Spelling H3: verleden tijd van sterke ww

Welkom!
Pak je leesboek.
Verder vandaag:
Afronden paragraaf 8
Start paragraaf 9 
1 / 17
next
Slide 1: Slide
NederlandsMiddelbare schoolmavo, havo, vwoLeerjaar 1

This lesson contains 17 slides, with interactive quizzes and text slides.

Items in this lesson

Welkom!
Pak je leesboek.
Verder vandaag:
Afronden paragraaf 8
Start paragraaf 9 

Slide 1 - Slide

Bespreken huiswerk
Opdracht 4 t/m 7 van paragraaf 8.

Slide 2 - Slide

Werkwoordspelling
 paragraaf 9
De verleden tijd van sterke werkwoorden

Slide 3 - Slide

Luister goed..

Opdracht: turf/ tel hoeveel foute combinaties van het hele werkwoord en persoonsvorm verleden tijd in  het gedicht voorkomen.

Slide 4 - Slide

Hoeveel fouten telde je?

Slide 5 - Slide

De pvvt: sterke werkwoorden
Bij sterke ww verandert de klank in de vt.
bied -> bood, denk -> dacht, zwemmen -> zwommen, blazen -> bliezen

Je schrijft de pv van sterke ww in de vt zo kort en eenvoudig mogelijk.

Slide 6 - Slide

Hoe schrijf je de pvvt van sterke ww?
Verleng het woord om erachter te komen of een woord op een d of een t eindigt.
Bijvoorbeeld:
Ik ..... (bijten). --> Ik beet (want: wij beten).
Hij ..... (vinden). --> Hij vond (want: wij vonden).

Slide 7 - Slide

Hoe schrijf je de pvvt van sterke ww?
Schrijf het woord zo kort en eenvoudig mogelijk. Gebruik nooit twee dezelfde klinkers of medeklinkers achter elkaar (dus ook geen -dd of -tt), behalve als dit voor de uitspraak nodig is.

Denk aan: schrikken -> schrokken, beginnen -> begonnen.

Slide 8 - Slide

reed
kwam
hield
bracht
zagen
verslond

Slide 9 - Drag question

Vul de pvvt in..
..van de gevraagde sterke werkwoorden.

Slide 10 - Slide

Tijdens zijn debuut in het eerste elftal .... (mogen) Yassine een penalty nemen.

Slide 11 - Open question

Daardoor ..... (winnen) zijn team de wedstrijd.

Slide 12 - Open question

De voetballers ..... (eten) na de wedstrijd eerst samen een patatje in de kantine.

Slide 13 - Open question

Hierna ..... (vertrekken) ze pas naar de kleedkamer.

Slide 14 - Open question

De legendarische voetballer ... (geven) commentaar op de wedstrijd van het Nederlands elftal.

Slide 15 - Open question

Zijn woorden .... (klinken) logisch.

Slide 16 - Open question

Aan de slag
Maak opdracht 1 t/m 3 van paragraaf 9 (blz 256-257). 

Slide 17 - Slide