Uitleg Over taal H2 + huiswerk

- Uitleg taalfamilies en bedreigde talen

- Huiswerk maken Over taal H2


1 / 17
next
Slide 1: Slide
NederlandsMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 3

This lesson contains 17 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

- Uitleg taalfamilies en bedreigde talen

- Huiswerk maken Over taal H2


Slide 1 - Slide

Lesdoelen

Over taal:

Je begrijpt de betekenis van verschillende woorden uit de media.

Je kunt nieuwe woordvormen afleiden en gebruiken.

Je begrijpt hoe talen familie van elkaar kunnen zijn.

Je begrijpt hoe talen bedreigd kunnen worden.

Slide 2 - Slide

Slide 3 - Slide

0

Slide 4 - Video

Vader

Nederlands:    vader

Engels:               father

Duits:                  Vater

Frans:                  père

Italiaans:           padre

Spaans:             padre

Noors:                far

Welke overeenkomst zie je tussen de verschillende talen?
In welke twee groepen kun je de woorden verdelen?

Slide 5 - Slide

Wat voor overeenkomst zie je tussen de volgende vertalingen van 'vader'? (father, Vater, père, padre, padre, far)

Slide 6 - Open question

In welke twee groepen zou je de vertalingen verdelen? (vader, father, Vater, père, padre, padre, far)

Slide 7 - Open question

Vis

Nederlands:     vis

Engels:               fish

Duits:                  fisch

Frans:                  poisson

Italiaans:           pesce

Spaans:             pez

Noors:                fisk

Slide 8 - Slide

Slide 9 - Slide

Slide 10 - Slide

Germaanse talen

Slide 11 - Slide

Bedreigde talen

- 6000 gesproken talen

- + 1000 jaar nog maar 3000 gesproken talen

 


Slide 12 - Slide

Wat is de oorzaak van het bedreigen van diverse talen?

Slide 13 - Open question

Bedreigde familie

Oorzaak:

- Ouders leren hem niet meer aan hun kinderen (meer succes met moedertaal)

- Verboden taal (regering / dictatuur)


Gevolg:

- veel kennis over geschiedenis, tradities en cultuur gaat verloren



 


Slide 14 - Slide

Huiswerk

Over taal H2:

- havo: 1, 2, 7 en 8

- vwo: 1, 2, 8 en 9

Slide 15 - Slide

Huiswerk

Over taal H2: 1 en 2



- laatste 10 minuten dictee

Slide 16 - Slide

3 havo:

- Fictie H1 en H2 (gele blokjes)

- Beeldspraak: herhaling,
opsomming, tegenstelling, eufemisme, hyperbool, understatement, ironie of sarcasme

- Gram. zinsontleding: samengesteld/ enkelvoudig, onder- en nevenschikking, hoofd- en bijzinnen; bijvoeglijke bijzin

- Gram. woordsoortbenoeming: alle woordsoorten t/m H2 (met nadruk op het betr. vnw.)

- Spelling: werkwoordspelling, meervoudsvormen, verkleinwoorden, apostrof, trema, liggend streepje, dictee

- Over taal: alle woorden met betekenis (opdracht 1 en 2 van H1 en H2)+ afleiden bijv. nw. van een werkwoord

- Schrijfvaardigheid foutieve
inversie, incongruentie, ontspoorde zinnen of dat/als-constructie.

3 vwo:

- Fictie H1 en H2 (gele blokjes)

- Beeldspraak: herhaling,
opsomming, tegenstelling, paradox, eufemisme, hyperbool, understatement,
ironie, sarcasme, pleonasme, tautologie of retorische vraag.

- Gram. zinsontleding: benoemen van bijzinnen, bijzinnen maken

- Gram. woordsoortbenoeming: alle woordsoorten t/m H2 (met nadruk op de voornaamwoorden en het vnw. bw..)

- Spelling: werkwoordspelling, meervoudsvormen, verkleinwoorden, apostrof, trema, liggend streepje, dictee

- Over taal: alle woorden met betekenis (opdracht 1 en 2 van H1 en H2) + afleiden bijv. nw. van een werkwoord

- Schrijfvaardigheid foutieve inversie, incongruentie, ontspoorde zinnen of dat/als-constructie.

Slide 17 - Slide