Huiswerk Farida week 41

Huiswerk week 41
Klik op het icoontje hieronder, om de uitleg te beluisteren
1 / 64
next
Slide 1: Slide
ANT2+BasisschoolGroep 5

This lesson contains 64 slides, with interactive quizzes, text slides and 13 videos.

time-iconLesson duration is: 60 min

Items in this lesson

Huiswerk week 41
Klik op het icoontje hieronder, om de uitleg te beluisteren

Slide 1 - Slide

Dolfje op kamp: Volle maan
Lees de tekst op de volgende dia's

Slide 2 - Slide

Slide 3 - Slide

Slide 4 - Slide

Slide 5 - Slide

Slide 6 - Slide

Slide 7 - Slide

Slide 8 - Slide

Slide 9 - Slide

Spelling
We werken nu verder aan spelling. We gaan oefenen met klankgroepenwoorden. Dat zijn woorden die je in klankgroepen (ook wel lettergrepen) moet verdelen om te weten hoe je ze schrijven moet. 

Slide 10 - Slide

jager-woorden
Het eerste klankgroepenwoord heb je al gehad: 'jager-woorden'.
Kijk nog eens het filmpje op de volgende dia. 

Slide 11 - Slide

Slide 12 - Video

Bomen
Eindigt de eerste klankgroep op een lange klank?
A
ja
B
nee

Slide 13 - Quiz

Bommen
Eindigt de eerste klankgroep op een lange klank?
A
ja
B
nee

Slide 14 - Quiz

bakken
Eindigt de eerste klankgroep op een lange klank?
A
ja
B
nee

Slide 15 - Quiz

raken
Eindigt de eerste klankgroep op een lange klank?
A
ja
B
nee

Slide 16 - Quiz


Slide 17 - Open question


Slide 18 - Open question

Eindigt de klankgroep op een korte klank?
Dan schrijf je daarna twee dezelfde medeklinkers. 
Dit zijn 
bakker-woorden
Kijk het filmpje op de volgende dia. 

Slide 19 - Slide

Slide 20 - Video


Slide 21 - Open question


Slide 22 - Open question

Hoor je aan het einde van een klankgroep een tweetekenklank? 
Dan schrijf je het woord zoals je het hoort. 
Zoals het woord: keuken

Kijk het volgende filmpje 

Slide 23 - Slide

Slide 24 - Video

Wat zijn tweetekenklanken?
A
eu
B
au
C
ij
D
ie

Slide 25 - Quiz

Goedzo,
eu au ij ie zijn allemaal tweetekenklanken. Welke ken jij nog meer?

Slide 26 - Open question


Slide 27 - Open question


Slide 28 - Open question

Eindigt de klankgroep op een medeklinker?
Dan schrijf je het woord zoals je het hoort. 

Kijk maar het filmpje op de volgende dia. 

Slide 29 - Slide

Slide 30 - Video

Welk woord is niet goed geschreven?
A
kasteel
B
honden
C
bankken
D
bakken

Slide 31 - Quiz

Welke is goed geschreven?
A
stronken
B
stronkken

Slide 32 - Quiz

Nu gemengd!
Eindigt een klankgroep op een:
lange klank? --> schrijf er maar 1 (jager)
korte klank? --> verdubbel de medeklinker (bakker)
tweetekenklank? -->schrijf het woord zoals je het hoort (keuken
medeklinker? --> schrijf het woord zoals je het hoort (kasteel)

Slide 33 - Slide


lange klank? --> schrijf er maar 1 (jager)
korte klank? --> verdubbel de medeklinker (bakker)
tweetekenklank? -->schrijf het woord zoals je het hoort (keuken
medeklinker? --> schrijf het woord zoals je het hoort (kasteel)

Slide 34 - Open question


lange klank? --> schrijf er maar 1 (jager)
korte klank? --> verdubbel de medeklinker (bakker)
tweetekenklank? -->schrijf het woord zoals je het hoort (keuken
medeklinker? --> schrijf het woord zoals je het hoort (kasteel)

Slide 35 - Open question


lange klank? --> schrijf er maar 1 (jager)
korte klank? --> verdubbel de medeklinker (bakker)
tweetekenklank? -->schrijf het woord zoals je het hoort (keuken
medeklinker? --> schrijf het woord zoals je het hoort (kasteel)

Slide 36 - Open question

Welk woord is fout geschreven?
A
stronken
B
deukken
C
zakken
D
lopen

Slide 37 - Quiz

Welk woord is fout geschreven?
A
koeken
B
vuuren
C
lakken
D
buiken

Slide 38 - Quiz

Welk woord is fout geschreven?
A
portier
B
wasmand
C
paardden
D
hoeden

Slide 39 - Quiz

Je gaat zometeen kijken naar een stukje van een Klokhuis aflevering. Let goed op! Er worden tussendoor steeds vragen gesteld over de uitzending. Het filmpje stopt vanzelf, klik dan op de volgende dia om de vragen te maken.

Slide 40 - Slide

Slide 41 - Video

Waar gaat Eva een dag meelopen?
A
Bij de NOS
B
Bij het Jeugdjournaal
C
Bij het avondjournaal
D
Bij het ochtendjournaal

Slide 42 - Quiz

Met wie gaat Eva een dagje meelopen?
A
Jullius
B
Jan
C
Jaap
D
Joris

Slide 43 - Quiz

Hoe laat is het?
A
Half 10
B
11 uur
C
Half 11
D
10 uur

Slide 44 - Quiz

Slide 45 - Video

Hoevaak komt de redactie samen?
A
2 keer per dag
B
Elke dag
C
Elke week
D
Om de dag

Slide 46 - Quiz

Hoe weet het Jeugdjournaal dat het nieuws echt is?
A
Al het nieuws is echt
B
Het is al op TV geweest, dus is het echt nieuws
C
Ze checken verschillende bronnen
D
Dat weten ze niet

Slide 47 - Quiz

Wat gebeurd er met nep-nieuws?
A
Dat bestaat niet
B
Dat komt niet in het Jeugdjournaal
C
Dat wordt gewoon uitgezonden
D
Dat komt op de site

Slide 48 - Quiz

Slide 49 - Video

Waar zorgt de redacteur voor?
A
Die leest het nieuws voor
B
Dat de uitzending gemaakt wordt
C
Dat je het laatste nieuws kunt volgen
D
Die filmt de uitzending

Slide 50 - Quiz

Slide 51 - Video

Waar zorgt de grafische afdeling voor?
A
Maakt de foto's op de website
B
Regelt de tekst voor de uitzending
C
Maakt de afbeeldingen op de schermen
D
Filmt de uitzending

Slide 52 - Quiz

Slide 53 - Video

Waar wordt de uitzending van het Jeugdjournaal gemaakt?
A
Zeeland
B
Den Haag
C
Hilversum
D
Amsterdam

Slide 54 - Quiz

Binnen hoeveel dagen komt het nieuws op TV?
A
Dezelfde dag
B
Binnen een dag
C
Binnen 2 dagen
D
Binnen een week

Slide 55 - Quiz

Slide 56 - Video

Hoe komen de beelden in Hilversum?
A
Via een kabel
B
Door een satelliet
C
Via internet
D
Met speciaal apparatuur

Slide 57 - Quiz

Hoe sturen ze de beelden als het internet het niet doet?
A
Via nood-wifi
B
Via een satelliet
C
Via een kabel
D
Niet, ze rijden terug naar Hilversum

Slide 58 - Quiz

Slide 59 - Video

Waarom moet Joris make-up op?
A
Dat hoeft niet
B
Anders is hij heel bleek
C
Anders glimt hij
D
Dat is mooi

Slide 60 - Quiz

Slide 61 - Video

Wat is een ander woord voor repeteren?
A
Live gaan
B
Uitzenden
C
Acteren
D
Oefenen

Slide 62 - Quiz

Slide 63 - Video

Slide 64 - Slide