Een horige moest pacht betalen voor de grond (D,8)
♟
Karel de Grote was koning en keizer (A,5)
♔
Karel de Grote was een leenheer (C,4)
♔
De geestelijkheid was de derde stand (A,8)
♗
Monniken en ridders horen bij de geestelijken (G,1)
♗
Een leenman moet trouw zweren aan de leenheer (F,7)
♔
Monniken en nonnen horen bij de lage geestelijken (H,4)
♗
Het middeleeuwse woord voor een slaaf is een horige (G,3)
♟
Herendiensten deed de leenheer voor de leenman (B,2)
♔
De Paus is de hoogste geestelijke van de christelijke kerk (D,5)
♗
Ridders woonden in een klooster (E,4)
♗
Horigen waren vrij om weg te gaan van hun land (G,6)
♟
Slide 31 - Question de remorquage
Historische Sudoku
De pijlen staan voor verbanden. Vul het bovenstaande schema op een correcte wijze in. Gebruik daarbij negen van de onderstaande twaalf begrippen: