1. Inkomen uit werkSalaris of loon van een of beide ouders (het nettoloon na aftrek van belasting en premies).
Eventuele overuren, bonussen of provisie.
2. Inkomen van de overheid
Kinderbijslag (per kwartaal, maar gezinnen rekenen dit vaak mee in de maandbegroting).
Huurtoeslag, zorgtoeslag, kinderopvangtoeslag, kindgebonden budget (afhankelijk van inkomen en gezinssituatie).
In sommige gevallen: bijstandsuitkering, WW, of andere sociale uitkeringen.
3. Overige inkomsten
Onderhoudsbijdrage / alimentatie (indien van toepassing).
Inkomsten uit eigen bedrijf of bijbaan.
Rente, dividend of andere inkomsten uit vermogen (bijvoorbeeld spaargeld of beleggingen).
Overige toeslagen of subsidies (bijv. energiecompensatie).