This lesson contains 34 slides, with interactive quizzes and text slides.
Lesson duration is: 60 min
Items in this lesson
Starttaak
Noteer huiswerk in je agenda
Maak in deze volgorde:
Inhalen + nakijken vorig huiswerk
Lezen paragraaf 8.4
Alle test jezelfs opnieuw doen totdat je overal goed hebt (moet morgen eind van de les af)
Klaar? -> Starten met huiswerk
Huiswerk woensdag 10 juni (morgen):
§8.4: 1 t/m 8 (online)
§8.4: Test jezelf (online)
timer
7:00
Slide 1 - Slide
Wat wordt bedoeld met de toonhoogte?
A
Hoe hard het geluid is
B
Hoe het geluid klinkt
Slide 2 - Quiz
hoge frequentie
lage frequentie
Slide 3 - Drag question
Amplitude zegt wat over de:
Frequentie zegt wat over de:
Geluidssterkte meten we in:
Frequentie meten we in:
Hertz
Decibel
Toonhoogte
Geluidssterkte
Slide 4 - Drag question
Wat is frequentie?
A
Aantal trillingen per uur
B
Aantal trillingen per minuut
C
Aantal trillingen per seconde
Slide 5 - Quiz
TL: Hoeveel trillingen zijn hier?
HAVO: Hoe lang duurt één trilling?
A
5 trillingen | 0,01 s
B
5 trillingen | 0,02 s
C
10 trillingen | 0,1 s
D
10 trillingen | 0,02 s
Slide 6 - Quiz
De toonhoogte van een snaar van een gitaar kun veranderen door:
A
De spanning aan te passen
B
De dikte aan te passen
C
De lengte aan te passen
D
Alle drie de antwoorden zijn juist
Slide 7 - Quiz
Inzicht: Hoe verandert de toonhoogte bij het instrument hiernaast?
A
Er ontstaat een laag geluid wanneer er veel ventielen worden ingedrukt.
B
Er ontstaat een laag geluid wanneer er weinig ventielen worden ingedrukt.
Slide 8 - Quiz
amplitude
frequentie
Slide 9 - Drag question
In de afbeelding zie je vier verschillende beelden van een oscilloscoopscherm. De oscilloscoop heeft vier keer dezelfde instelling. Welke twee beelden geven de geluiden met de grootste geluidssterkte weer?
A
beeld A en B
B
beeld C en D
C
beeld B e C
D
beeld A en D
Slide 10 - Quiz
Geluidsoverlast bestrijden
Paragraaf 8.4
Slide 11 - Slide
Leerdoelen 8.4
Na deze les kan je...
uitleggen vanaf welke geluidssterkte je gehoor beschadigd kan raken als je er regelmatig of langdurig aan blootstaat.
drie manieren benoemen om geluidsoverlast te verminderen.
voorbeelden geven van maatregelen tegen geluidshinder bij de geluidsbron, tussen de geluidsbron en de ontvanger en bij de ontvanger.
het verschil uitleggen tussen geluid absorberen en weerkaatsen.
enkele manieren van geluidsisolatie benoemen.
Slide 12 - Slide
Slide 13 - Slide
Welke van deze afbeeldingen geeft 140 dB het beste weer?
A
B
C
D
Slide 14 - Quiz
Audiogram
Grafiek waarin je kunt zien hoe goed je oor iedere frequentie hoort, vergeleken met een normaal gehoor.
Slide 15 - Slide
Slide 16 - Slide
Slide 17 - Slide
Geluidsoverlast verminderen bij de <span style="font-weight: bold">geluidsbron</span>
Geluidsoverlast verminderen tussen <span style="font-weight: bold">bron</span> en <span style="font-weight: bold">ontvanger</span>
Geluidsoverlast verminderen bij de <span style="font-weight: 700">ontvanger</span>
Slide 18 - Drag question
Dit is een maatregel
A
Bij de bron
B
Tussen bron en ontvanger
C
Bij de ontvanger
Slide 19 - Quiz
Dit is een maatregel
A
Bij de bron
B
Tussen bron en ontvanger
C
Bij de ontvanger
Slide 20 - Quiz
Dit is een maatregel
A
Bij de bron
B
Tussen bron en ontvanger
C
Bij de ontvanger
Slide 21 - Quiz
Maatregelen tegen geluidshinder
- Bij de geluidsbron
- Tussen de geluidsbron en de ontvanger
- Bij de ontvanger
weg asfalteren met geluidsarm asfalt
autobanden
geluidswallen
geluidsschermen
huisisolatie
Slide 22 - Slide
Slide 23 - Slide
Slide 24 - Slide
Stap 1: Gegevens
Stap 2: Gevraagd
Stap 3: Formule
Stap 4: Berekening
Stap 5: Antwoord
Berekening: gebruik deze stappen!
Slide 25 - Slide
Havo:
Formule dit hoofdstuk zelf leren!
& toets is lang, dus veel oefenen = sneller worden
TL:
Afstand = snelheid * tijd
Slide 26 - Slide
Starttaak
Noteer huiswerk in je agenda
Maak in deze volgorde:
Inhalen + nakijken vorig huiswerk
Maken huiswerk morgen
Alle test jezelfs opnieuw doen tot goed
Klaar? -> Begrippenlijst maken of oefentoets maken
Huiswerk woensdag 10 juni (morgen):
§8.4: 1 t/m 8 (online)
§8.4: Test jezelf (online)
timer
7:00
Slide 27 - Slide
Frequentie of trillingstijd berekenen
Deze stemvork heeft een frequentie (f) van 440 Hz. Bereken hoe lang één trilling duurt? Of te wel bereken de trillingstijd (T).
Slide 28 - Slide
Frequentie of trillingstijd berekenen
Deze stemvork heeft een frequentie (f) van 440 Hz. Bereken hoe lang één trilling duurt? Of te wel bereken de trillingstijd (T).
1. f = 440 Hz
2. T = ?
3. T = 1 : f
4. T = 1 : 440
5. T = 0,00227 s
Slide 29 - Slide
Bereken de frequentie van deze toon.
Slide 30 - Slide
Bereken de frequentie van deze toon.
Je ziet hier 3 trilling in 0,01 seconde.
Dat is dus 0,01 : 3 = 0,003333333 s per trilling.
Slide 31 - Slide
Bereken de frequentie van deze toon.
Je ziet hier 3 trilling in 0,01 seconde.
Dat is dus 0,01 : 3 = 0,003333333 s per trilling.
1. T = 0,003333333 s
2. f = ?
3. f = 1 / T
4. f = 1 / 0,003333333
5. f = 300 Hz
Slide 32 - Slide
De trillingstijd van een toon is 0,002 s. Bereken de frequentie van deze toon.
0,002
0,002
500
Slide 33 - Drag question
Starttaak
Noteer huiswerk in je agenda
Maak in deze volgorde:
Inhalen + nakijken vorig huiswerk
Maken huiswerk morgen
Alle test jezelfs opnieuw doen tot goed
Klaar? -> Begrippenlijst maken of oefentoets maken