Een eigen bedrijf starten (Bedrijfseconomie havo), les 2: Examentraining

Een bakkerskraam op de weekmarkt Heksenwiel

EXAMENSTOF · ONDERNEMEN · EIGEN BEDRIJF

Examentraining

Een eigen bedrijf starten: zo pak je examenvragen aan

1 / 17
suivant
Slide 1: Slide
newEditorBedrijfseconomieMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4,5

Cette leçon contient 17 diapositives, avec quiz interactifs et diapositives de texte.

time-iconLa durée de la leçon est: 45 min
Signaler cette leçon

Introduction

Examentraining: voor- en nadelen benoemen, afwegen en kiezen, de rol van de ondernemer uitleggen en oprichtingsverplichtingen noemen, met acht vragen in examenstijl.

Éléments de cette leçon

Een bakkerskraam op de weekmarkt Heksenwiel

EXAMENSTOF · ONDERNEMEN · EIGEN BEDRIJF

Examentraining

Een eigen bedrijf starten: zo pak je examenvragen aan

Les 2 van 3. Laat leerlingen in tweetallen overleggen bij de open vragen. Image credit: G.Lanting / Wikimedia Commons, CC BY-SA 3.0

EXAMENSTOF · ONDERNEMEN · EIGEN BEDRIJF

Wat ga je kunnen?

Ik kan in een casus voor- en nadelen afwegen, de rol van de ondernemer uitleggen en de oprichtingsverplichtingen noemen.

Cet élément n'a pas d'instructions

EXAMENSTOF · ONDERNEMEN · EIGEN BEDRIJF

Zo pak je een examenvraag aan

  • 1. Lees: wie is de persoon en wat wil die persoon bereiken?

  • 2. Zoek: welke gegevens noemt de casus: inkomen, risico, vrijheid, een activiteit?

  • 3. Koppel: past het bij loondienst, zelfstandig ondernemen of een oprichtingsverplichting?

  • 4. Schrijf: noem je keuze en onderbouw met een gegeven uit de casus.

Cet élément n'a pas d'instructions

EXAMENSTOF · ONDERNEMEN · EIGEN BEDRIJF

Vraagtype 1: voor- en nadelen

  • Je krijgt een casus en benoemt een voordeel of nadeel.

  • Let op: voor wie geldt het, voor een werknemer of een ondernemer?

  • Voorbeeld: loon dat doorloopt bij ziekte is een voordeel van loondienst.

Cet élément n'a pas d'instructions

Bo is kok in loondienst en kan door een gebroken been twee maanden niet werken. Welk voordeel geldt?

A

Bo houdt het hele resultaat van het restaurant

B

Bo krijgt meestal het loon doorbetaald

C

Bo bepaalt zelf het menu en de prijzen

D

Bo draagt het ondernemersrisico van het restaurant

Syllabus 12.1: loondoorbetaling bij ziekte is een voordeel van een arbeidsrelatie. Verwachte fout: het resultaat houden, dat hoort bij een eigenaar.

Ravi start een eenmanszaak als fotograaf. In een rustige maand is er weinig werk. Welk nadeel merkt Ravi?

A

Een werkgever vult het loon aan tot het normale niveau

B

Ravi mag het werk niet zelf indelen

C

De KvK keert een uitkering uit

D

Het inkomen is onzeker: er is geen vast loon

Syllabus 12.1: onzeker inkomen is een nadeel van zelfstandig ondernemen. Verwachte fout: denken dat er een werkgever of instantie is die bijspringt.

EXAMENSTOF · ONDERNEMEN · EIGEN BEDRIJF

Vraagtype 2: afwegen en kiezen

  • Je vergelijkt wat iemand in loondienst verdient met wat een eigen bedrijf oplevert.

  • Het resultaat is de omzet min de kosten. Een ondernemer krijgt geen loon: het resultaat is het inkomen.

  • Je kiest op basis van wat de persoon wil: zekerheid of vrijheid.

Cet élément n'a pas d'instructions

Lisa verdient € 2.900 per maand in loondienst. In een eigen bedrijf is de omzet in een maand € 9.000 en zijn de kosten € 6.400. Hoeveel verschilt het inkomen, voor belasting?

A

€ 300 hoger dan het loon

B

€ 2.600 lager dan het loon

C

€ 6.100 hoger dan het loon

D

€ 300 lager dan het loon

Syllabus 12.1 met resultaat als omzet min kosten. Uitwerking: resultaat 9.000 min 6.400 is 2.600. Loon 2.900 min resultaat 2.600 is 300 lager. Verwachte fout: de omzet vergelijken met het loon (9.000 min 2.900 is 6.100 hoger) of het resultaat zelf als verschil nemen.

Jij wilt zelf bepalen wanneer en voor wie je werkt, en je bent bereid daar risico voor te lopen. Wat past het best?

A

Een arbeidsrelatie met een vaste werkgever

B

Zelfstandig ondernemerschap

C

Een baan met een vast maandloon

D

Een dienstverband met loondoorbetaling

Syllabus 12.1. Vrijheid en risico horen bij zelfstandig ondernemen; zekerheid bij loondienst. Verwachte fout: kiezen voor loondienst omdat dat veilig voelt.

EXAMENSTOF · ONDERNEMEN · EIGEN BEDRIJF

Vraagtype 3: rol van de ondernemer

  • Je koppelt wat iemand doet aan de rol van de ondernemer in het creatieve proces.

  • Let op: bedenken, onderzoeken en kiezen horen bij de ondernemer, niet bij een werkgever.

  • De ondernemer draagt ook het risico.

Cet élément n'a pas d'instructions

Fenna bedenkt een mobiele koffiekar, onderzoekt waar veel wandelaars komen en kiest een menu. Welke rol vervult Fenna?

A

Werknemer met een arbeidsrelatie

B

Werkgever die personeel inhuurt

C

Ondernemer in het creatieve proces voor de oprichting

D

Medewerker van de Kamer van Koophandel

Syllabus 12.2. Idee, onderzoek en keuzes zijn de rol van de ondernemer. Verwachte fout: werkgever, omdat het om een bedrijf gaat.

Joost start een fietsenwinkel en leent geld voor de voorraad. Wie draagt het risico als het tegenvalt?

A

Joost zelf, als ondernemer, ook privé

B

De Kamer van Koophandel

C

De gemeente die de vergunning gaf

D

De leverancier van de voorraad

Syllabus 12.1 en 12.2: de ondernemer draagt het risico en is bij een eenmanszaak privé aansprakelijk. Verwachte fout: denken dat de instanties bij de oprichting het risico delen.

EXAMENSTOF · ONDERNEMEN · EIGEN BEDRIJF

Vraagtype 4: oprichtingsverplichtingen

  • Je noemt wat een starter moet regelen, passend bij de activiteit.

  • Altijd: inschrijving bij de KvK. Soms: een of meer vergunningen.

  • Let op: het ondernemingsplan en de rechtsvorm zijn andere onderwerpen.

Cet élément n'a pas d'instructions

Demi schrijft een eenmanszaak in bij de KvK. Wat geldt voor de gegevens in het Handelsregister?

A

Alleen de Belastingdienst mag ze inzien

B

Ze zijn openbaar: iedereen kan ze opzoeken

C

Alleen de ondernemer zelf mag ze inzien

D

Ze worden pas openbaar na het eerste jaar

Syllabus 12.4: inschrijving bij de KvK. Nagekeken op ondernemersplein.overheid.nl: bedrijfsgegevens in het Handelsregister zijn openbaar. Verwachte fout: denken dat de gegevens privé blijven.

Sven start een kleine bouwonderneming en gaat verbouwingen uitvoeren. Welke verplichting hoort daarbij?

A

Alleen inschrijven: vergunningen zijn nooit nodig

B

Alleen een vergunning: inschrijven hoeft niet

C

Eerst een bv oprichten bij de notaris

D

Inschrijven bij de KvK en vergunningen nagaan

Syllabus 12.4: inschrijving bij de KvK voor elke starter en vergunningen als de activiteit dat vraagt; bij bouwen of verbouwen is vaak een omgevingsvergunning nodig. Verwachte fout: vergunningen vergeten.

Welk vraagtype vind jij het lastigst?

1

Voor- en nadelen

2

Afwegen en kiezen

3

Rol van de ondernemer

4

Oprichtingsverplichtingen

Herhaal het gekozen vraagtype met een nieuwe casus.

EXAMENSTOF · ONDERNEMEN · EIGEN BEDRIJF

Tips voor op het examen

  • Noem bij een nadeel of voordeel altijd voor wie het geldt: werknemer of ondernemer.

  • Gebruik een gegeven uit de casus in je antwoord, niet alleen het begrip.

  • Inschrijving bij de KvK geldt voor elke starter; vergunningen hangen af van de activiteit.

  • Reken je: resultaat is omzet min kosten, en let op wat je met wat vergelijkt.

Cet élément n'a pas d'instructions