Anne Frank
Les 2
Anne Frank
Les 2
Opdracht 1:
Wat weet je over Het Achterhuis en het dagboek van Anne Frank?
Doelen van de les
De leerlingen weten waar ze een dagboekfragment aan kunnen herkennen.
De leerlingen lezen een dagboekfragment actief met behulp van praatvragen.
De leerlingen kunnen zich verplaatsen in de schrijfster van het dagboekfragment en hoe zij zich voelt.
Lesplan
Opdracht 1: Wat weet je over Het Achterhuis en het dagboek van Anne Frank?
Opdracht 2: Wat is een dagboek en bekijk je de tekst.
Opdracht 3: Het dagboekfragment lezen en vragen beantwoorden.
Opdracht 4: Bespreken vragen
Opdracht 5: Bedenk je waarover je wilt schrijven in je brief voor de eindopdracht.
Opdracht 6: Eerste aflevering 13 in de oorlog
Opdracht 2: Wat is een dagboek en bekijk je de tekst.
Kijk naar de titel van de tekst, de kopjes en de plaatjes. Waarover gaat de tekst, denk je?
Opdracht 3: Het dagboekfragment lezen en vragen beantwoorden.
Je leest de tekst in tweetallen. Bij elk tekstwolkje met een nummertje beantwoord je een vraag.
Open een nieuw word document en type daarin de antwoorden.
Sla het document op!!
Deze kunnen dan bij de nabespreking geknipt en geplakt worden
minute
second
Opdracht4 Vragen bespreken
Nabespreking vragen.
Neem je antwoorden erbij en plak je antwoorden in LessonUp
Ben jij het eens met de makers van Mijn naam is Anne? Leg je antwoord uit.
Waarom is Anne zo blij met haar dagboek? Wat vindt ze fijn aan het dagboek?
3.Anne woonde eerst in Duitsland. Over welke problemen in Duitsland schrijft Anne in haar dagboek?
Er werden goede wetten bedacht
Ze schrijft dat er een crisis kwam
Het ging slecht met banken, winkels en fabrieken
De supermarkten waren gesloten
Waarom ging de familie Frank in Amsterdam wonen?
Door de wetten van Hitler werden de ouders van Anne bang
Het was daar veiliger
Er waren betere woningen te vinden
Vrienden van de familie woonde daar al.
Opdracht 5: Een persoonlijke brief schrijven
Als eindopdracht schrijf je een brief aan een kind dat een oorlog meemaakt.
In een brief kun je ook iets over jezelf vertellen, bijvoorbeeld over wat je graag doet of van welke muziek je houdt. Of over iets grappigs dat je hebt meegemaakt. Zo kun je ervoor zorgen dat de lezer van jouw brief aan iets leuks kan denken. Of je schrijft over iets waar jij blij van wordt of wat jou helpt als je verdrietig bent. Dat geeft een ander misschien moed of hoop.
Waarover wil jij schrijven in je brief?
Schrijf het in 5 steekwoorden op. Schrijf 5 steekwoorden op in een Word document en mail dit naar: k.baartman@cvo.nl
Opdracht 6: