H 4 Werk zoeken.

Welkom op mijn werk!
1 / 33
next
Slide 1: Slide
NT2PraktijkonderwijsLeerjaar 3

This lesson contains 33 slides, with interactive quizzes, text slides and 6 videos.

time-iconLesson duration is: 20 min
Report this lesson

Items in this lesson

Welkom op mijn werk!

Slide 1 - Slide

Eerst ga je naar school dan stage lopen en dan aan het werk! 
Allemaal om geld te verdienen zodat je kunt leven.

Slide 2 - Slide

Wat is het beroep van jouw ouders en grootouders? Maak de opdracht in je werkschrift.

Slide 3 - Slide

We gaan het boek eens uitproberen. Lezen samen blz. 99 en 100.
Dan gaan jullie online de opdrachten 1.2.3.4 maken.

Slide 4 - Slide

Beroepssectoren.
Een sector is een groep.
Werk je in de agrarisch sector dan werk je op het land of in het water.

Slide 5 - Slide

Slide 6 - Video

Agrarische sector

Slide 7 - Slide

Slide 8 - Video

Slide 9 - Video

Slide 10 - Video

Waar kun je geld mee winnen?
A
werken
B
met een loterij
C
met koken
D
weet ik niet

Slide 11 - Quiz

3. De collega ... ik altijd naar mijn werk reis, heeft 20 minuten vertraging.
A
die
B
wat
C
met wie
D
waarmee

Slide 12 - Quiz

Wil je het nog een keer zeggen? Ik ........... je niet.
A
leer
B
zoek
C
begrijp
D
gebruik

Slide 13 - Quiz

Jullie ....... heel hard vandaag!
A
Werken
B
werk
C
werken
D
werkt

Slide 14 - Quiz

We....

A
werkt
B
gaat
C
woon
D
werken

Slide 15 - Quiz

Wat is het hele werkwoord?
A
werkt
B
werk
C
werken

Slide 16 - Quiz

Zoek het werkwoord:
Wij gaan vandaag naar de markt
A
vandaag
B
wij
C
gaan
D
de markt

Slide 17 - Quiz

Wat is een bijbaan?
A
Werk als je een diploma hebt
B
werk na schooltijd
C
Geen leuk werk.
D
weet ik niet

Slide 18 - Quiz

Hoe oud moet je zijn om te mogen werken?
A
10 jaar
B
11 jaar
C
12 jaar
D
13 jaar

Slide 19 - Quiz

Woord van de dag.
Solliciteren

Slide 20 - Slide

Slide 21 - Slide

Wat zijn jouw gegevens, werkervaring ,opleidingactiviteiten, cursussen,taal,interesses

Slide 22 - Slide

nu jij

Slide 23 - Slide

Slide 24 - Video

Schrijf de woorden over in een zin.

b.v. werkloos
Ik ben werkloos.

Slide 25 - Slide

Een uitzendbureau zorgt vooral voor:
A
vast werk.
B
zwartwerk.
C
tijdelijk werk.
D
onbetaald werk.

Slide 26 - Quiz

Wat betekent werkgever?
A
De persoon of het bedrijf waar je voor werkt of wil werken.
B
de persoon die ergens werkt

Slide 27 - Quiz

Wat betekent vacature?
A
Dat je bijna vakantie hebt.
B
Dat je een prik krijgt
C
Dat er mensen worden gezocht om te werken.

Slide 28 - Quiz

Een uitzendbureau vraagt altijd
A
een vacature
B
een CV
C
een sollicitatiebrief
D
een paspoort

Slide 29 - Quiz

Bij een uitzendbureau vind je veel
------------- .
A
vacatures
B
cv's
C
leerlingen
D
eten

Slide 30 - Quiz

Ik ga een baan zoeken, als....
A
ik heb mijn diploma.
B
ik mijn diploma heb.

Slide 31 - Quiz

Iemand die werkloos is krijgt een bijstandsuitkering
A
waar
B
niet waar

Slide 32 - Quiz

Slide 33 - Video