WATER · OVERLAST EN TEKORT
Examentraining
Wateroverlast en droogte: zo pak je examenvragen aan
WATER · OVERLAST EN TEKORT
Examentraining
Wateroverlast en droogte: zo pak je examenvragen aan
Les 2 van 3. Laat leerlingen in tweetallen overleggen bij de open vragen. Image credit: Romaine / Wikimedia Commons, CC0
WATER · OVERLAST EN TEKORT
Wat ga je kunnen?
Ik kan hoogte- en bodemkaarten combineren, klimaatverandering koppelen aan lokale risico's en maatregelen tegen wateroverlast en watertekort analyseren vanuit dimensies.
Cet élément n'a pas d'instructions
WATER · OVERLAST EN TEKORT
Zo pak je een examenvraag aan
1. Lees: wat vraagt de vraag? Beschrijf, verklaar, beredeneer of beargumenteer
2. Zoek: hoog of laag, zand of veen, stad of platteland?
3. Koppel: welk proces hoort erbij? Oxidatie, verzilting, verdroging, geringe infiltratie
4. Schrijf: een keten van oorzaak naar gevolg, met het begrip erin
Cet élément n'a pas d'instructions
Veenweidegebied in de Oostpolder, 2014
WATER · OVERLAST EN TEKORT
Vraagtype 1: hoogte- en bodemkaart
Je combineert een hoogtekaart met een bodemkaart: waar ligt veen laag, waar zand hoog?
Laag en veen: kans op bodemdaling, oxidatie, inklinking en verzilting
Hoog en zand: kans op droogte en verdroging; op hellingen snelle afvoer bij buien
Image credit: Hardscarf / Wikimedia Commons, CC BY-SA 3.0
Gebied A: veen, 2 m onder NAP, bij zee. Wat dreigt vooral bij droogte?
Verdroging door drinkwaterwinning
Snelle afvoer van water over hellingen
Wateroverlast door een hoosbui
Verzilting en verdere bodemdaling
Laag gelegen veen bij zee: bij droogte zakt het grondwater, veen oxideert en klinkt in, en zoute kwel en zeewater dringen verder binnen. Verwachte fout: verdroging, omdat dat ook over een lage grondwaterstand gaat, maar dat hoort bij hoog Nederland en menselijke onttrekking.
Gebied B: zand, 30 m boven NAP. Verklaar waarom het droogtegevoelig is.
Goed antwoord: zandgrond is goed doorlatend, dus regenwater zakt snel weg; door de hoge ligging kan er nauwelijks water uit rivieren worden aangevoerd, dus het gebied is afhankelijk van neerslag. Verwachte fout: alleen 'het ligt hoog' zonder de bodem erbij te betrekken.
Overstroming van de Geul in Valkenburg, Berkelplein, juli 2021
WATER · OVERLAST EN TEKORT
Vraagtype 2: van mondiaal naar lokaal
Je legt een keten van mondiale klimaatverandering naar een risico in één gebied
Mondiaal: opwarming. Regionaal: hevigere buien, drogere zomers, hogere zeespiegel
Lokaal: ondergelopen straten, verzilte sloten, verdorde akkers
Image credit: Romaine / Wikimedia Commons, CC0
Leg uit hoe mondiale opwarming kan leiden tot ondergelopen straten in een stad.
Goed antwoord: door opwarming kan de lucht meer waterdamp bevatten, waardoor hevige buien vaker voorkomen; in de stad is veel verharding, dus infiltreert weinig water en loopt het riool over. Verwachte fout: de schakel van warmere lucht naar hevigere buien overslaan.
Hoe vergroot zeespiegelstijging het watertekort in West-Nederland?
Het regent minder in de kustprovincies
Zout water dringt verder landinwaarts
De rivieren voeren meer water aan
Het veen oxideert sneller door zout
Hogere zeespiegel: meer zoute kwel en een zouttong die verder de rivieren op dringt, zodat er minder bruikbaar zoet water is. Verwachte fout: 'het veen oxideert sneller door zout', omdat leerlingen verzilting en oxidatie koppelen; oxidatie komt door zuurstof.
Wadi in een woonwijk in Arnhem, 2008
WATER · OVERLAST EN TEKORT
Vraagtype 3: maatregelen vanuit dimensies
Je analyseert een maatregel vanuit natuur, economie, politiek, sociaal-cultureel of demografie
Noem per dimensie een concreet voor- of nadeel, niet alleen de naam van de dimensie
Voorbeeld: een wadi kost ruimte (economie), maar geeft groen in de wijk (sociaal-cultureel)
Image credit: RJ Ribbink / Wikimedia Commons, CC BY-SA 2.5
Welk argument voor een waterplein hoort bij de sociaal-culturele dimensie?
Het riool hoeft niet vergroot te worden
Het water infiltreert later in de bodem
Het plein is ook een plek om te sporten
Gemeente en waterschap betalen samen
Sporten en ontmoeten is sociaal-cultureel. Geen grotere riolering nodig is economisch, infiltratie is natuur, samen betalen is politiek. Verwachte fout: het riool, omdat dat het hoofddoel lijkt.
Een gemeente verbiedt nieuwe tuinen vol tegels. Noem een voordeel en een nadeel.
Goed antwoord: voordeel (natuur): meer infiltratie en minder water in het riool bij hoosbuien, ook aanvulling van grondwater; nadeel (politiek of sociaal-cultureel): inbreuk op de vrijheid van bewoners, moeilijk te handhaven, of kosten voor bewoners (economie). Verwachte fout: twee voordelen noemen, of een nadeel zonder dimensie.
Verdiept sportveld van het waterplein Benthemplein, Rotterdam, 2017
WATER · OVERLAST EN TEKORT
Vraagtype 4: adaptatie of acceptatie
Adaptatie: je past het gebied of het gebruik aan, zodat water minder schade doet
Acceptatie: je aanvaardt dat er soms overlast of tekort is en beperkt alleen de schade
Bij een waardeervraag geef je een oordeel met argument en zo nodig een voorbehoud
Image credit: Cathrotterdam / Wikimedia Commons, CC BY-SA 4.0
Welk voorbeeld is acceptatie van het risico op wateroverlast?
Een straat mag na een extreme bui blank staan
Nieuwe huizen worden hoger gebouwd
Een wijk krijgt een groot waterplein
Regenpijpen worden van het riool gehaald
Acceptatie: je aanvaardt dat de straat soms onder water staat. Hoger bouwen, een waterplein en ontkoppelen zijn aanpassingen (adaptatie). Verwachte fout: het waterplein, omdat daar ook water mag staan; maar dat is een maatregel die ervoor ontworpen is.
Beargumenteer of boeren op zandgrond droogteschade moeten accepteren.
Goed antwoord: een standpunt met argument. Voor acceptatie: beregening met grondwater versterkt verdroging en schaadt natuur. Tegen: oogstverlies kost boeren veel geld, adaptatie kan (water vasthouden in sloten, andere gewassen). Een voorbehoud mag, bijvoorbeeld alleen in extreem droge jaren. Verwachte fout: een mening zonder het verband met verdroging.
Welk vraagtype vind jij het lastigst?
Hoogte- en bodemkaart
Van mondiaal naar lokaal
Maatregelen vanuit dimensies
Adaptatie of acceptatie
Bespreek het meest gekozen vraagtype nog een keer met een examenvraag uit een oud examen.
WATER · OVERLAST EN TEKORT
Tips voor op het examen
Kijk altijd eerst: hoog of laag, zand of veen, stad of platteland
Droogte komt door het weer, verdroging door de mens: gebruik het juiste woord
Oxidatie is afbraak door zuurstof, inklinking is samendrukken
Bij 'verklaar' schrijf je een keten, niet één los feit
Bij dimensievragen: noem de dimensie en een concreet gevolg
Cet élément n'a pas d'instructions