Les 3

Les 3
1 / 23
next
Slide 1: Slide
NT2HBOStudiejaar 2

This lesson contains 23 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 89 min

Items in this lesson

Les 3

Slide 1 - Slide

Huiswerk 
Opdracht held
vocabulaire blz. 39 t/m 41
Maken opdracht 18
Voorbereiden opdracht 19 (jullie samen)
Bekijk het filmpje over Willem van Oranje

Slide 2 - Slide

Opdracht Held
- Kies een persoon uit die voor jou een held/ of belangrijk voor je is
- Vertel de volgende les over deze held.

- Geef een korte omschrijving van deze persoon: Karaker/ uiterlijk
- In welke tijd heeft deze persoon geleefd?
- Wat was zijn/haar beroep?
- Waarom heb je voor deze persoon gekozen?
- Wat voor belangrijks heeft hij/ zij voor het land gedaan?

Slide 3 - Slide

Vragen
1 In welke stad is Willem van Oranje vermoord?
2 In welke eeuw?
3 In welk gebouw?
4 Welk lied is een eerbetoon voor Willem van Oranje?
5 Uit hoeveel coupletten bestaat dit lied?
6 Wat betekent vrij onverveerd?

Slide 4 - Slide

Maak de zinnen af:
lees de zin, de ander maakt de zin af met een gekozen conjunctie of adverbium.

Slide 5 - Slide

Ik had een slechte dag, …
Het regent buiten, …
Ik ben moe, …
Het examen was moeilijk, …
Ik heb weinig tijd, …
Het plan werkt niet meteen, …
Ik maak soms fouten, …
Het is een drukke week, …
Ik voel me niet zo goed vandaag, …
Het lukt nog niet, …
daardoor
toen
tenzij = unless
hoewel = although
doordat
voordat
zolang = as long as
zodra = as soon as 
want
maar
en 
dus
daarom
daarna
daarvoor
daardoor

Slide 6 - Slide

Herhalen voca
Maak zinnen met de volgende woorden. Probeer met de volgende woorden zinnen te maken.

- geloofwaardig en aarzeling
- overbelast en gevoelig

Slide 8 - Slide

Nederland is een monarchie
We hebben een koning en een koningin

Willem- Alexander
Maxima

Slide 9 - Slide

Willem-Alexander is nu 13  jaar koning.

Hij volgde zijn moeder op: koningin Beatrix

1980
t2013

Slide 10 - Slide


Hoe heet onze koning?
A
Willem
B
Willem-Alexander
C
Alex
D
Xander

Slide 11 - Quiz

Op welke dag is de Koning jarig?
A
25 april
B
26 april
C
27 april
D
28 april

Slide 12 - Quiz


Waar viert de koninklijke familie dit jaar Koningsdag?
A
Dokkum
B
Wassenaar
C
Tilburg
D
Amsterdam

Slide 13 - Quiz

Wat is het geboortejaar van de koning?
A
1964
B
1965
C
1966
D
1967

Slide 14 - Quiz

Hoe heet de markt waar je (oude) spullen mag verkopen (belastingvrij)
A
de koemarkt
B
de kaasmarkt
C
de vrijmarkt
D
de Koningsmarkt

Slide 15 - Quiz

Hoe heet de oudste dochter van Willem-Alexander en Máxima?
A
Prinses Alexia
B
Prinses Ariane
C
Prinses Amalia
D
Prinses Beatrix

Slide 16 - Quiz

Wat is dit?
A
Stroopwafel
B
Oranje tompouce
C
Hagelslag
D
Drop

Slide 17 - Quiz


Welke prinses wordt ook wel 
'gravinfluencer' genoemd?
A
Amalia van Oranje
B
Eloise van Oranje
C
Christina van Oranje
D
Beatrix van Oranje

Slide 18 - Quiz


Sinds wanneer is rood-wit-blauw 
de driekleur van Nederland?
A
1596
B
1854
C
1937
D
1945

Slide 19 - Quiz


In welk jaar trouwden Willem-Alexander en Maxima?
A
2001
B
2002
C
2011
D
2012

Slide 20 - Quiz


Hoe heet het werkpaleis van de koning?
A
Paleis Noordeinde
B
Slot Loevestein
C
Paleis Huis ten Bosch
D
Kasteel Drakensteijn

Slide 21 - Quiz

Huiswerk
- Vertel over je droombestemming 
- Lees de structuurwoorden op blz. 48 en schrijf een korte tekst over je wensen in de toekomst. (Schrijf een kort verhaaltje en gebruik 'zoud(en)' en 5 structuurwoorden. (max 50 woorden).
- bereid opdracht 34 voor (gebruik het overzicht van de onregelmatige werkwoorden vanaf blz. 277)
- (opdrachten preposities 31, 32, 33 eventueel zelf)

Slide 22 - Slide

Zouden als wens
Kies een reisbestemming:


Waar zou je naartoe willen gaan?    Met wie zou je willen gaan?
Wat zou je willen doen?                          Wat zou je niet willen doen?
Wat zou je willen zien?                   Hoe zou je willen  overnachten?  Met welk vervoermiddel?    Wat voor souvenir zou  je   kopen?


Slide 23 - Slide