bigterugblikdm

Het Het programma


  • Aanwezigheid registratie/afspraken/check in

  • Terugblik: DM, preventie

  • Leerdoelen

Theorie: ziektebeelden

  • Multiple Sclerose

    • Collitis ulcerosa

    • Ziekte van Crohn

    • Dwarslaesie

    • Niet aangeboren hersenletsel (NAH)

    • COPD

    • Artherosclerose

    • Hypertensie

    • Ziekte van Parkinson

Oefenen met werkvormen

Casus-rapporteren

Mind-map

  • Praktijk: examen oefenen

  • Evaluatie

    • Leerdoelen

    • Algemeen

  • Vooruitblik


1 / 13
next
Slide 1: Slide
New lesson editorVerpleging en verzorgingHBOStudiejaar 2

This lesson contains 13 slides, with interactive quiz and text slides.

time-iconLesson duration is: 40 min

Items in this lesson

Het Het programma


  • Aanwezigheid registratie/afspraken/check in

  • Terugblik: DM, preventie

  • Leerdoelen

Theorie: ziektebeelden

  • Multiple Sclerose

    • Collitis ulcerosa

    • Ziekte van Crohn

    • Dwarslaesie

    • Niet aangeboren hersenletsel (NAH)

    • COPD

    • Artherosclerose

    • Hypertensie

    • Ziekte van Parkinson

Oefenen met werkvormen

Casus-rapporteren

Mind-map

  • Praktijk: examen oefenen

  • Evaluatie

    • Leerdoelen

    • Algemeen

  • Vooruitblik



Check-in: How are you feeling today?

Wat betekent GVO?

A. Gezond Verzorgend Onderwijs
B. Gezondheidsvoorlichting en Opvoeding
C. Geneeskundige Verpleegkundige Ondersteuning
D. Gezondheidszorg Voor Ouderen



  • A. Gezond Verzorgend Onderwijs
    B. Gezondheidsvoorlichting en Opvoeding ✅
    C. Geneeskundige Verpleegkundige Ondersteuning
    D. Gezondheidszorg Voor Ouderen


Welke vorm van preventie richt zich op het voorkomen van ziekte?

A. Primaire preventie
B. Secundaire preventie
C. Tertiaire preventie
D. Palliatieve preventie



A. Primaire preventie ✅
B. Secundaire preventie
C. Tertiaire preventie
D. Palliatieve preventie


Revalidatie na een beroerte is een voorbeeld van:

A

Primaire preventie

B

Secundaire preventie

C

Tertiaire preventie

D

Gezondheidsbevordering

Oefening: Symptoom Match – Hypo of Hyper?


Bij een Lage bloedsuiker? onder 4 mmol/l:

Zweten

Trillen

Hartkloppingen

Prikkelbaarheid

Verwarring

Hoofpijn

Bleek zien

Flauwvallen (in ernstige gevallen)

Bij eenhoge bloedsuiker? boven 10 mmol/l:

Bij een hyper (hoge bloedsuiker):

Droge mond

Veel dorst

Vaak plassen

Misselijkheid

Wazig zien

Sufheid (bij ernstige hyper kan zelfs bewustzijnsverlies optreden)



Welke van de volgende 2 voedingsmiddelen kan een diabetespatiënt eten?