This lesson contains 12 slides, with interactive quiz and text slides.
Lesson duration is: 80 min
Items in this lesson
Wat doen we vandaag?
Vragen grammatica?
Bespreken blz. 154, erga 8-9-10.
Opdrachten
Slide 1 - Slide
Vragen Grammatica?
Slide 2 - Open question
Geen vragen (meer)?
Pak maar een blaadje...
Slide 3 - Slide
Blz. 154.
Erga 8, 9 en 10.
Slide 4 - Slide
Ergon 8
Slide 5 - Slide
Ergon 9
Slide 6 - Slide
Ergon 10ab
a Het perfectum geeft een toestand aan. Spreekwoorden hebben dat vaak in zich en vertegenwoordigen iets algemeens.
b Praesens en imperfectum op zich ook, omdat ze een toestand/ herhaling beschrijven, dus ook iets algemeens aanduiden. De aoristus alleen als die constaterend gebruikt wordt. Futurum en plusquamperfectum niet echt: die geven respectievelijk toekomst en verleden tijd van een toestand aan..
Slide 7 - Slide
Ergon 10cd
→ἄνθρακας ὁ θησαυρὸς πέφηνεν
De schat toonde houtskool (bleek uit houtskool te bestaan): knollen voor citroenen verkopen
→τεθνᾶσιν οἱ θανόντες
De doden zijn dood: gedane zaken nemen geen keer/ ‘water under the bridge’
→κύνα δέρειν δεδαρμένην
Een gevilde hond villen: water naar de zee dragen/ de Moriaan schuren
→ἐγγὺς ἀγαθοῦ πέφυκε κακόν
Dichtbij het goede is (van nature) het slechte: geen Nederlandse equivalent
→ηὕρηκα, ηὕρηκα
Ik heb het, ik heb het (Archimedes): eureka, eureka
Slide 8 - Slide
Symbiosis
Blz. 84,
opdr. 1 t/m 4
Slide 9 - Slide
Opdracht 1
De binnenplaats zorgde, naast voor frisse lucht, ook voor lichtinval in de vertrekken die naar de binnenplaats gericht waren./ De binnenplaats kon ook gebruikt worden om eten klaar te maken op verplaatsbare fornuizen.