H4 van bergen naar de zee - herhaling

Verwering
Erosie
Sedimentatie
1 / 31
next
Slide 1: Drag question
AardrijkskundeMiddelbare schoolvmbo t, mavoLeerjaar 2

This lesson contains 31 slides, with interactive quizzes.

Items in this lesson

Verwering
Erosie
Sedimentatie

Slide 1 - Drag question

2 Hoe wordt een groot pakket van ijs in de bergen ook wel genoemd?

Slide 2 - Open question

1 Het afslijten van gesteente door water, wind of ijs wordt ook wel........genoemd
A
Verwering
B
Erosie
C
Massabeweging
D
Sedimentatie

Slide 3 - Quiz

Het neerleggen van materiaal als de transportsneheid van water, wind of ijs afneemt heet:
A
Sedimentatie
B
Reliëf
C
Verwering
D
Zwerfstenen

Slide 4 - Quiz

3 Een U-dal wordt gevormd door:
A
De wind
B
Een rivier
C
Een gletsjer
D
De zee

Slide 5 - Quiz

Geef een voorbeeld van een Polder.
A
Beemster
B
Veluwe
C
Utrechtse heuvelrug
D
Waddenzee

Slide 6 - Quiz

Welke bewering klopt?
A
Zand is kleiner dan grind en klei
B
Grind is kleiner dan zand en klei
C
Klei is kleiner dan zand en grind

Slide 7 - Quiz

Wat zie je hier?
A
Bovenloop
B
Middenloop
C
Benedenloop
D
Delta

Slide 8 - Quiz

Wat zie je hier?
A
Bovenloop
B
Middenloop
C
Benedenloop
D
Delta

Slide 9 - Quiz

Wat zie je hier?
A
Bovenloop
B
Middenloop
C
Benedenloop
D
Delta

Slide 10 - Quiz

Bovenloop
Middenloop
Benedenloop

Slide 11 - Drag question

Welke drie rivieren waren heel belangrijk voor de Nederlandse landschap?
A
De IJssel, de Waal, de Neder-Rijn
B
De Waal, de Donau, de Rijn
C
De Maas, de Rijn, De Schelde
D
De Maas, de IJssel en de Nijl

Slide 12 - Quiz

Een V-dal is gemaakt door:
A
een lawine
B
een gletsjer
C
mensen
D
een rivier

Slide 13 - Quiz

Op de foto zie je een voorbeeld van ...
A
erosie
B
sedimentatie
C
verwering

Slide 14 - Quiz

Een stuk land dat door een dijk is omringd en waar de waterstand door mensen wordt geregeld heet...
A
gemaal
B
terp
C
polder
D
waddenzee

Slide 15 - Quiz

Wat komt vooral voor bij het vraagteken?
A
Stuwwallen
B
Terpen
C
Polders
D
Dijken

Slide 16 - Quiz

Duinen
Terp
Polder
Gemaal

Slide 17 - Drag question

Wat is een polder?
A
Een stuk land omringd door dijken waarbinnen de waterstand geregeld wordt
B
Een polder is een lager gelegen gebied in hoog Nederland
C
Een polder is een stuk 'wad' in zee die soms droog komt te liggen bij eb
D
Een polder is een hoger gelegen land dan de omgeving

Slide 18 - Quiz

Amsterdam ligt
A
onder zeeniveau
B
boven zeeniveau
C
Tussen in

Slide 19 - Quiz

Apeldoorn is in Oost Nederland en ligt in
A
Laag Nederland
B
Midden Nederland
C
De Veluwe
D
Hoog Nederland

Slide 20 - Quiz

Waar woonden mensen op toen er nog geen duinen waren?
A
Dijken
B
Hollandveen
C
Oude duinen
D
Terpen

Slide 21 - Quiz

Gemaal
Polder
stroomgebied
Dijken

Slide 22 - Drag question

Bekijk het plaatje hiernaast. Welk rijtje is juist?
A
1 = gemaal, 2 = polder, 3 = zee, 4 = dijk
B
1 = zee, 2 = gemaal, 3 = dijk, 4 = polder
C
1 = dijk, 2 = polder, 3 = zee, 4 = gemaal
D
1 = polder, 2 = dijk, 3 = zee, 4 = gemaal

Slide 23 - Quiz

Hoeveel % zou onder water staan als NL geen dijken & duinen zou hebben?
A
24%
B
52%
C
66%
D
72%

Slide 24 - Quiz

Wat zie je op de foto?
A
Heuvel
B
Terp
C
Dijk
D
Duin

Slide 25 - Quiz

Wat zie je op de foto?
A
Heuvel
B
Terp
C
Dijk
D
Duin

Slide 26 - Quiz

Wat ligt hoger?
A
Oeverwal
B
Winterdijk
C
Zomerdijk
D
Komgrond

Slide 27 - Quiz

Hoe ziet het rivierenlandschap van de Rijn eruit?
A
Langs de rivier zie je dijken
B
Langs de rivier zie je veel dieren en bossen
C
Langs de rivier zie je bergen
D
Langs de rivier zie je komgronden en oeverwallen

Slide 28 - Quiz

Winterdijk
Zomerdijk
Uiterwaard
Kribben
Komgronden
Oeverwal

Slide 29 - Drag question

Uiterwaard
Terp
Stuwen
Wielen
Het stuk tussen de zomerdijk en winterdijk
Kunstmatige heuvel

Slide 30 - Drag question

Wat is het verschil tussen een zomerdijk en een winterdijk?
A
Een winterdijk wordt in de herfst opgebouwd en in de lente afgebroken
B
Een zomerdijk is minder stijl zodat je er goed op kunt picknicken
C
Een winterdijk is hoger dan een zomerdijk
D
De winterdijk is ter bescherming tegen het ijs

Slide 31 - Quiz