Adjectieven (bijvoeglijk naamwoord) les 1

Het bijvoeglijk naamwoord
1 / 24
next
Slide 1: Slide
NT2ISK

This lesson contains 24 slides, with interactive quizzes and text slides.

Items in this lesson

Het bijvoeglijk naamwoord

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

DOEL VAN DE LES
Ik kan vertellen wat een bijvoeglijk naamwoord is. 
Ik kan  het bijvoeglijk naamwoord in een zin  gebruiken.

Slide 2 - Slide

This item has no instructions

timer
1:00
Wat is een bijvoeglijk naamwoord?
Geef voorbeelden.

Slide 3 - Mind map

This item has no instructions

Het bijvoeglijk naamwoord
  • Een bijvoeglijk naamwoord vertelt iets over een mens, dier, plant, ding of naam. Dus: een bijvoeglijk naamwoord vertelt iets over over een zelfstandig naamwoord.
Voorbeelden:
  • De blauwe trui.
  • De aardige vrouw.
  • Het leuke kind.

Slide 4 - Slide

Wat is ook alweer een zelfstandig naamwoord? --> Een zelfstandig naamwoord is een woord voor een mens, dier, plant of ding. Je kunt meestal een lidwoord (de, het of een) voor het zelfstandig naamwoord zetten.
Schrijf in 1 minuut zoveel mogelijk
bijvoeglijke naamwoorden op in het Nederlands.
timer
1:00
timer
1:00
timer
1:00

Slide 5 - Open question

This item has no instructions

Het bijvoeglijk naamwoord

Een bijvoeglijk naamwoord staat vaak  direct vóór  een zelfstandig naamwoord. 

  • De gelukkige jongen 
  • De warme zomers 
  • Een grappig kind

Slide 6 - Slide

This item has no instructions

Het bijvoeglijk naamwoord
Soms staat het bijvoeglijk naamwoord aan het einde van de zin. 

De bal is rond. 
De huizen zijn nieuw. 
De muziek is goed.

Slide 7 - Slide

This item has no instructions

Meerdere bijvoeglijke naamwoorden in een zin
Een zin kan ėėn of meer bijvoeglijke naamwoorden hebben.
Voorbeeld:
Mijn oom is een sterke en aardige man.
Ik ben vriendelijk en behulpzaam.
Mijn trouwe hond is erg speels.

Slide 8 - Slide

This item has no instructions

Wat is in deze zin het bijvoeglijk naamwoord?

Dian schreef een keurige mail.
A
schreef
B
een
C
keurige
D
Dian

Slide 9 - Quiz

This item has no instructions

Wat is in deze zin het bijvoeglijk naamwoord?

Heb jij die leuke video gezien?
A
leuke
B
video
C
gezien
D
jij

Slide 10 - Quiz

This item has no instructions

Wat is in deze zin het bijvoeglijk naamwoord? (meer mogelijkheden)

Mijn grijze kat ligt in haar knusse bed.
A
grijze
B
kat
C
bed
D
knusse

Slide 11 - Quiz

This item has no instructions

Wat is een bijvoeglijk naamwoord?
A
Dit woord zegt iets over een werkwoord.
B
Dit woord zegt iets over een voorzetsel.
C
Dit woord zegt iets over een zelfstandig naamwoord.
D
Dit woord zegt iets over een lidwoord.

Slide 12 - Quiz

This item has no instructions

 -e of geen e
Vaak komt er een -e achter het woord, maar niet altijd. 
Staat het adjectief aan het einde van de zin, dan staat er GEEN -e erachter!
  • Een leuke klas. / De klas is leuk.
  • De grappige jongen. / De jongen is grappig.
  • Het prachtige vakantiehuis. / Een prachtig vakantiehuis.

Slide 13 - Slide

This item has no instructions

 -e of geen e
Met -e:
  • Na het lidwoord 'de' en 'het' 
  • De grote jongen. / Het lekkere gerecht.

  • Na het lidwoord een' als het woord een de-woord is (mannelijk of vrouwelijk)
  • Een leuke vriendin(de) / Een fantastische show(de)

  • Als er géén lidwoord voor een woord in het meervoud staat
  • Slimme leerlingen. / Grote groepen.


Slide 14 - Slide

This item has no instructions

Hoe schrijf je het bijvoeglijk naamwoord?

Slide 15 - Open question

This item has no instructions

Hoe schrijf je het bijvoeglijk naamwoord?

Slide 16 - Open question

This item has no instructions

Het stoffelijk bijvoeglijk naamwoord
  • Een stoffelijk adjectief vertelt je van welk materiaal iets gemaakt is. 

Voorbeelden:
  • Het gouden horloge.
  • Een papieren tas.
  • De houten tafel.

Slide 17 - Slide

This item has no instructions

Hoe schrijf je het stoffelijk bijvoeglijk naamwoord?
Schrijf -en achter het materiaal.
houten / papieren / zilveren / ijzeren

Enkele uitzonderingen: 
plastic, badstof, nylon, aluminium en suéde!

Slide 18 - Slide

This item has no instructions

Hoe schrijf je het stoffelijk bijvoeglijk naamwoord?

Slide 19 - Open question

This item has no instructions

Hoe schrijf je het stoffelijk bijvoeglijk naamwoord?

Slide 20 - Open question

This item has no instructions

Maak het werkblad

Slide 21 - Slide

This item has no instructions

Ik weet nu de regels over het bijvoeglijk naamwoord.
😒🙁😐🙂😃

Slide 22 - Poll

This item has no instructions

Regels:
  • Een zelfstandig naamwoord is een mens, plant, dier, ding of naam.
  • Een bijvoeglijk naamwoord zegt iets over een zelfstandig naamwoord.
  • Een bijvoeglijk naamwoord staat vaak voor het zelfstandig naamwoord, maar niet altijd. 

Slide 23 - Slide

This item has no instructions

  • Als het bijvoeglijk naamwoord achter het zelfstandig naamwoord staat, komt er nooit een e achter.
  • Als het bijvoeglijk naamwoord voor het zelfstandig naamwoord staat krijgt het wel en extra e. alleen soms bij een niet (het-woord)
  • Een stoffelijk bijvoeglijk naamwoord (vastpakken) zoals gouden en houten krijgt altijd -en Uitzonderingen: plastic aluminium

Slide 24 - Slide

This item has no instructions